Advent is geen tijd voor zwakkelingen

Advent is geen tijd voor zwakkelingen

In de afgelopen adventsperiode kon ik met
Advent: The Once & Future Coming of Jesus Christ (Fleming Rutledge, twitter: @flemingrut) een boek lezen, dat paste bij de tijd van het jaar. Dit boek bevat een groot aantal adventspreken, die Rutledge in de afgelopen decennia hield. Veel van die preken zijn gehouden in New York in de Grace Church, waar ze lange tijd aan verbonden was. Het lezen van dit boek was een indrukwekkende ervaring en leerde mij veel over de tijd van advent.
advent rutledge‘Advent is geen tijd voor zwakkelingen (sissies = mietjes)’, schrijft ze herhaaldelijk in een preek. Want in de periode van advent draait het om de wereld die duister is geworden door de macht van de boze, die in deze wereld kwam. De periode van advent is de tijd om de grote vragen te stellen, te worstelen met Gods leiding en aanwezigheid in deze wereld. Want in de lezingen van advent komt naar voren dat God de verborgene is.

Een eigen tijd
Advent is voor Rutledge geen voorbereiding op het Kerstfeest, maar een eigen periode met een eigen thematiek: de wederkomst van Christus. Rutledge is opgegroeid in de Episcopale kerk (de Amerikaanse tak van de Anglicaanse kerk) en vermeldt steeds dat in haar jeugd er geen kerstversieringen waren in de kerk en ook nog geen kerstliederen gezongen wordt. In haar preken geeft ze naar gasten in de kerk aan, dat ze zich misschien verbazen over het gebrek aan kerstsfeer in de kerk. Maar, zo geeft ze aan, als je advent gaat snappen, ga je er van houden en zou je niet anders meer willen.

yY623rKO_400x400

7 weken
De periode van advent is de tijd waarin er geen grotere kloof is tussen de sfeer binnen de kerk en de sfeer buiten de kerk. Buiten de kerk komt alles in de feeststemming. Black Friday, de dag na Thanksgiving, is het startsein om kerstinkopen te doen. Rutledge geeft aan, dat zij ook meedoet: ook zij heeft een schattige adventskalender en heeft in huis kerstkransen hangen. In de Anglicaanse kerk is de adventsperiode al begonnen voor Thanksgiving. Die periode begint 7 weken voor kerst en omvat de feestdag van de engel Michaël en de laatste zondag van het kerkelijk jaar (de zondag van Christus Koning). Het einde van het kerkelijk jaar gaat in de adventsperiode dan ook heel vloeiend over in het nieuwe kerkelijke jaar.

Tijd van donkerheid
Deze tijd van het jaar is volgens Rutledge de makkelijkste om te preken. Voorbeelden om de duisternis en de donkerheid van de adventsperiode liggen voor het oprapen. In alle preken komen gebeurtenissen uit het nieuws naar voren: de genocide in Rwanda, schietpartijen op scholen, de aanslagen van 9-11, ontwikkelingen in de Amerikaanse politiek, de crisis in de Amerikaanse kerken (waarvan ze in een voetnoot aangeeft, dat ze in haar eigen preken constateert dat die crisis al in de jaren-’70 begon).

Als ze de voorbeelden niet uit het recente nieuws haalt, dan haalt ze die voorbeelden wel uit artikelen uit de New York Times of interviews die ze tegenkwam en die ze bewaart in een knipselmap om later bij een preek uit te putten. Of ze heeft een boek gelezen over Abraham Lincoln, over Roméo Dallaire, de Canadese generaal die in Rwanda verbleef ten tijde van de genocide. Geregeld komt een van zijn uitspraken terug in preken: ‘In de tijd van de genocide was de hel leeg, want alle duivels waren actief in Rwanda.’ Het kwaad is overigens niet alleen iets dat in de ander woont, ook christenen hebben volop te maken met het kwaad in zichzelf en de vatbaarheid voor het kwaad.

Apocalyptisch
Rutledge heeft een apocalyptische visie op het Nieuwe Testament. Ze legt dat in haar preken ook uit: je hebt naast God, die de wereld geschapen heeft en de mensen die door God geschapen zijn ook nog een derde macht: de duivel. De duivel is de kwade macht die in de wereld gekomen is en die door Christus’ eerste komst verslagen is en met Zijn tweede komst definitief van deze wereld verdreven zal zijn. We leven, zoals ze vaak de dichter W.H. Auden aanhaalt: ‘in de tussentijd’. Je kunt in haar boeken merken dat ze een leerling is van onder andere J. Louis Martyn en dat ze veel opgestoken heeft van Raymond E. Brown.

Wederkomst
Zelden heb ik trouwens een boek gelezen waarin de verwachting van Christus’ Wederkomst zo’n rol speelt. Rutledge geeft ook aan, dat die verwachting in haar jeugd ook niet zo speelde. Toen ging het er vooral om dat Christus in je hart kwam. Door alle gebeurtenissen in en na de Tweede Wereldoorlog is de theologie het apocalyptische spreken van het Nieuwe Testament serieus gaan nemen en dat is in de preken van Rutledge volop te merken.

