(kerkelijk) pionieren met jongeren

(kerkelijk) pionieren met jongeren

Afgelopen zaterdag kreeg ik een (Duits) boek toegestuurd om te lezen en een bespreking te schrijven. Dat boek gaat over hoe binnen het kerkelijk jongerenwerk jongeren bereikt kunnen worden, die nu geen band met de kerk hebben. In dit boek komen twee werelden bij elkaar: het kerkelijk jongerenwerk en de pioniersplekken, waarin men probeert om mensen die nu geen band met de kerk hebben in aanraking te brengen met het evangelie.

Het boek begint met een weergave van de leefwereld van de jongeren:
De maatschappij verandert en die veranderingen raken jongeren en hun leefwereld. Hoe kan kerkelijk jongerenwerk op die veranderingen inspelen door nieuwe vormen te ontwikkelen en bestaande vormen die goed werken te versterken?
61uYeLP2M-L
Alles bij het oude houden kan niet. Evenmin kan een radicale vernieuwing slagen. De toekomst van kerkelijk jongerenwerk bevindt zich – net als de toekomst van de kerk als geheel – ‘tussen traditie en innovatie’ (zoals de titel aangeeft). Wat zijn dan die veranderingen? In grote, algemene woorden:
– Pluralisering
– Globalisering
– Digitalisering
– Secularisatie
Wie zich inzet in het jongerenwerk of daar beroepsmatig mee bezig is, weet dat dit niet alleen theoretische begrippen zijn. 

Wie zijn die jongeren eigenlijk? Welke band hebben zij met kerk en geloof? Kan het kerkelijk jongerenwerk iets voor hen zijn? Om die vragen te beantwoorden is het nodig om te weten over welke groep je het hebt. Jongeren zijn tussen de 14-18 jaar. Ze zijn echter een diverse groep. Naast een verschil in opleiding is er een verschil in sociale leefwerelden.

Verschillende milieus
Het Duitse onderzoeksinstituut SINUS onderscheidt 7 verschillende soorten milieus van jongeren, verdeeld over de assen: opleidingsniveau (laag of hoog) en opvattingen (traditioneel – modern – postmodern). Dan zijn er de volgende milieus:
– hoog opgeleid & traditioneel: burgerlijk-conservatief
– laag opgeleid & traditioneel: precair
– hoog opgeleid & modern: sociaal-ecologisch
– laag opgeleid & modern: adaptief-pragmatisch / materialistische hedonisten
– hoog opgeleid & postmodern: expeditive (de snelle netwerkers die op succes en lifestyle zijn gericht)
– laag opgeleid & postmodern: experimentele hedonisten.
2016-09-07_Lebenswelten_14-17-Jährige_C-SINUS_web60_klein_PNG
(Een wat vergelijkbaar Nederlands model is het Mentality-model van Motivaction)

Eigen sociaal milieu
Kerkelijk jongerenwerk is vooral gericht op jongeren uit het eigen sociale milieu. Jongerenwerk kan zich ook niet op alle milieus richten. Het is niet mogelijk een vorm te vinden waarin alle milieus zich herkennen. Daarvoor is het verschil in opleiding en basiswaarden te groot. De vraag daarbij is: Op welke sociale groepen is het kerkelijk jongerenwerk eigenlijk gericht? Welke krijgen de meeste aandacht? Welke milieus vallen buiten de boot?

Tegenover de heterogeniteit van de jongerenwereld staat vaak een homogeniteit aan kerkelijk jongerenwerk. Om jongeren uit verschillende sociale milieus en met verschillende basiswaarden te bereiken is een divers aanbod van kerkelijk jongerenwerk nodig.

Geen “dubbele bekering”
Heinzpeter Hempelmann (een theoloog die veel bezig is met de thematiek van sociale milieus) waarschuwt voor de neiging “een dubbele bekering” van jongeren te verlangen: een bekering tot het evangelie én tot het burgerlijk-conservatieve of sociaal-ecologische milieu. Volgens hem is er een ander perspectief nodig: kerk, gemeente en de inhoud van het geloof kunnen zich pas in de leefwereld van de verschillende milieus verankeren wanneer ze relevant zijn en passen binnen dat milieu en functioneel zijn voor de in dat milieu heersende logica.

Uitdagingen voor het kerkelijk jongerenwerk
Kerkelijk jongerenwerk staat voor een aantal uitdagingen:
– gebrek aan tijd (veel jongeren hebben weinig echte vrije tijd)
-gebrek aan genoeg medewerkers
– gebrek aan (creatieve) methoden om bepaalde doelgroepen, war geen natuurlijke affiniteit mee is, te bereiken

Bereiken doelgroep
Er zijn twee stappen belangrijk om die doelgroepen wel te bereiken:
– Het afleren van de vertrouwde beelden van geloof, kerk en bereikbaarheid.
– Oog krijgen voor de jongeren en hun leefwereld in beeld krijgen (luisteren en begrijpen).

