Meditatie Stille Zaterdag 2019

Meditatie Stille Zaterdag 2019
Schriftlezing: Mattheüs 27:57-61

In de afgelopen weken heb ik veel naar de Matthäuspassion van J.S. Bach geluisterd.
Het begin met een uitvoering in de Laurenskerk in Rotterdam begin april
Daarna heb ik deze muzikale vertelling van het lijdensevangelie door Bach
veel nageluisterd tijdens de voorbereiding voor preken en meditaties.
Bij het beluisteren bleef er één aria in mijn herinnering hangen.
Deze aria was mij eigenlijk nooit opgevallen,
maar al luisterend vond ik het de mooiste aria uit deze Passion.
De woorden die bij mij bleven hangen, waren:
Ik wil Jezus zelf begraven.
Aria “Mache, Dich, mein Herze, rein”
Steeds bij het beluisteren maakten deze woorden indruk,

want ze verwoorden een eerbetoon aan Christus.
Zo wil Bach ons betrokken maken bij wat er aan het kruis gebeurde:
We zijn er zelf bij, we zijn getuige hoe Jezus stierf voor onze zonden.
Het bijzondere in de tekst die Bach gebruikt is dat Jezus niet begraven wordt
in de tuin van Jozef van Arimathea, maar in het eigen hart.
Zo komt het tot een nauwe verbinding tussen Christus die stierf aan het kruis en ons.
Hij stierf voor ons en met ons daar op Golgotha.
We gingen met Hem mee aan het kruis.
Als Hij gestorven is, krijgt Hij een plaats in ons hart, om daar te rusten
van de strijd die Hij voor ons gevoerd heeft.
En meer nog: niet alleen om te rusten,
maar om ons hart steeds meer van zich te maken.
Als Hij daar is in ons hart, al wordt Hij dan begraven op met Pasen opgewekt te worden,
wordt ons hart steeds meer en meer van Hem.
Daar begraven in ons hart, neemt Hij steeds meer ons hart in beslag.
Ons hart mag alleen maar van Hem zijn.
Daarom begint de aria met een andere regel
en niet de regel die bij mij was blijven haken:
Het begint ermee, dat we de wereld uit ons hart uitbannen:
Wereld, ga uit mijn hart,
wereld die mij tot zonde verleidt en mij in dienst van de satan doet zijn.
Er is geen plek meer voor jou, wereld, want Christus moet in mijn hart.
Hij heeft Zijn leven gegeven, het hoogste offer dat gebracht kon worden,
heeft Hij gebracht – Zijn eigen leven.
We kunnen niet over het kruis nadenken of bij het kruis stilstaan.
Er is werk aan de winkel, er moet aan ons hart gewerkt worden,
in ons hart ruimte voor Christus.
Misschien is het voor u niet een begraven van Christus in uw hart.
Dat is alleen maar een manier om uit te leggen
Wat de begrafenis van Christus voor ons nu betekent,
voor ons, die zoveel eeuwen na de begrafenis later leven.
Het bijzondere van de aria van Bach vind ik het eerbetoon
dat aan Jezus gegeven wordt, omdat Hij gestorven is aan het kruis.
Voordat er het verdriet is en er gerouwd wordt om de dood van onze Heer
is er eerst de dankbaarheid dat Hij zijn leven gaf.
Dat Hij wilde sterven aan het kruis.
Dat Hij wilde afdalen in onze zonden en wilde afdalen in het rijk van de dood.
Elke keer als we daarover nadenken, kunnen we iets beseffen
van wat dat voor Hem betekende: hoe diep Hij moest gaan.
En kunnen we ook iets begrijpen van het ontzaglijke wonder
wat dat voor ons betekent: dat Hij redding bracht en leven.
Vanavond zingen we die weg die onze Heere ging,
met de woorden en de muziek, die we zingen of die via het koor tot ons komen,
komen wij bij het kruis staan, zijn we bij het graf als Jezus begraven wordt,
zijn we erbij als Jezus opstaat uit de dood
en de vrouwen op weg gaan en een leeg graf aantreffen
en later Jezus als levende ontmoeten.
WE zingen erover wat onze Heer voor ons heeft gedaan,
Welke weg Hij moest gaan en wat het ons brengt.
We verwoorden in de liederen die we zingen onze dankbaarheid,
onze aanbidding voor onze Heer die voor ons wilde gaan.
Dankbaarheid dat Hij in ons hart wil komen,
dankbaarheid dat ons hart gereinigd wordt
dat de wereld uit ons hart kan en Christus daar kan komen.
Het is mooi dat er koren zijn die voor ons zingen:
Want als je het van een ander hoort, dan neem je het soms sneller aan
dan wanneer je het tegen jezelf moet zeggen.
Het is mooi dat er koren zijn, die al weken oefenen en repeteren
om ons mee te nemen in de liederen
naar Getsemané, naar Golgotha, naar de hof van Jozef van Arimathea.
Zodat we er deelgenoot van zijn, zodat we zien hoe Jezus lijdt,
zodat we met de ogen van ons geloof zien hoe Jezus daar aan het kruis
de straf draagt die ik had verdiend.
Al zingend gaat ons hart open voor Hem
en komt Hij binnen, de levende Heer, die gestorven is en begraven werd
en  zo mijn hart maakt tot de plek waar Hij ook woont.
En als Hij daar is in mijn hart, groeit mijn liefde voor Hem steeds meer en meer:
Mijn Jezus ik houd van U. Amen