Oordeel
Veel preken gaan over apocalyptische teksten of over teksten waarin het oordeel van God wordt aangekondigd (waarbij ze zegt dat het vooral de mensen die zelf het oordeel vrezen vragen om deze thematiek in preken uit de weg te gaan). Of over de strijd tegen het kwaad, de geestelijke wapenrusting en het kwaad in onszelf. Omdat in de Middeleeuwen op de laatste zondag van advent gepreekt werd over de hel is ook een preek van haar over de hel opgenomen, die ze hield op de laatste adventszondag.

Workshop_of_El_Greco_-_Saint_John_the_Baptist_and_Saint_Francis_of_Assisi_-_Google_Art_Project
Johannes de Doper
Een belangrijke persoon die geregeld in de preken naar voren komt is Johannes de Doper. Hij is bij uitstek de persoon van advent. Hij is onderdeel van de oude wereld, de wereld van de belofte en tegelijkertijd hoort hij bij de nieuwe wereld, de wereld van de vervulling. Zijn taak is het om de gemeente klaar te maken om de messias te ontvangen. Hij doet dat door het oordeel aan te kondigen. Rutledge heeft duidelijk een zwak voor deze persoon. Ze zegt in verschillende preken dat ze wel eens een schattige adventskalender zou willen ontwerpen, waarbij je als je een van de deurtjes opendoet een ernstige Johannes de Doper je aankijkt en tegen je zegt: “Gij addergebroed’.


Deze prekenbundel is de moeite waard om meer van advent te weten te komen. Daarnaast is het de moeite waard om te zien hoe Rutledge omgaat met de Bijbellezingen in de preek en hoe ze haar preken in deze tijd plaatst.

N.a.v. Fleming Rutledge, Advent: The Once & Future Coming of Jesus Christ (Michigan, Grand Rapids: Eerdmans, 2018).

Advent

Advent
Komende zondag is het de eerste zondag van advent. In deze periode oefenen we ons als kerk in het verlangen naar de Wederkomst van onze Heere Jezus Christus. In onze Nederlandse kerkelijke traditie bestaat de periode van Advent uit 4 weken. In andere kerkelijke tradities duurt de Adventsperiode 7 weken.

Advent is niet een voorbereiding op het Kerstfeest. Soms lijkt het wel zo met alle kerstvieringen en uitvoeringen die in de adventsweken al gehouden worden en alle voorbereidingen van koren.

Belang kerkelijk jaar
In de Anglicaanse traditie en de Lutherse traditie is er veel meer vastgehouden aan het kerkelijk jaar. Na de Reformatie hielden de kerken die in het spoor van Luther gingen vast aan het kerkelijk jaar. Zij waren van mening dat de gang door het kerkelijk jaar hielp bij het overdragen van het christelijk geloof: de leer was verdeeld over de zondagen en werd niet alleen uitgelegd maar ook gevierd. Op die manier werd de christelijke leer makkelijker eigen gemaakt.

Verlies kerkelijk jaar
Helaas heeft de traditie in het spoor van Calvijn het kerkelijk jaar losgelaten. En de uitleg van het geloof bijvoorbeeld gekoppeld aan de catechismus. Dat geeft een meer afstandelijke benadering van het geloof dan het vieren van Gods grote daden. In onze tijd is er behoefte aan om gemeenteleden, jong en oud, in te wijden in het christelijk geloof. Steeds meer wordt daarbij teruggegrepen op het kerkelijk jaar.

Verheft uw harten
Als kerk zijn we zonder een diepgewortelde kerkelijke traditie erg kwetsbaar voor wat er buiten de kerk gebeurt: de commercie rond Sinterklaas en kerst kan de aandacht en de focus opeisen. Juist in de Adventsperiode gaat het om de aansporing, die vanuit het avondmaal tot ons komt: Verheft uw harten tot Christus, die in de hemel is. We verwachten Zijn komst en kijken uit naar Zijn komst in hemelse glorie en heerlijkheid.

Rutledge
Momenteel lees ik het boek van Fleming Rutledge, Advent. The Once and Future Coming of Jesus Christ (Advent. Jezus Christus, die in het verleden kwam en in de toekomst zal komen). Daarin schrijft ze dat er steeds meer aandacht komt voor Advent, omdat de periode voor kerst overschaduwd wordt door commerciële belangen. Afgelopen donderdag was het in de VS Thanksgiving. De dag erop is het Black Friday (Zwarte Vrijdag), de start van de kerstinkopen die begint met grote kortingen. Het vieren van het kerkelijk jaar en in deze periode de Adventstijd is een stil protest tegen de vercommercialisering van onze kalender.

Wederkomst
Daarnaast is er vanwege alle verschrikkelijke gebeurtenissen in de 20e eeuw weer aandacht gekomen voor de Wederkomst van Christus in haar kerkelijke episcopale (Amerikaanse variant van de Anglicaanse) traditie. Ze schrijft dat zij als kind op zondagsschool hoorde dat het vooral gaat om de komst van Christus in je hart. Met de aandacht voor de Wederkomst en de verschrikkingen uit de 20e eeuw is er ook aandacht gekomen voor de apocalyptische teksten, die gaan over het laatste oordeel en over de gebeurtenissen vooraf aan de Wederkomst. Rampen, oorlogen en andere verschrikkingen die de komst van Christus aankondigen.

