Dubbele geesteshouding

Dubbele geesteshouding

Op 2-3 juni werd de predikantenconferentie van de Gereformeerde Bond gehouden. Deze conferentie ging over het boek van Stefan Paas, Vreemdelingen en priesters.

Op de tweede dag was er een lezing van collega C.M.A. van Ekris. Hij pleitte voor een houding van parrhesia: met een vrijmoedig geloof midden in de seculiere cultuur staan (zonder geïmponeerd te raken door de seculiere cultuur). Dat houdt voor hem een dubbele geesteshouding in:

  • Een geesteshouding van mystiek: afgekeerd van de wereld en nauw in contact met God, een leven uit de Schrift en het gebed.
  • Tegelijkertijd een houding waarbij we midden in onze eigen tijd en eigen cultuur staan en ons daar helemaal aan geven: een delen in de mooie kanten van onze cultuur maar ook in het lijden van deze cultuur. (aangedaanheid).

Het gaat hem om een geestelijk leven dat niet afdingt aan een van deze beide zijden. De parrhesia kan alleen als je midden in de cultuur staat en daarin ‘verantwoordelijkheid voor God neemt’ (Rowan Williams). Parrhesia is dan in de seculiere cultuur wandelen in de vrijheid God.

https://www.youtube.com/watch?v=CQnLl1aRdVI

Deze dubbele geesteshouding is voor ons als predikanten van belang. Het is ook van belang om deze geesteshouding de gemeente aan te leren. Deze geesteshouding is niet een bedoeld als een optimistische houding die al het negatieve wegwuift. Wel een houding die rekening mee houdt dat God in elke samenleving en elke tijd – ook de meest seculiere – kan ingrijpen.
Als de gemeente deze dubbele geesteshouding geleerd wordt, is het van belang zowel de ervaring van God als het gemis aan God door te geven. De dubbele geesteshouding is dan een vorm van volharding, die volhoudt in het geloven als de ervaring van God achterwege blijft.

Het viel Van Ekris op dat veel van zijn generatiegenoten niet geleerd is om weerbaar in het geloof te zijn. De kerk moet die weerbaarheid gaan aanleren. Hij doelde niet op een apolegetische houding, waarbij men de discussie niet schuwt, maar een innerlijke houding om niet geïmponeerd te raken door deze cultuur of door het gemis aan God.

Reflectie
1) Van Ekris raakt een belangrijk punt m.b.t. de weerbaarheid en de ervaring van Gods afwezigheid.
Het valt mij op dat deze ervaring nooit in methoden van (belijdenis)catechisatie aan de orde wordt gesteld. In Hou(d)vast komt het wel even aan de orde, maar dan op een theoretische manier. Het is van belang om in de catechese (en helemaal in de belijdeniscatechese) te leren wat aanvechting is en kan doen en welke houding daarbij nodig is.

Enkele jaren geleden kreeg ik een flink aantal jaargangen uitgeschreven preken (Genade voor genade, Uit de levensbron). Ik schat in dat het aantal preken die de aanvechting serieus neemt op één hand te tellen is. Van de preken die ik zelf gehoord heb, ging zelden een preek over de ervaring van aanvechting en het uithouden van de aanvechting. Meestal werd de aanvechting óf uit de weg gegaan óf weggeredeneerd.

2) Van Ekris pleit voor een dubbele geesteshouding. Het valt mij in de praktijk van de gemeente dat velen de mystiek of de verborgen omgang met God ontzettend ingewikkeld vinden. In het afgelopen seizoen van de belijdeniscatechisatie kwam steeds de vraag terug hoe in een druk leven toch tijd voor God gevonden kan worden en hoe we de signalen die God op ons afzendt kunnen waarnemen.
Daarnaast valt het me ook voortdurend op dat veel gemeenteleden eigenlijk niet kunnen bidden. Bijbel lezen gebeurt wel als praktijk. Maar ik schat in dat de meeste gemeenteleden niet goed weten hoe ze de Bijbel moeten lezen als versterking van hun geloof of als een luisteren naar Gods stem.
Naast het aanleren van de weerbaarheid is het ook van belang de gemeente in te wijden in de omgang met God.

3) Het is bij de dubbele geesteshouding van belang om midden in deze tijd te staan. Zelf kom ik uit de traditie waarin een combinatie was van een mijden en een antithese. De cultuur moest gemeden worden of er moest een verantwoord alternatief geboden worden.

Onlangs kreeg ik de vraag of ik iets wilde schrijven over het gebruik van films op catechisatie of tijdens de kerkdienst. Mijn eerste reactie was: dat kan alleen vanuit die dubbele geesteshouding. Films (of andere voorbeelden) kunnen in de kerkelijke praktijk alleen maar gebruikt worden als je films kijkt omdat je houdt van het kijken naar films. Niet omdat je op zoek bent naar illustraties. Want dan instrumentaliseer je een middel zoals een film. Dat geldt ook voor het lezen van literatuur, gebruik van songs, enz.

Ik merk dat ik slechts voor een deel midden in de cultuur sta. Ik kijk wel films maar bewust weinig tv en volg het nieuws slechts op beperkte schaal. Ik heb een bepaalde afstand nodig naar media en nieuws toe om de mystiek, de verborgen omgang met God niet in het gedrang te laten komen. Wanneer ik teveel opga in deze cultuur ben ik te onrustig voor Bijbel en gebed. De monniken hebben goed begrepen: je trekt je af en toe terug uit deze wereld om je aan God toe te wijden. Door deze toewijding kunnen ze dan weer zich beter toewijden aan hun dienst in de wereld. Het zou voor de gemeente goed zijn om bepaalde monastieke gebruiken te integreren in het dagelijks leven.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s