Onderzoeken
Er is veel onderzoek gedaan naar jongeren en geloof. De uitkomsten verschillen nogal. Drie opvallende dingen:
– Jongeren knutselen hun eigen geloof bij elkaar.
– Geloof wordt vooral aan emoties en ervaringen verbonden.
– Instituties als kerk hebben voor hen weinig betekenis.

Traditioneel
Veel kerkelijk jongerenwerk is nog op traditionele leest geschoeid, waardoor het voor een deel niet aantrekkelijk is voor hen. Ze vormen hun geloof liever zelf. Alleen als er vertrouwen is (en hen niet alles wil voorschrijven) kan men jongeren daarbij helpen. De instituties veranderen zelf ook. Zo wordt het aandeel van degenen die wel lid zijn en zich verbonden weten met de kerk maar geen intensief contact hebben (de zgn ‘randleden’) kleiner. De kerk wordt kleiner, maar de leden participeren meer.

Daling
Het aantal catechisanten daalt aanzienlijk. In het kerkelijk jongerenwerk (en catechese?) worden vooral degenen bereikt die reeds actief in de kerk participatie. Jongeren hebben te maken met de secularisatie onder eerdere generaties. Daardoor staat de kerk op een behoorlijke afstand. Zelfs als ze zelf wel tot een kerk zouden willen toetreden. Een extra complicatie voor kerkelijk jongerenwerk is dat veel jongeren minder vrije tijd hebben dan vroeger. Daardoor hebben ze vaak geen tijd om te participeren (mochten ze wel willen)

Digital “natives”
Jongeren zijn “digital natives”: ze gaan niet online, maar zijn online. Dat wil niet zeggen dat ze allemaal competent zijn in de omgang met een online leven. Ze zijn ambivalent: ze weten van de schaduwzijde en verlangen naar onthaasting, toch zijn ze voortdurend online.

Digitale immigranten
De oudere generaties, die niet met wifi zijn opgegroeid, worden “digitale immigranten” genoemd. Het onderscheid dat digitale immigranten maken tussen virtueel contact en contact irl begrijpen digital natives niet. Voor hen gaan die werelden (haast) naadloos in elkaar over. Als het van belang is, dat jongeren ontmoet worden in hun eigen leefwereld, kunnen “digitale immigranten” de digitale wereld online niet buitensluiten. Dat is niet hetzelfde als alle sociale media en digitale middelen kritiekloos overnemen. Moet je als leiding in het kerkelijk jongerenwerk actief participeren in de digitale leefwereld van de jongeren? Het ingewikkelde is dat er nog geen goed zicht is op effect van digitalisering op jongeren. Door participatie kunnen volwassenen jongeren constructief begeleiden.

Effecten van digitalisering:
– Tempo van het leven is aanzienlijk toegenomen.
– Jongeren groeien op in een tijd van overaanbod. (Hoe kan het kerkelijk jongerenwerk laten zien dat ze iets eigens te bieden hebben?)
– Druk neemt toe en is constant:  druk om online te zijn, om te reageren en reacties te krijgen, om op de juiste manier te posten, om op de juiste manier te reageren.
– Niets blijft meer privé. Het meeste is openbaar en permanent beschikbaar. Omdat de grens tussen offline en online, irl en virtueel niet meer geldt, is er voor jongeren die online leven geen verschil meer of je beroepsmatig actief bezig bent of in privésetting bent. “Nu reageer ik als privépersoon” is in tijden van digitalisering niet vol te houden.
– Elke mening is tegenwoordig online beschikbaar. Ook irrelevante meningen en feitelijke onjuistheden zijn komen zomaar voorbij. Voeg daarbij het wantrouwen met betrekking tot gezag en tot informatievoorziening. Waar is wat als waar aanvoelt of voor mij persoonlijk waar is.
EEQ4BsqW4AAUhuc
(bron: Twitter @prof_flo )

Omdat algemene waarheden niet aanslaan, is het een uitdaging voor kerkelijk jongerenwerk om te zoeken hoe het evangelie voor hen waarheid en geloofwaardig kan zijn en de relevantie van het christelijk geloof voor hun leven kunnen ontdekken.

n.a.v. Katharina Haubold / Florian Karcher / Lena Niekler (Hg.), Jugendarbeit zwischen Tradition und Innovation. Fresh X met Jugendlichen gestalten. Serie: Beiträge zur missionarischen Jugendarbeit  4 (Neukirchen-Vluyn: Neukirchener Verlag, 2019) 7-25.

Andere bijdragen over eerdere delen uit deze serie:
uitgangspunten missionair jongerenwerk
gebrek aan tijd
recensie Handboek missionair jongerenwerk