Apocalyptiek
Kenmerk van de apocalyptiek is dat we als gelovige niet alleen te maken hebben met God en mens, maar dat er ook een derde macht is: de duivel. Hij heeft de macht gegrepen in Gods goede schepping. Apocalyptiek geeft aan dat we in een tussenperiode leven: de tussenperiode van de zonde en de duivel tussen de goede schepping en herschepping en ook de tussenperiode van de overwinning van Christus op zonde en duivel en de uiteindelijke verdrijving van de duivel en de zonde uit deze wereld.

Nood
Het boek
Advent is eigenlijk een bundeling van allerlei preken die Rutledge in gehouden heeft. Daarin geeft ze aan dat de periode van advent aan de ene kant een roepen tot God is vanwege de nood die er in deze wereld is en het lijden aan de stilte van Gods kant en aan de andere kant de hoop en stellige verwachting dat Christus zal wederkomen om vrede en recht te brengen op aarde.

Niet voor zwakkelingen
‘Advent is niet voor zwakkelingen’ schrijft ze geregeld. Het uitzien naar de Wederkomst en het roepen tot God om Zijn ingrijpen in deze door de zonde getekende en de duivel geknechte wereld vraagt om een robuust geloof. Het vraagt om moed om in de donkere, koude tijd van de zonde uit te zien naar Christus’ komst en je leven niet te laten bepalen door de zonde en de duivel, maar door de verwachting dat Christus terugkomt. Advent is altijd een sobere periode van verootmoediging en schuldbelijdenis en tegelijkertijd een hoopvolle periode vol vreugdevolle verwachting: onze Heer komt!

Voorbereiding
Een goede voorbereiding is het luisteren naar muziek: de Messiah van Georg Friedrich Händel of de mooie cantate van J.S. Bach – ‘Wachet auf ruft uns die Stimme’ (BWV 104) of de eveneens indrukwekkende cantate ‘Aus der Tiefe ruf ich zu Dir’ (BWV 131). Deze muziek is via Spotify of YouTube eenvoudig terug te beluisteren.

Komende zondag is het in onze gemeente viering van het Heilig Avondmaal. Ook een mooie manier om ons te oefenen in de verwachting van Christus’ komst in heerlijkheid

Herstel van geschonden recht en gerechtigheid

Herstel van geschonden recht en gerechtigheid
Christus’ sterven aan het kruis als rectificatie – Fleming Rutledge 3

Dat Jezus stierf aan het kruis, is volgens Rutledge geen toevalligheid.  De vraag waarom Jezus moest sterven is onvolledig als daar niet de manier waarop wordt toegevoegd. Waarom deze gruwelijke en gewelddadige dood om Gods liefde te laten zien? Waarom deze manier van sterven om verzoening en verlossing tot stand te brengen? In het kruis gaat het om God die gerechtigheid brengt door middel van rectificatie.

Dat is de vraag die centraal staat in het derde hoofdstuk van The Crucifixion van Fleming Rutledgde. Dit hoofdstuk is een brug naar het vierde hoofdstuk over de relevantie van de gedachten van Anselmus voor onze tijd.

Onrechtvaardigheid
Om de diepte van Christus’ sterven aan het kruis te doorgronden, kunnen we niet om de betekenis van onrecht en onrechtvaardigheid heen, volgens Rutledge. Dat het kruis te maken heeft met rechtvaardigheid, waardoor God onrecht recht zet, wordt – aldus Rutledge nogal eens vergeten.

Gods karakter
Bijna iedereen, zelfs mensen die niet kerkelijk betrokken zijn, weten dat God volgens de Bijbel liefde is. Veel mensen kennen zelfs het Griekse woord agapè. Dat Christus’ dood ook te maken heeft met dikaiosynè (recht, gerechtigheid) verliezen veel mensen uit het oog. Gods rechtvaardigheid en Zijn streven naar recht is net zo wezenlijk voor de Bijbel als Gods liefde. Recht en gerechtigheid zijn net als liefde onderdeel van Gods karakter.

Rectificatie
In heel het Oude Testament kunnen we zien dat God streeft naar recht en gerechtigheid. Dat streven is tegelijkertijd een strijden tegen onrecht. God vraagt van Zijn volk om recht en gerechtigheid in praktijk te brengen. God herstelt recht en gerechtigheid waar recht en gerechtigheid geschonden worden. Gods handelen is gericht op herstel, rectificatie.

Vergeven?
Het is een gewoonte van christenen om snel te spreken over vergeven en over Gods barmhartigheid. Daarmee verliezen christenen uit het oog dat voor de Bijbel vergeving en barmhartigheid niet losgemaakt kunnen worden van herstel van recht en gerechtigheid. Rutledge geeft een voorbeeld uit haar eigen land: in de VS zijn er nogal wat schietpartijen op scholen geweest met verschillende leerlingen en studenten die gedood werden. Een van de allereerste  vragen die aan de nabestaanden en de medeleerlingen gesteld werd, was of zij de daders konden vergeven. Volgens haar is vergeving als zodanig niet de essentie van het christelijk geloof, maar moet worden gezien in relatie tot recht en gerechtigheid.