Stille Zaterdag

Stille Zaterdag

Volgens Gerhard Sauter (systematisch theoloog) is er geen Pasen mogelijk zonder Stille zaterdag. Stille zaterdag is de dag waarop de gestorven Jezus in het graf verbleef. Volgens Sauter mag iemand, die zich voorbereid op de verkondiging met Pasen niet aan deze dag voorbij gaan.

Hij wijst op het schilderij van Hans Holbein de Jonge, die in 1521/1522 “de dode Christus in het graf” geschilderd heeft.

6859001

Wie dit schilderij ziet, beseft dat Jezus ook daadwerkelijk gestorven is. Holbein schilderde een onverbloemd weerloos lichaam dat prijsgegeven is aan de verschrikkingen van de dood. De gesloten ogen zijn naar boven gericht zonder nog ergens op te hopen. Wie dit schilderij gezien heeft in het Basler Kunstmuseum kan zich niet meer ontdoen van dit aangrijpende realisme. Wie het schilderij op zich heeft laten inwerken zet elke gedachte over een mogelijke betekenis van de graflegging van zich af.
Op afbeeldingen van de kruisafname is nog te zien hoe het lijk nog wordt omringd door de liefde van de omstanders, die het nog hun liefde betonen aan het geschonden lichaam. Maar als zij Jezus hebben begraven, moeten zij Hem alleen laten. Jezus die gekruisigd is, is dood. Definitief afgedaald in het rijk van de dood. Hij is solidair met allen die van God verlaten zijn en aan die Godverlatenheid lijden. Toch is hij volkomen passief. Nog radicaler passief dan Hij in Zijn sterven was, waarin Hij leed door en aan het handelen van God.

Dat Jezus bij de doden is, werd reeds vroeg gezien als een glorieuze strijd die zich uitstrekte tot in het dodenrijk. Er zijn afbeeldingen en verhalen over hoe Jezus uit het dodenrijk opstijgt samen met de doden door zijn aan het kruis verkregen macht, om de gestorvenen te redden. Heldhaftig strijdt Hij met de machten van de onderwereld en weet hen te verslaan. Dan stijgt Hij, triomferend, weer op naar de aarde.
Maar de formulering nedergedaald in het rijk van de dood (of nedergedaald tot in de hel – ‘inferna’: dat is wat onder ons, de levenden, zich bevindt) moet niet verkeerd begrepen worden alsof het hier gaat om een triomfantelijke uitspraak.

