Verstaan en begrijpen bij het voorbereiden en houden van de preek

Verstaan en begrijpen bij het voorbereiden en houden van de preek
Reiner Knieling – Was predigen wir? (2011) – 3

Over enkele weken houdt IZB Areopagus Studiedag IZB Areopagus over de verandering in de prediking in de afgelopen decennia.  Ter voorbereiding van de conferentie wordt gevraagd literatuur te lezen. Onder andere: Reiner Knieling – Was predigen wir? In een aantal blogs wil ik iets van de inhoud weergeven. Tot slot geef ik aan wat Knieling relevant maakt voor die conferentie. Vandaag deel 3: Verstaan en begrijpen bij het voorbereiden en houden van de preek.

Preken maken heeft te maken met proberen te begrijpen. Het vak waarin begrijpen en verstaan aan de orde komt is hermeneutiek. Knieling geeft een korte schets van een homiletische hermeneutiek: wat komt er allemaal kijken aan verstaan en begrijpen in het voorbereiden en houden van de preek?
Bij het voorbereiden en houden van de preek zijn heel wat terreinen aan de orde. Op deze terreinen waarop begrijpen en verstaan een rol speelt, kan de prediker veel ontdekkingen doen. Deze ontdekkingen kunnen soms elkaar tegenspreken. Volgens Knieling dienen die ontdekkingen in een spanningsvolle relatie met elkaar worden gezet.

Terreinen:
* De concrete mensen voor wie de preek is bedoeld
* De concrete gemeente voor wie de preek is bedoeld
* Maatschappelijke context van die concrete mensen en concrete gemeente
* Trends binnen de gemeente en in de maatschappij en ontwikkelingen die tegen die trends ingaan
* Het evangelie in de context van de Bijbel en de protestantse traditie
* Ervaringen die opgedaan worden
* De eigen biografie
* De concrete Bijbeltekst
* De concrete situatie waarvoor de preek is bedoeld.

Vragen
Daarbij zouden de volgende vragen gesteld kunnen worden:
– Hoe leven de concrete gemeenteleden van de concrete gemeente (die mogelijk de eredienst zullen bijwonen)?
– Hoe leven de concrete mensen die niet in de kerkdienst komen (maar mogelijk aanwezig zijn in een bijzondere dienst als een rouwdienst of een trouwdienst)?
– Wat zijn de kenmerken van de laatmoderne of postmoderne, postseculiere cultuur? Wat zijn de overeenkomsten en de verschillen met de moderne of premoderne cultuur qua denkpatronen en levensstijlen?
– Heb ik een eigen roeping of missie?
– Wat zijn mijn eigen ambivalenties en weerstanden?
– Hoe versta ik het evangelie?
– Wat is voor mij de betekenis van deze Bijbeltekst voor deze tijd?
– Wat betekent dat het gebeuren van de preek zich binnen een kerkelijk milieu afspeelt en als een binnenkerkelijk fenomeen wordt waargenomen?
– Wat betekent het dat er in de preek meestal maar één persoon is die spreekt?
– Welke signalen gaan van daarvanuit?
– Voelen mensen zich gesteund als iemand in hun plaats, voor hen het geloof formuleert? Of hebben ze de indruk dat er naar hun mening niet is gevraagd?

(Martin Nicol en Alexander Deeg hebben met hun dramaturgische homiltiek  een fascinerend model gegeven waarin de spanningen bewust opgezocht en uitgebouwd worden.)

Begrip versus scepsis
Bij het verstaan en begrijpen gaat het er niet alleen om wat we begrijpen, maar ook hoe we begrijpen. Het maakt nogal uit of we het onderwerp, de persoon van wie we wat lezen, de formuleringen sympathiek vinden of niet. Er kunnen verborgen motieven zijn om het onderwerp aan te snijden of juist te vermijden, of om het op deze manier aan de orde te stellen.
Verstaan en begrijpen zwenkt tussen twee polen: de pool van sympathie / begrip / vertrouwen aan de ene kant en de pool van verdenking / scepsis / weerstand aan de andere kant.

De pool van sympathie / begrip / vertrouwen helpt om respect te hebben voor de geloofservaring van anderen en van jezelf. We nemen waar zonder daar een oordeel over te vellen. We hoeven geen kant en klare antwoorden te hebben. We laten ons raken en meenemen door de tekst van de Bijbel; we brengen onszelf in (het aangesproken zijn uit het concept van Schleiermacher, het profetische van Bonhoeffer). In de preek mag er best iets persoonlijks worden gedeeld (het getuige-zijn uit het concept van Grözinger).  We laten het evangelie aan het woord en laten aan God over wat Hij er mee doet.

Daarnaast is de pool van verdenking / scepsis / weerstand, die in de postmoderniteit heel serieus genomen wordt, van groot belang voor de preek. Kant en klare beelden over God, over andere mensen, over wat christenzijn inhoudt worden kritisch bevraagd. Vanuit een zelfkritiek:
* Welke theologie kleurt mijn waarneming?
* Welke elementen uit mijn socialisatie en biografie bepalen mijn interpretatie van het evangelie, de concrete mensen en de concrete gemeente en de concrete situatie?
* Hoe evident is die interpretatie?
* Welke positieve en negatieve ervaringen heb ik met een bepaald thema?
* Wat is mijn interpretatie van theologische kernthema’s? Wat draagt mijn interpretatie bij aan het verstaan van het evangelie? Op welke manier belemmert mijn interpretatie dat verstaan?

Tussenruimte
De beide polen zijn serieus te nemen. Daardoor ontstaat er een tussenruimte, waarin verrassende ontdekkingen gedaan kunnen worden, omdat niet meer de geijkte paden worden gevolgd. Door de beide polen serieus te nemen wordt er een spanning opgebouwd. We volgen niet meer één spoor. De verschillende stemmen in ons (denk aan het innerlijke team van F. Schulz von Thun; het dialogische zelf van Hubert Hermans) krijgen recht van spreken in de omgang met de Bijbeltekst, waardoor de dialoog levendiger en levensechter wordt.

Reiner Knieling, Was predigen wir? Eine Homiletik (Neukirchen-Vluyn, 2009) 49-53


 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s