Gaten blijven
Rutledge geeft een verhaal door, opgetekend door een journalist ten tijde van de uittocht van Albaniërs uit Kosovo: Een vader slaat elke keer een spijker in een stuk hout als zijn zoon iets verkeerd heeft gedaan. Wanneer de jongen iets goeds gedaan heeft, haalt hij er weer een spijker uit. Uiteindelijk wist de jongen zijn vader zover te krijgen om alle spijkers eruit te halen. De spijkers waren eruit, maar in het hout zaten nog wel de gaten die de spijkers geslagen hadden. Die gaten blijven altijd.

Wel erkenning, geen herstel
Rutledge geeft voorbeelden van Rwanda na de genocide en de Waarheids- en Verzoeningscommissie uit het Zuid-Afrika van na de apartheid. In beide gevallen ging het er eerst om recht te doen aan slachtoffers, aan het leed dat geleden werd. Er kon geen volledig herstel plaatsvinden. Het recht dat kon geschieden was om de verhalen te vertellen van wat er gebeurd was: de daders moesten vertellen wat zij gedaan hadden, leed werd benoemd, namen van slachtoffers werden genoemd. Terwijl de beulen moesten vertellen wat zij gedaan hadden, waren nabestaanden van de slachtoffers aanwezig. Alleen al het openlijk vertellen, gaf een erkenning. Rechtgezet en hersteld worden kon er niet, want de gaten blijven.

Daders van morgen
De Waarheids- en Verzoeningscommissie werd geleid door aartsbisschop Desmond Tutu. Hij leidde de commissie op een wijze manier. Ook de zwarte bladzijden van het ANC werden publiekelijk verteld. Hij zorgde ervoor dat hij politiek onafhankelijk bleef, om te kunnen spreken wanneer de huidige regering de macht zou misbruiken. Bovendien werd hij geleid door het besef dat de slachtoffers van gisteren de daders van morgen kunnen zijn.

Erkenning
Het verleden kan niet hersteld worden door straf, gaf hij aan. We kunnen alleen de zwarte bladzijden herinneren. Daarom moeten die ook verteld worden. Een slachtoffer van onrecht en onderdrukking verliest zijn waardigheid als persoon. Gerechtigheid is erop gericht om die waardigheid zoveel als mogelijk te herstellen. Dat herstel van die waardigheid kan alleen door openlijk te vertellen wat er gebeurd is. Dan vergeet de natie het niet en krijgt het slachtoffer publiekelijk erkenning voor het leed dat is aangericht.

Herstel van een morele wereld
Michael Ignatieff, een schrijver zonder godsdienstige achtergrond was getuige van het optreden van de Waarheids- en Verzoeningscommissie. Hij schreef daarover: recht en gerechtigheid wordt meestal geassocieerd met straf. Het gaat echter om het herstel van een morele wereld. De commissie was voor hem een publieke ruimte waar waarheid waarheid mocht zijn en leugen leugen.

Wegkijk-mentaliteit
Deze inzichten wil Rutledge vruchtbaar maken voor haar antwoord op de vraag waarom Jezus aan het kruis moest sterven. Concluderend:
(1) Er is een diep menselijk verlangen naar waarheid en recht en gerechtigheid.
(2) Mensen zijn individueel en collectief niet in staat om volledig recht te doen aan wat er is aangericht. Een volledig herstel door mensen is onmogelijk.

De noodzaak tot recht en gerechtigheid en het herstel hiervan wanneer dit grof geschonden is, wordt slechts door weinigen ingezien. Alleen door degenen die het nieuws intensief volgen. Een groot deel van haar landgenoten worden gekenmerkt door een wegkijk-mentaliteit. Het kruis op Golgotha laat zien dat God niet door een wegkijk-mentaliteit beheerst wordt.
Wanneer we het kruis op Golgotha alleen uitleggen als vergeving, schieten we tekort. Er moet ook herstel van recht zijn wat geschonden is. De Bijbel spreekt er voortdurend over dat God handelt om geschonden recht en gerechtigheid te herstellen.


Relatie tussen recht en barmhartigheid
Het is niet gemakkelijk om in onze westerse cultuur te spreken over het kruis als herstel van geschonden recht. Er zijn uitdagingen voor de kerk:
(1) De Bijbel gaat uit van een gevallen mensheid. Maar hoe kun je daar op een goede en overtuigende manier over spreken in een feel good-maatschappij?
(2) Wanneer op een seculiere wijze recht en gerechtigheid wordt hersteld, mag dat gewaardeerd worden als een diep verlangen naar solidariteit tussen alle mensen.
(3) Niet altijd is direct duidelijk hoe christenen hebben te reageren op onrecht. Wanneer mag er sprake zijn van barmhartigheid en wanneer gaat het herstel van geschonden recht voorop?

