Preek kerkproeverij, 10 september 2017

Preek kerkproeverij, 10 september 2017

Komende zondagmorgen mag ik een kerkdienst leiden in Broek op Langedijk. De gemeente doet mee met “kerkproeverij”. Daar heb ik deze preek voor geschreven

Schriftlezing: Romeinen 1:1-17, tekst: vers 16

Gemeente van onze Heere Jezus Christus, gasten in ons midden,

Waarom zou u of jij eigenlijk van de kerk moeten proeven?
Is dat net als bij verschillende verenigingen om leden te krijgen,
omdat de vereniging anders niet meer kan draaien?
Mijn vrouw wilde met een vrienden samen wat tennissen.
Dat kon op de plaatselijke tennisbaan,
maar ze moest wel eerst lid worden van de tennisvereniging
en toen ze nog maar kort lid was kreeg ze al de vraag of ze in het bestuur wilde.
Ze heeft dat niet gedaan.
Is dat de reden, omdat de kerk hier wel wat extra mensen kan gebruiken
om het gebouw te vullen op zondagmorgen of zondagavond,
of straks in het bestuur van de kerk zitting kunnen nemen
Of mee kunnen helpen met activiteiten van de kerk?

Nee, u moet het eerder vergelijken met de muziekvereniging bij ons op het dorp.
Onze muziekvereniging wil tot de beste muziekkorpsen van ons land behoren,
doet ook mee met nationale concoursen en wint eindigt vaak heel hoog, soms zelfs eerste.
Om kwaliteit te blijven behouden, steken ze veel tijd in de opleiding van jeugd.
Ze betrekken kinderen en jongeren enorm om hen de waarde van muziek te laten ervaren.
Mijn dochter van 8 kreeg via een school een uitnodiging om te komen kijken,
Ze mocht aan aantal instrumenten uitproberen en kwam enthousiast terug
met de mededeling dat ze of bugel of schuiftrombone zou kunnen spelen.
Daar ben ik erg blij mij, want ik heb zelf wel iets met muziek
en vind het mooi als mijn dochter niet alleen maar muziek kan beluisteren,
maar zelf ook actief muziek kan beoefenen. Dat is voor haar een hele verrijking.
Zo is het ook met de kerk: we hebben iets voor u, voor jou dat je leven verrijkt.
En dat is: het leren kennen van God en leren om God in je leven een plek te geven.
Niet dat wij God in de aanbieding hebben,
maar net als de muziek, dat mijn dochter geholpen wordt om muziek te maken
om helemaal op te gaan in de muziek,
kunnen wij u helpen om in aanraking te komen met God
en kunnen wij u, jou helpen om meer van God te weten te komen
en kunnen wij meehelpen en meedenken, wat jij, wat u nou aan God kunt hebben.