MantegnaToterChristus

Beklemmende stilte
In het graf van Jezus heerst een beklemmende stilte: de stilte van de dood.
Stille Zaterdag wordt in de protestantse vroomheid en de protestantse theologie overgeslagen. Wat op deze zaterdag ‘beleefd’ wordt en waar wij op deze dag bij stil moeten staan, wordt meestal overgedragen naar Goede Vrijdag: Jezus die voor ons allen, de goddelozen, sterft, overwint de macht van de dood. Dat stemt overeen met de lijdensgeschiedenis, zoals het evangelie van Johannes dat weergeeft: Het is volbracht. Maar dat mag ons er niet toe brengen Goede Vrijdag en Pasen samen te denken, om kruis en opstanding aaneengeschakeld te zien. Stille Zaterdag onderbreekt en doorbreekt de gang van Goede Vrijdag naar Pasen. Tussen kruis en opstanding is een radicale breuk, geen geleidelijke overgang: de deur is in het slot gevallen. Onherroepelijk. De graflegging is aanstootgevend en we mogen niet over het aanstootgevende van Stille Zaterdag heen springen. In oudere gezangboeken stonden liederen die dit aanstootgevende bewaard hebben:

De wereld gaf
Hem slechts een graf,
zijn wonen was Hem zwerven;
al zijn onschuld werd Hem straf
en zijn leven sterven
(Gezang 195:2 – Liedboek voor de Kerken)

Sauter geeft aan hoe dit gezang voor hem onmisbaar is bij de voorbereiding op Stille Zaterdag en Pasen, omdat dit lied de breuk doet beseffen tussen Goede Vrijdag en Pasen.

(Nieuwe ontwikkelingen: In het Gottesdienstbuch van 2000 wordt er een nieuwe voorstel voor de viering van Stille Zaterdag voorgesteld en sinds 2008 heeft de Göttinger Predigtmeditation weer een homiletisch voorstel voor Stille Zaterdag.)

N.a.v. Gerhard Sauter, “An Ostern die Auferstehung predigen”, Göttinger Predigtmeditationen 63 (2009) 153-165

Door het schilderij van Hans Holbein de Jonge geïnspireerd:
BöcklinTrauerderMariaMagdalena

Stille Zaterdag

Stille Zaterdag
…de sabbat brak aan (Lukas 23:54b)