Proportioneel
In april 1994 schoten twee Amerikaanse gevechtsvliegtuigen in de no fly-zone boven Irak twee helikopters van hun eigen leger neer. 26 soldaten kwamen om door friendly fire. Slechts één officier werd veroordeeld. In hoger beroep werd hij echter vrijgesproken. Wat de nabestaanden van dit afschuwelijke ongeval het meest dwars zat, was dat hun verdriet en pijn niet serieus genomen werd. Ze hadden het idee dat het hele gebeuren in een doofpot werd gestopt. Een van de vrouwen van de omgekomen militairen zei: ‘Ik was verbouwereerd dat er 26 soldaten om kunnen komen, zonder dat er een militair verantwoordelijk wordt gesteld.’
Het gaat Rutledge niet om de juistheid van het vonnis, maar om de verantwoordelijkheid die ontbrak. Ze wil dit voorbeeld gebruiken om uit te leggen wat er aan het kruis gebeurde:
– Eén mens die de verantwoordelijkheid nam voor velen.
– De relatie tussen het offer dat gebracht wordt en de omvang van de schade die is aangericht.

God neemt verantwoordelijkheid
In het kruis gaat het om recht en gerechtigheid in juiste proporties met wat mensen hebben aangericht. In het kruis wordt de wandaad niet verdoezeld, maar wordt zichtbaar dat God de verantwoordelijkheid voor de wandaden op zich neemt. God nemt die verantwoordelijkheid aan het kruis op zich, om recht en gerechtigheid te herstellen. Het kruis kan daarom niet losgemaakt worden van de toorn van God. Toorn is geen emotie, maar een handeling waarin God rechtzet.

Apocalyptiek
In het Oude Testament is de gedachte dat God ingrijpt in deze werkelijkheid om het recht en de gerechtigheid weer te herstellen. Na de ballingschap komt de gedachte op dat dit herstel pas aan het einde van de geschiedenis plaatsvindt: de apocalyptiek komt op. De nieuwtestamenticus Ernst Käsemann stelde dat de apocalyptiek de moeder van elke christelijke theologie is. Käsemann kreeg later te maken met de diepere betekenis van zijn stelling toen zijn dochter Elisabeth verdween ten tijde van de militaire junta in Argentinië. Elisabeth Käsemann werd gemarteld en vermoord. Lange tijd zweeg het regime over wat er gebeurd was. En in 2011 werden de beulen veroordeeld.

Nieuwe betekenis van gerechtigheid
In het Nieuwe Testament wordt de apocalyptische lijn doorgetrokken. De grondgedachte is dat de hele mensheid door eigen schuld in de macht van de zonde terecht gekomen is. De mensheid is een gevallen mensheid. In het Nieuwe Testament komt dan een nieuwe betekenis van gerechtigheid op: gerechtigheid is geen menselijke mogelijkheid meer; alleen God kan nog gerechtigheid brengen: een reddende en verlossende gerechtigheid. Omdat de hele mensheid gevallen is, heeft ieder mens die bevrijding en redding nodig. Die redding en bevrijding is gekomen door dat Christus stierf aan het kruis. Het kruis is de meest brute en meest inhumane vorm van sterven. Jezus sterft een dood waarin Hij ontmenselijkt wordt.In het kruis wordt Gods gerechtigheid zichtbaar, aldus Paulus. Omdat aan het kruis Christus het oordeel over deze wereld op zich neem. Dat is de manier waarop God zelf geschonden recht en gerechtigheid recht zet.

[Met deze uitleg van het kruis als herstel van geschonden recht en gerechtigheid door God zelf is de visie van Anselmus op de betekenis van Christus’ sterven aan het kruis beter te begrijpen. Daarover het volgende blog over Rutledges boek.]

N.a.v. Fleming Rutledge, The Crucificixion. Understanding the Death of Jesus Christ (Grand Rapids, Michigan: Eerdmans, 2015)  106-145


 

De godloosheid van het kruis

De godloosheid van het kruis

Jezus stierf aan het kruis. Voor het christelijk geloof is het niet alleen van belang dat Jezus stierf, maar ook het hoe van Zijn dood heeft grote betekenis voor de boodschap van het christelijk geloof. De manier waarop Hij stierf het het christelijk geloof voor altijd bepaald. De vraag waarom Jezus moest sterven is daarom een vraag die tekortschiet. De vraag moet zijn: waarom moest Jezus sterven aan het kruis?

Degradatie, ontmenselijking
Het kenmerkende van de dood aan het kruis is dat het om totale ontmenselijking en totale degradatie gaat. Het kruis is de meest inhumane manier van sterven. Voor de Romeinen van de clou van de kruisdood juist de totale ontmenselijking, totale schande, totale degradatie.
De Schepper en Heer van het universum kiest ervoor om deze laagste vorm van de dood te sterven: Jezus sterft niet de dood van een martelaar, maar de dood van een vervloekte, buitengesloten van de gemeenschap met God. Het kruis is totale godloosheid. Het kruis is een doorbreking van alle menselijke religiositeit. Het tegenovergestelde van wat mensen van God verwachten.

Idealisatie
Daarom is het uitzonderlijk dat het kruis wel een religieus symbool geworden is. Voorwerp van romantische verbeelding en idealisatie. Die religieuze strekking wordt ook door niet-gelovigen ingezien: een kruis in de openbare ruimte roept wel discussie op (zie VS en Duitsland), terwijl een kerstboom of een chanoeka-kandelaar die discussie niet oproept.

