Preken in een tijd van het creatieve gebod: Wees origineel!

Preken in een tijd van het creatieve gebod: Wees origineel!

We leven volgens de Duitse socioloog Andreas Reckwitz in een tijd van het creatieve gebod: Wees origineel! Dat heeft volgens praktisch-theoloog Julia Koll ook gevolgen voor de preekvoorbereiding.

Volgens Koll zijn er de afgelopen decennia de volgende typologieen ontwikkeld mbt creativiteit in de preekvoorbereiding:

Typologieën

(1) Creativiteit is een vrucht van goddelijke inspiratie, verkregen door mediteren (Emanuel Hirsch, Rudolf Bohren).

(2) Volgens Ernst Lange is het geen geestelijk gebeuren maar iets cognitiefs dat gebeurt als je de hermeneutische cirkel van tekst en situatie geregeld doorloopt. Dan krijg je creatieve invallen.

(3) Voor de vroege Josuttis was creativiteit iets psychologisch, dat geremd kon worden door perfectionisme en gestimuleerd door in brainstorm de gedachten de vrije loop te laten gaan.

(4) voor Gerhard Marcel Martin en Albrecht Grözinger heeft het creatieve van de preekvoorbereiding iets van het creatieve proces van een kunstenaar.

Martin Nicol en Alexander Deeg zijn met hun dramaturgische homiletiek verder gegaan op dat laatste spoor: creativiteit is onderdeel van het hele proces van preekvoorbereiding, van verzamelen en uitwerken tot verbeelden en evaluatie.

Koll mist twee elementen in de discussie in de afgelopen decennia:
(5) Creativiteit van de luisteraar.
(6) huidige context van het creatieve gebod: Wees origineel!

Moeten
De Duitse socioloog Andreas Reckwitz typeert onze tijd als de tijd van het creatieve gebod: Wees origineel! We willen van onszelf en moeten van onze omgeving origineel en creatief zijn. Of het nu gaat om de enscenering van ons eigen leven (Facebook, Snapchat, Instagram), of om de event-cultuur  of creative industry – steeds gaat het er om scheppend bezig te zijn aan de hand van kunstzinnige, esthetische idealen.

Invloedrijk
Maatschappelijk werken deze esthetische idealen door op alle terreinen, beroepsmatig en privé: als is gebaseerd op zintuiglijke waarneming en positieve gevoelens en emoties spelen een kernrol. De toename van de esthetiek in onze maatschappij heeft ermee te maken dat je gezien en opgemerkt wilt / moet worden.
Omdat dit op alle terreinen is gaan spelen is het creatieve gebod (‘Wees origineel!’) zo sterk en invloedrijk geworden. Dit creatieve gebod kon zo’n invloedrijke positie krijgen, doordat op het sociale terrein de economie de norm ging worden en alles, ook het privéleven, tegenwoordig via media (zowel mainstream, als social media) gaat.

Effect
Effect van de centrale plaats van dit creatieve gebod is een toenemend gevoel van belasting, het gevoel voortdurend overvraagd te worden (met burnout, depressie, verslaving enz als mogelijke gevolgen) en een toename van verstrooiing en afname van concentratie en aandacht.

Ambivalent
Als de analyse van Reckwitz klopt, dan is creativiteit een ambivalent maatschappelijk thema, waar niet alleen de predikant in de preekvoorbereiding mee te maken heeft. Ook het gehoor heeft een ambivalente houding mbt creativiteit.
Ook de eredienst en de preek hebben te maken met deze maatschappelijke ontwikkeling. Daarom: wie klaagt over het verlies van argumentatie en stevige inhoud in de preek ziet deze maatschappelijke ontwikkeling over het hoofd.

Scheppende kracht
In de homiletiek gaat het niet alleen om aan te sluiten of juist kritisch te reageren op de maatschappij, maar ook om het eigene van de Schrift. Daarom: welke vorm van preken past bij de scheppende kracht van het Evangelie?

Lange duur
Reckwitz schetst twee alternatieven. Hij geeft allereerst aanaan dat er in deze tijd een esthetiek van de herhaling gevraagd wordt. Deze esthetiek is een verzet tegen het activisme dat steeds op zoek is naar iets nieuws. Het gaat om aandacht voor niets steeds veranderd wordt of moet worden, maar voor de lange duur en voor wat voortdurende oefening vereist. Met behoud van het creatieve. Dat geeft ruimte aan de inbedding van de preek in de liturgie (zoals in de laatste decennia als steeds aangegeven wordt).

Onthaasting
Dat biedt voor de preek als middel tot ‘Entschleunigung’ (onthaasting, verlangzaming). Zoals Michael Meyer-Blanck dat verwoordde: zie het esthetische als een poging de hoorder een behuizing voor langere tijd te bieden, waar hij/zij rust vindt om na te denken. In die rust vindt de hoorder de mogelijkheid om op een creatieve manier God en de wereld te ontmoeten. Julia Koll: de onthaasting leidt tot hernieuwde waardering van concentratie en stilte (waarvoor geen creativiteitsacrobatiek nodig is). De verlangzaming in de preek richt zich niet op de beleving, maar op de verdieping.

Deelnemers
Een tweede alternatief van Reckwitz’ visie is creativiteit zonder publiek. Je richt je niet op een publiek van wie je de opmerkzaamheid moet verdienen, maar je gaat ervan uit dat er slechts deelnemers en betrokkenen zijn. Ook dat is niet nieuw in de homiletiek en de liturgiek: de hoorders zijn geen passieve consumenten, maar luisteraars die zelf actief betrokken zijn in het creatieve proces. Julia Koll pleit ook voor letterlijk meer betrokkenheid doordat gemeenteleden zich kunnen uiten. Vergelijkbaar met de jazzimprovisatie. Dit creatieve kan ook in het overige gebeuren in de gemeente opgepakt worden, bijv dmv biblioloog

Julia Koll, ‘Predigtkunst in Zeiten des kreativen Imperativs’, Praktische Theologie 52/3 (2017) 169-176.

Advertenties