Nu bent u, ben jij  meegekomen, omdat je een uitnodiging hebt gehad.
Je kunt best geaarzeld hebben: kerk, geloof, God – is dat wel iets voor mij?
Een van die aarzelingen zou kunnen zijn dat je bij jezelf denkt:
Ik ben niet zo gelovig en als je in een kerk komt,
dan heb je toch mensen die alles goed weten
die heel stellig zijn, over God, over wat je wel mag en wat je niet mag.
Maar zo is het niet: de kerk is niet een club mensen die alles over God zo goed weten,
wel een groep mensen bij elkaar, een gemeenschap,
die samen op zoek is naar God en meer over Hem wilt weten
en die elkaar wilt helpen, door elkaar te vertellen hoe je iets beleeft,
door elkaar op te zoeken en samen te luisteren naar een verhaal over God,
samen te zingen en bij dat alles iets van God te ervaren.
In de kerk weten we dat God er is en dat je naar God toe kunt gaan,
maar dat wil niet zeggen dat iedereen elke dag God heel duidelijk ervaart.
Ook voor mensen hier in de kerk kan God heel ver weg zijn.
Ik bezoek vaak mensen namens de kerk
en als er dan iets moeilijks in hun leven gebeurt, dan vragen ze zich af:
Waar is God nu?
Ze kunnen teleurgesteld raken, bij een echtscheiding, als iemand ziek die ze goed kennen
en die dan veel moet lijden en niet beter kan worden.
Pas sprak ik iemand die ouderling geweest is.
Hij zei tegen mij: het geloof zegt me niet zo veel meer.
Als ik naar het nieuws kijk, dan vraag ik me af waar God is en waarom Hij er niets aan doet.
Ik ga nog wel naar de kerk, maar ik verwacht er niet veel meer van.
Ik verwacht niet dat er in de kerk iets met mij gebeurt.
Dat is juist wel de reden waarom de meesten naar de kerk gaan.
Om toch iets van God te ervaren:
De een, omdat hij of zij in de week met zoveel zorgen te maken heeft
en die wil die zorgen kwijt, of even rust, even op adem, even bijtanken.
Een ander is weer heel dankbaar en wil juist dat tegen God zeggen.
Geloven kun je misschien wel alleen doen, maar juist met elkaar kun je elkaar helpen.
Als ik God niet begrijp, kan ik als iemand op bezoek komt
of op een avond waarop we bij elkaar zijn om de Bijbel te lezen, mijn vragen stellen.
Dan wordt er geluisterd en dat is al fijn.
Door bij elkaar te komen, zoals nu vanmorgen, dan denk je er weer aan
En samen zing je, je haalt geld met elkaar op voor een goed doel,
je luistert naar een verhaal waarvan je iets wilt leren
en na de dienst spreek je nog even met elkaar om te horen hoe het gaat.
Maar het gebeurt vooral, omdat je wilt dat God een plek in je leven heeft,
omdat er die ontdekking is geweest: als ik God geen aandacht schenk, dan mis ik iets.

Om dat uit te leggen kom ik terug bij wat we in de Bijbel hebben gelezen.
We hebben met elkaar een brief gelezen, die Paulus aan een gemeente schreef,
deze mensen woonden in de grote wereldstad Rome.
Paulus schreef deze brief onder andere om uit te leggen waarom hij nooit gekomen is,
ondanks dat hij dat had beloofd.
Toen Paulus nooit kwam, waren er christenen in Rome die begonnen te lachen om Paulus.
Paulus is een angsthaas, hij durft niet.
Hij geneert zich voor zijn boodschap.
Omdat hij die boodschap niet durft te vertellen, daarom komt hij maar niet.
Hij is bang dat hij hier bij ons in zijn hemd staat.
Nee, zegt Paulus, ik schaam mij niet
en dan legt Paulus iets uit over het geloof.
Het geloof heeft een kracht – nou niet het geloof zelf,
maar de boodschap van God, Paulus noemt dat evangelie
en dat betekent goed nieuws. Goed nieuws over God,
waarvan je opveert, waardoor je opgelucht wordt,
Waardoor je echt een heel ander mens wordt, omdat er een last van je afvalt.
Die boodschap die God voor ons heeft, is goed nieuws
en niet alleen nieuws waarvan je blij wordt,
maar ook nieuws waardoor je veranderd wordt, een ander mens wordt.
Er gebeurt iets met je, het raakt je, niet alleen maar als gevoel,
maar dat nieuws over God en van God gaat ook bepalen hoe je naar jezelf kijkt.
Dat evangelie is een kracht, en niet zomaar een kracht, maar tot behoud, tot zaligheid.