Vernedering
De dood aan het kruis is met niets uit de Amerikaanse cultuur te vergelijken. Zelfs een vergelijking met de elektrische stoel schiet tekort. De enige overeenkomst die er is, is dat bij de elektrische stoel het vaak om mensen de laagste klasse van de samenleving gaat die deze straf krijgen. Het enige waarmee het te vergelijken is, zijn de reacties van Amerikaanse soldaten op de afbeelding van Jezus aan het kruis: dit hebben wij in Irak gezien, in de vernedering van Iraakse soldaten.

Korinthische mentaliteit
Het kenmerkende van Jezus’ sterven aan het kruis is niet het lichamelijk lijden. De schaamte, de schande, de vernedering, de totale godloosheid is van grotere betekenis. Voor de eerste christenen was de dood van Jezus aan het kruis moeilijk te verkopen: een ergernis, een dwaasheid (1 Korinthe 1:18-25). Alleen deze schande, totale godloosheid en vernedering van Gods Zoon is Gods kracht. Zowel Joden als heidenen willen het kruis niet. Rutledge komt deze ‘Korintische mentaliteit’ ook veel in hedendaagse Amerikaanse kerken tegen. Daar wordt de theologie van het kruis liever ingeruild voor een theologia gloriae.

Vervloekte
Om deze theologia gloriae te doorbreken zou een preek op Goede Vrijdag over Galaten 3:10-14 niet verkeerd zijn. Daarin werkt Paulus uit dat Jezus stierf als vervloekte. Zodat hedendaagse gelovigen inzien waarom God juist deze vorm van sterven heeft gekozen om Christus te laten sterven.

N.a.v. Fleming Rutledge, The Crucifixion. Understanding the Death of Jesus (Grand Rapids, Michigan: Eerdmans, 2015) 72-105

Het kruis als de kern

Het kruis als de kern

Christus als de gekruisigde is de kern van het christelijk geloof. Hoe verschillend de 4 canonieke evangeliën mogen zijn, als het gaat om de kern stemmen ze overeen: het kruis is de climax van Jezus’ weg op aarde. Daarom is vanaf het begin het christendom het kruis en de boodschap van het kruis de kern van de theologie. Het kruis is de toetssteen voor wat authentiek christelijk is.

In de traditie van het christelijk geloof zijn er altijd manieren geweest om het kruis niet centraal te hoeven stellen:
– een theologie van de glorie en overwinning (in tegenstelling tot een theologie van het kruis).
– het gnosticisme als verleiding.

Verleiding van het gnosticisme
In de geschiedenis van het christendom is het gnosticisme de grootste verleiding geweest. Het gnosticisme is een vrij ingewikkeld verschijnsel. Kenmerken zijn:
(1) Een bevoorrechte spirituele kennis dat leidt tot verlossing en verlichting.
(2) Een hiërarchie binnen de gemeenschap waarbij mensen met die bevoorrechte kennis aan de top staan en ontstegen zijn aan gewone stervelingen die deze kennis niet hebben.
(3) Een theologie, waarbij het kruis als lijden niet gewenst of niet nodig is. Om verlossing en verlichting te bereiken is er geen verlossend lijden nodig.

Invloedrijk
Volgens Rutledge is een hedendaagse variant van dit gnosticisme erg invloedrijk in de Amerikaanse kerken, omdat deze vorm van gnosticisme erg goed past bij de Amerikaanse normen en waarden. Ze vindt het belangrijk om in te gaan op dit gnosticisme (en dit te bestrijden), omdat dit gedachtengoed een belangrijke obstakel is om de Bijbelse betekenis van het kruis te begrijpen.

Voor Rutledge is het kruis een streep door alle menselijke religiositeit. Onder religiositeit verstaat ze menselijke verlangens en wensen. God kiest in het kruis een weg die niet past bij de menselijke verwachtingen en wensen. (Dit wordt in het volgende hoofdstuk uitgewerkt: de godloosheid van het kruis.)

Kruis niet meer vanzelfsprekend de kern
In de afgelopen decennia is het kruis, waaraan Christus stierf, inclusief de betekenis daarvan niet voor iedereen meer de kern:
– De aandacht voor het leven van Jezus en de zoektocht naar de historische Jezus doet het kruis als climax naar de achtergrond verschuiven.
– De aandacht voor de incarnatie van Christus, waarbij de incarnatie de betekenis krijgt dat God de wereld zoals de wereld is onvoorwaardelijk aanvaardt. De wereld waarin Christus incarneert is niet meer de gevallen wereld.
– Door een verschuiving in de liturgische accenten, waarbij Pasen meer nadruk krijgt dan Goede Vrijdag. Een verschuiving neemt ze ook waar in accenten rondom avondmaal, die meer vanuit Pasen wordt geduid.