Het is vandaag Stille Zaterdag. Ik weet niet hoe dat bij u is, maar zelf weet ik nooit zo goed wat ik van deze dag moet vinden. Wat horen we op Stille Zaterdag wel te doen? Wat is niet gepast op Stille Zaterdag? Hoort het leven op de normale manier verder te gaan? Moeten we treuren, in rouwe verkeren, omdat we eraan denken hoe onze Heer in het graf lag en dood was?
Het lijkt er wel op, als we dat gedeelte uit Lukas lazen over hoe de Heere Jezus in het graf is gelegd. Lukas lijkt wel alle nadruk erop te leggen dat alles is afgelopen: Het leven is van Jezus geweken. Hij heeft de geest gegeven. Wat er overblijft, is een levenloos lichaam. De zaak is voorbij. Over en uit.
Wat er overblijft is de herinnering aan Jezus: wat Hij tijdens Zijn leven deed, Zijn tragische en wrede dood. Het enige dat zijn volgelingen kunnen doen, is ervoor zorgen dat Hij een waardige begrafenis krijgt. Zodat het lichaam van Jezus niet verdwijnt in een anoniem massagraf. Enkele volgelingen vragen bij Pilatus het lichaam op om van Zijn graf een monument te maken. In de hoop dat de wonderlijke kracht, die Hij tijdens Zijn leven bezat, ook nog na zijn dood zou doorwerken. Een profeet, miskend door Zijn eigen volk. Zelfs gedood door Zijn geloofsgenoten.
Als dit de betekenis is van de graflegging van Jezus zouden we inderdaad op deze dag moeten treuren en terugdenken aan de dagen, dat Zijn lichaam in het graf lag. Dan zou Stille Zaterdag een dag van verontwaardiging moeten zijn vanwege het onrecht dat Hem is aangedaan door Hem te kruisigen.
Lukas geeft echter één signaal, waardoor we niet deze kant op moeten denken. Eén signaal in zijn tekst, waardoor Stille Zaterdag een heel andere betekenis krijgt: Stille Zaterdag is namelijk een sabbat. Lukas vertelt dat ook: de dag van de sabbat brak aan. Het kan zijn dat het ons niet zoveel zegt. Of dat we dat opvatten als dag van nationale rouw: na een ingrijpende gebeurtenis ligt alles stil. De winkels zijn gesloten, de overheidsgebouwen. Er wordt niet gewerkt.
Deze gedachte kan versterkt worden door wat we lezen over de vrouwen: zij rusten op de sabbat, zoals volgens het gebod is voorgeschreven.
Voor ons betekent de sabbat wellicht, dat de volgelingen van Jezus gedwongen worden om even niets te doen; een hinderlijke dag die eigenlijk snel voorbij moet zijn, zodat het eigenlijke waar het om gaat snel kan beginnen: de opstanding op de eerste dag van de week.
Maar wat is de sabbat? Waarom ligt de Heere Jezus op de sabbat in het graf? De sabbat is een rustdag. Niet alleen de rustdag van de mensen; over de allereerste sabbat zegt de Bijbel dat de Heere rustte. Het werk van de schepping was gebeurt. Lukas wijst er ons niet voor niets op, dat de Heere Jezus tijdens de sabbat in het graf ligt. Hij wil ons daarmee zeggen: het werk zit erop. Het werk is voltooid.
Waarom had de Heere de sabbat ingesteld? Om ons mensen te laten zien dat elke dag die na deze eerste sabbat volgde wil ons zeggen: God heeft de hemel en de aarde geschapen, de wereld waarin wij leven is voortgekomen uit Zijn spreken, uit Zijn werken. Elke dag die daarop volgde herinnert ons eraan, dat God de schepper is. Elke dag na deze eerste sabbat herinnert ons aan de trouw van God. Hij geeft niet prijs, wat Zijn hand begon. Elke dag die wij ontvangen, zegt ons dat God weer scheiding maakt tussen de duisternis en het licht. Zegt ons, dat God niet wil dat ons leven door de duisternis wordt beheerst. Door de duisternis van het kwaad en van het lijden. Hoe zwart en donker het ook op aarde kan zijn, de duisternis zal nooit definitief zijn. God doet de dag weer aanbreken.
De sabbat werd ingesteld om Zijn volk te dat te laten weten. Een dag in de week moest het werk rusten, om te beseffen dat het de Heere is die werkt. Dat Zijn trouw van dag tot dag doorgaat. Dat er geen moment komt, waarop Hij deze wereld loslaat. Op de sabbat wordt er niet gewerkt om te weten dat God werkt.
Als Jezus in het graf gelegd wordt, breekt de sabbat aan. Het werk van God is voltooid. Nu is het geen, maar verlossing. Nu wordt niet alleen de duisternis van het kwaad en van het lijden beteugeld, maar ook de nacht en de duisternis van de zonde. Stille Zaterdag, de dag waarop het lichaam van Jezus in het graf lag, wil zeggen: elke dag en elke week die nu volgt, volgt na wat Jezus heeft volbracht aan het kruis op Golgotha. Heel de wereldgeschiedenis die volgde, ons leven dat daarop volgde kan moet gezien worden in het licht dat straalt van het kruis op Golgotha, het licht van Gods genade.
Bij de sabbat denken wij wellicht aan een dag, die ons niet goed uitkomt. We worden onderbroken in het werk dat wij doen of willen doen. Dat is niet voor niets, dat de vrouwen op deze dag niets kunnen doen, niets mogen doen. De sabbat wijst vooruit naar de dag die volgt: de eerste dag van een nieuwe week, de eerste dag van een nieuw tijdperk waarin Jezus de Levende is, de tijd waarin gesproken kan worden over verzoening en vergeving van zonde. De sabbat geeft aan: wij mogen niet werken, omdat God werkt. Stille Zaterdag is een sabbat om aan te geven dat alles van de opstanding van Christus geen mensenwerk is, maar werk van God. Stille Zaterdag is voor mensen het einde, maar voor God niet. Voor God de voorbereiding van de grote triomf: Pasen, de opstanding van Christus, waarin aan ons wordt getoond: het is volbracht.
Amen

Meditatie tijdens de uitvoering van Vox Humana op Stille Zaterdag in de Dorpskerk van Oldebroek