Nu kun bij kracht denken aan iets dat geweldig is, iets dat je echt merkt.
Paulus schreef in het Grieks en het woord dat hij gebruikt, dynamis, daar zit dynamiet in.
Het evangelie heeft een enorme kracht.
Sommigen merken da t als het alsof de bliksem bij hen inslaat, opeens dat besef:
er is een God en ik kan niet zonder God en ik moet zorgen dat ik Hem leer kennen.
Maar vaak is die kracht veel minder sterk te merken,
haast een onmerkbare kracht, eerder heel stil en zacht,
doordat je erover na gaat denken, hé wat als er een God zou zijn
en je gaat er meer over nadenken, je zoekt op internet,
of praat met een vriend of vriendin die gelovig is om meer te weten,
je neemt een uitnodiging aan om mee te gaan naar de kerk.
Allemaal grote stappen, maar het gebeurt, zonder dat je er zelf op uit bent,
je wordt meegenomen, het gebeurt.
Een kracht, een kracht die in je werkt, want je houdt het niet tegen.

In de kerk gaat het niet alleen over God, maar ook over Jezus,
of zoals zijn andere naam: Christus.
Met deze Jezus of deze Christus heeft dat goede nieuws over God alles te maken.
Want dat verhaal van Jezus betekent, dat God niet in de hemel bleef zitten
toen het op aarde mis ging.
God, die mensen had geschapen en heel de wereld, die de wereld bestuurt,
werd zelf mens: en dat gebeurde met Jezus. God werd mens, geboren uit een mens,
de familie van David.
God kwam in onze wereld
en waarom kwam Hij?
Omdat er bij ons mensen iets was gebeurd, waardoor we niet meer bij God konden horen.
Er zit in ons mensen ook een andere kracht: een kracht van jaloezie of haat,
een kracht waarmee het mooie dat er is kapot kunnen maken,
of een kracht die ons meeneemt op de verkeerde weg,
een kracht die ervoor zorgt dat we aarzelen als het om God gaat,
of Hem uit de weg gaan.
Er is iets misgegaan tussen God en ons, en dat lag niet aan God, maar aan ons.
Maar met Jezus die op aarde kwam zegt God: Ik maak het weer goed
en ik betaal daar zelf voor, Ik offer mijzelf op, om het weer goed te maken
waardoor jij weer bij Mij kan komen, bij Mij mag horen.
Al jouw fouten, naar God toe of naar mensen om je heen,
Heb ik weggedaan, dat gebeurde aan het kruis en dat kruis stond op Golgotha.
Sindsdien is er vanuit God een uitnodiging:
Kom weer naar Mij toe, je mag bij Mij horen. Ik wil jouw God zijn.
Er staat niets meer tussen ons in.

Dat we bij God mogen horen, is een geschenk. Hij geeft dat aan ons
En we hoeven er niets voor terug te betalen,
je hoeft het alleen maar aan te pakken.
Ik vergelijk het nogal eens met het busje van TNTPost, dat bij ons in de straat komt.
Bijna elke dag wel, want we wonen op een dorp met weinig winkels
En de winkelcentra zijn verder weg.
Elke dag is er wel iemand die een bestelling heeft gedaan,
die gebracht moet worden.
Stel dat er zo’n busje in de straat komt en stopt voor uw huis.
Er wordt aangebeld, ook al heb je zelf geen pakketje besteld.
Je doet open, omdat je denkt dat er voor je buren iets moet worden aangepakt.
Maar nee, jouw naam staat erop, het is voor jou.
Zou je dat weigeren? Ik denk dat je nieuwsgierig zou zijn, het zou aanpakken.
Zo is geloof ook een geschenk,
een geschenk van God, voor jou bestemd.
Je hebt het zelf misschien niet eens besteld, maar het is wel voor jou.
Je hoeft het alleen maar aan te pakken
en dat doe je door in jezelf te zeggen: ‘Voor mij? Dankuwel.’
En als je het aanpakt, dan hoor je weer bij God.
Dan heb je niet alleen zolang je leeft iets met God,
maar ook als je leven op aarde voorbij is.
Dan mag je later bij Hem in de hemel komen.
Maar niet alleen voor de hemel, maar zolang je hier op aarde leeft,
mag je dan met God leven.
Amen

Advertenties