Rutledge brengt daar tegenin:
– Wanneer het kruis niet meer de climax is van het leven van de historische Jezus wordt de historische Jezus ontdaan van elke transcendente en religieuze betekenis. Wat we weten over de historische Jezus hebben we te danken aan de verhalen die bewaard zijn gebleven en doorverteld omdat de Gekruisigde is opgestaan.
– Het kruis is niet los te maken van de incarnatie: zonder incarnatie geen kruis. Als omgekeerd de incarnatie wel losgemaakt wordt van het kruis is er geen ruimte meer voor thema’s als oordeel en redding.
– Het is geen goede zaak als in de liturgie Goede Vrijdag en Pasen tegenover elkaar worden uitgespeeld. Opstanding is niet los te maken van het kruis, want de Gekruisigde werd opgewekt. Van oudsher was er in het kerkelijk jaar een verband tussen Goede Vrijdag en Pasen in het Triduum.
– In de Bijbelse gegevens over het avondmaal wordt nadrukkelijk de link met het kruis gelegd. Avondmaal staat in het teken van het kruis.

Voor Rutledge genoeg reden om te blijven bij de klassieke theologie, die het kruis en de betekenis daarvan centraal stelt. Christelijke theologie is kruistheologie.

N.a.v. Fleming Rutledge, The Cricifixion. Understanding the Death of Jesus Christ (Grand Rapids, Michigan: Eerdmans, 2015) 41-71.


Fleming Rutledge – The Crucifixion (blog 1)

Fleming Rutledge – The Crucifixion (blog 1)

Het kan zomaar gebeuren dat een predikant een jaar lang preekt, zonder het te hebben over de betekenis van het kruis of over Christus als de gekruisigde. Dat is de constatering van Fleming Rutlegde.

Zij signaleert dat predikanten het kruis uit de weg gaan in hun preken. Omdat er steeds meer een ontwikkeling is om op Goede Vrijdag niet meer te preken. Omdat er steeds meer kritiek komt waar het kruis voor staan: verzoening met God door het sterven van Christus aan dat kruis.

 

Banner.jpg
Dat kruis dat op Golgotha staat is juist de kern van het christelijk geloof. Dat maakt het christelijk geloof ook uniek: er is geen geloof waarin een gekruisigde man wordt aanbeden, die tegelijkertijd volop God is. Dat Jezus, volledig God en volledig mens, stierf aan het kruis en dat God hiermee een bedoeling had, is voor velen dwaasheid en een ergernis.

cross_ground_zero-1000x600.jpg

irreligieus
Het kruis doorbreekt ook onze manier van denken over wat religieus is. Het kruis is een irreligieus gebeuren, want het voldoet niet aan menselijke projecties en verlangens. Vanwege het irreligieuze karakter kan het christelijk geloof ook niet op een hoop gegooid worden met andere godsdiensten.

aversie
Omdat Rutlegde steeds meer aversie zag tegen de boodschap van het kruis, waardoor het kruis niet meer de kern van het christelijk geloof was, begon zij met het schrijven van een boek over de betekenis van het kruis op Golgotha. Zij wilde daarin een plek bieden aan alle belangrijke beelden en metaforen die in de Bijbel voorkomen met betrekking het sterven van Christus aan het kruis.

brug
Zij wilde met het boek ook een brug slaan tussen academie en pastorie. Het moest een boek zijn voor predikanten, om hen te helpen bij de preekvoorbereiding bij de preek over de betekenis van het kruis of een preek over de Gekruisigde. Een boek voor geïnteresseerde gemeenteleden die wilden weten wat het kruis voor hen betekent en waarom het kruis zo centraal staat in het christelijk geloof.

 

download
levenswerk
Dat het een belangrijk boek is, blijkt ook wel uit de waardering. Christianity Today riep enige tijd geleden het boek uit tot Boek van het jaar 2017. Het is het magnum opus van Rutlegde, haar levenswerk: meer dan 18 jaar werkte zij aan dit boek. Doel van het boek is het achterhalen van wat er gebeurde aan het kruis en wat daar de betekenis van is, om daarmee een hulp te bieden aan de christelijke verkondiging. Het is, volgens Rutlegde zelf, het eerste boek sinds The Cross van John Stott uit 1986 dat op niet-academische manier ingaat op de betekenis van het kruis.

beelden en metaforen
Om het kruis te begrijpen is geloof nodig. Ook is nodig dat het verhaal niet alleen bekend is, maar ook geleefd wordt. Elke nieuwe generatie heeft de plicht de betekenis te zoeken en te verwoorden. Er zijn verschillende theorieën over de betekenis van het kruis en die verschillende betekenissen weerspiegelen allemaal iets van de rijkdom van de Bijbelse beelden en metaforen.

crosses.jpg


theorieën
Die beelden komen naar voren in verhalen, gedichten, brieven, enz. De Bijbel zelf bevat geen theorieën, maar de theorieën zijn wel nodig vanwege de vragen die rijzen (Stephen Sykes) en om de verschillende beelden in hun samenhang te zien. In het doordenken van die theorieën hoeven poëtische beelden niet opgegeven te worden. In al die beelden wordt iets zichtbaar van Gods verrassend handelen tegenover de zonde.


Bijbelse theologie aan het werk
Rutledge zelf sluit aan bij de uitspraken van de grote concilies uit de eerste eeuwen van het christendom. Daarin werd bijvoorbeeld aangegeven dat Christus zowel volledig mens als volledig God is. De grote concilies deden wel een uitspraak over de natuur van Christus. Een uitspraak over de betekenis van het kruis deden ze echter niet. Daarmee lieten ze ruimte aan de vele betekenissen en metaforen. Rutledge is dankbaar dat ze in haar studietijd een verandering in de exegese meemaakte van historisch-kritische exegese naar een meer literaire benadering. In die literaire benadering is er meer aandacht geweest voor de beelden en metaforen. In dit boek gaat het om “Bijbelse theologie aan het werk”.

theologie
De betekenis van het kruis kan worden uitgewerkt in een theologie van het kruis. Dit is echt een theologie: in het kruis handelt God. Het is van belang te weten wie God is: de God van Abraham, Izaäk en Jakob, (2) die zich volledig openbaarde door het kruis en de opstanding van Christus en (3) een drie-enige God: Vader, Zoon en Geest. Zonder trinitarische doordenking van het kruis is het niet goed mogelijk om aan te geven op welke manier God betrokken is in het kruis.

prediking en onderwijs nodig
Er wordt volgens Rutledge te weinig over het kruis gepreekt. En ook in het onderwijs en de catechese komt de betekenis van het kruis te weinig aan de orde. In een seculiere wereld wordt het onderwijs en de prediking des te urgenter, omdat er geen directe toegang mogelijk is tot het kruis. Want waarom zou een afbeelding van een lijdende Christus meer oproepen dan het lijden van een ander? In het onderwijs is het relevant om te melden dat hierin God zelf handelt en dat het kruis een doorbreking is van alle gebruikelijke religieuze denkbeelden en praktijken.

Woord van het kruis
In de verkondiging en onderwijs gaat het over het
woord van het kruis (of: het spreken van het kruis):
a) Het kruis is een kracht: het verandert mensenlevens, de wereld en zet aan tot ethisch handelen.
b) Het kruis is een skandalon, een ergernis.
c) Het kruis mag niet losgemaakt worden van Gods drie-enig handelen; anders wordt het kruis een op zichzelf staand gebeuren.
d) Dat spreken van het kruis bevraagt ons kritisch: in de verhalen staan wij zelf op het spel en worden wij bevraagd. Om die verhalen recht te doen, moet je ze lezen vanuit het geloof.

Uitspelen
Zoals gemeld bevat de Bijbel verschillende beelden en metaforen. Deze beelden en metaforen kunnen gemakkelijk tegenover elkaar worden uitgespeeld. Bijvoorbeeld in een tegenstelling tussen de evangeliën en Paulus, waarbij er gekozen wordt voor de evangeliën en Paulus afgeserveerd wordt. Er wordt geregeld een tegenstelling gehanteerd tussen Jezus en Paulus, waarbij de onderliggende gedachte is dat Paulus een verkeerde interpretatie van Jezus heeft gegeven.

Aanval
Dit tegenover elkaar uitspelen doet de christelijke verkondiging geen goed en is een aanval op de fundamenten van het christelijk geloof. Volgens Rutledge is er in de hele kerkgeschiedenis niet zo’n grootscheepse aanval op de betekenis van het kruis en in het geloof in de goddelijke Messias en opgestane Heer geweest als vandaag de dag. (Bijvoorbeeld in het Jesus Seminar). Deze tegenstellingen waren in de kerkgeschiedenis al bekend. Maar grote theologen als Origenes en Calvijn vonden het niet nodig om dit tegenover elkaar uit te spelen.

Sleutel
De sleutel om Jezus te kennen is Zijn kruis en opstanding. Het christelijk geloof is nooit gebaseerd geweest op historische reconstructies van Jezus (zoals de historische Jezus), maar het geloof is gebaseerd op de tegenwoordige kracht van Christus in het heden (Luke Timothy Johnson), waarbij het geloof antwoord op de levende God is.

Lijnen in het boek
(a) de relatie tussen kruis en opstanding: als Christus niet was opgestaan, hadden we nooit over Hem gehoord.
(b) in de nadruk op het kruis en de opstanding is het leven van Christus niet onbelangrijk. In aardse leven voor kruis en opstanding toonde Hij zijn gehoorzaamheid en was zijn leven reeds een lijden.
(c) kruis en opstanding worden niet losgemaakt van de incarnatie: als Christus niet de geïncarneerde Zoon van God is, is er van Gods zijde met het kruis niets gebeurd. Jezus is volledig God en volledig mens.
Incarnatie, aardse leven, kruis en opstanding vormen een geïntegreerd geheel.

Het boek bestaat uit twee delen, die gekoppeld is aan de twee dominante lijnen in de Bijbel met betrekking tot het kruis:

  • verzoening met God vanwege de zonde
  • Gods apocalyptische invasie en de overwinning van de vijandelijke machten.

 

Fleming Rutledge, The Crucifixion. Understanding the Death of Jesus Christ (Michigan, Grand Rapids: Eerdmans, 2015)  1-37

515pkTRb55L._SX331_BO1,204,203,200_.jpg