Is de volkskerk voorbij?

Is de volkskerk voorbij?

In het boek
Vreemdelingen en priesters geeft Stefan Paas komt de volkskerk aan de orde als een van de missionaire modellen die er zijn. Volgens hem heeft dit model goede kanten, maar is het toch ook wel theologisch problematisch en in de praktijk achterhaald. Mooi is om te zien dat dit serieus genomen wordt. Lastiger is om te zien dat dit model negatiever wordt beoordeeld dan mijns inziens nodig is. Naar mijn idee is het model niet afgeschreven en is het in deze tijd van toenemende secularisatie in theologisch en missionair opzicht waardevoller dan in het boek wordt geschetst.

In het boek wordt aangegeven dat de definitie van de volkskerk moeilijk aan te geven is. Wel zijn er volgens de schets van het boek 4 toonaangevende principes:
(1) God werkt via natuurlijke verbanden als familierelaties en ook de vaderlandse geschiedenis.
(2) Bij de volkskerk gaat het om een rekkelijk begrip van het lidmaatschap van de kerk. Van de kerk ben je lid doordat je werd gedoopt – of in het geval van de Nederlands Hervormde Kerk in de jaren-’90 – omdat je werd geboren uit gedoopte ouders.
(3) Binnen de volkskerk is er veel aandacht voor politieke en maatschappelijke structuren. Veel van de volkskerk-aanhangers hangen ook een theocratisch gedachtengoed aan.
(4) Omdat het volk een eenheid dient te zijn, moet ook de kerk een eenheid zijn.

Deze punten staan echter onder druk: het Nederlandse volk is nooit een eenheid geweest (contra 4); veel mensen die ingeschreven staan bij de kerk hebben daar niet om gevraagd en willen daar ook niet van weten (contra 2); de gedachte dat God alleen via de volkskerk werd, is zowel in de praktijk als theologisch verwerpelijk (contra 1).

Hoe dit blog is bedoeld
Hieronder geef ik mijn eigen visie op de volkskerk, als een kanttekening in de marge bij hoofdstuk 3 in het boek. Dit blog geeft alleen een alternatieve visie op de pagina’s 61-73 en niet op het totaal van het boek. Dit blog kan trouwens net zo goed worden gelezen als een kritiek op een romantische visie op volkskerk.

Eigen achtergrond
Even iets over mijzelf. Ik ben opgegroeid binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken, maar heb in de loop van mijn studie bewust de overstap gemaakt naar de Protestantse Kerk in Nederland, onder andere vanwege de gedachte van de volkskerk.  Daarna ben ik predikant geworden van twee kleine streekgemeenten in twee kleine dorpen in Noord-Holland. Nu ben ik al weer bijna 5 jaar predikant op een dorp van een gemeente, die een volkskerk genoemd zou kunnen worden. In de afgelopen tijd is mijn gedachte over de kerk niet veranderd. Ook mijn werk is nagenoeg gelijk gebleven. Het enige dat is veranderd is de positie van het geloof in de dorpssamenleving.

Vanuit mijn christelijk-gereformeerde achtergrond breng ik een allergie mee voor al te romantische inkleuring van de volkskerk. De Protestantse Kerk in Nederland (of de voorloper Nederlands Hervormde Kerk) zie ik niet als een planting Gods. Deze romantische ideologie is naar mijn idee zelfs gevaarlijk en theologisch discutabel. Met het loslaten van de gedachte dat de volkskerk een planting Gods is, valt de gedachte van de volkskerk niet om.

Verantwoordelijkheid
Om te begrijpen wat de volkskerk is, moeten we niet beginnen bij het volk, maar bij de verantwoordelijkheid van de kerk. Ik zie de volkskerk als een kerk die verantwoordelijk is. Verantwoordelijk voor een bepaald afgebakend gebied, waar mensen wonen.

Voor de volkskerk is de gedachte van Gods voorzienig handelen van groot belang. Dan niet in de zin dat God een bepaalde unieke band heeft met één kerk op een bepaald gebied, maar dat de gelovigen die op een bepaalde plek wonen of komen wonen dat niet voor niets doen. Zij zijn daar door God geplaatst om het gebied te begrijpen, de leef- en denkwijze van de mensen te begrijpen, zonder hen te snel te veroordelen.

Incarnatie
De basis voor de volkskerk is de incarnatie van Christus: Christus kwam onder ons mensen wonen. Hij nam ons bestaan aan, deelde in onze vreugde, ons lijden. Hij woonde, leefde, liep en sprak onder ons. De Geest gebruikt mensen om hen te laten delen in het bestaan van mensen die ergens wonen. Je gaat er wonen en dan niet voor even, maar voor onbepaalde tijd. Je wordt één van hen. Je woont in dezelfde stank. Je hebt dezelfde overlast. Je gebruikt dezelfde winkels. Je kiest dezelfde school en gaat naar dezelfde voetbalvereniging. Het voornaamste is niet de binding van de mensen met de kerk; die binding is secundair. Het primaire is de verantwoordelijkheid van de kerkleden om één te worden met de mensen van een bepaalde regio. (Lees hierbij de boeken van Eugene H. Peterson, die dit heeft uitgewerkt.) De volkskerk neemt die locatie serieus en de mensen die daar wonen serieus. Een hedendaagse variant van de volkskerk is de gedachte van de presentie.  Vandaar het belang van de SILA.

Geen massa
Juist de volkskerk heeft er oog voor dat de mensen geen massa zijn. Een belangrijk kenmerk voor de volkskerk is het pastoraat. De mensen worden opgezocht, omdat ieder mens een unieke levensgeschiedenis heeft in Gods ogen. Ingangen zijn er via de belangrijke momenten op de levensloop: bij geboorte, bij het aangaan of verbreken van een relatie, bij verjaardagen en jubilea die gevierd worden, bij verliezen die geleden worden.

Waarom heeft de kerk hier oog voor? Omdat de mens meer is dan zijn ziel. De mens heeft een plek om te wonen, een levensgeschiedenis, maakt van alles mee. De mens is mens voor Gods aangezicht met alles wat hij of zij heeft en meemaakt. Pastoraat is de kracht van de volkskerk. Binnen het missionaire debat brengt de volkskerk-gedachte in dat pastoraat (als opzoeken van degenen die aan je verantwoordelijkheid zijn toegewezen of degenen die op je pad komen) onmisbaar is voor de christelijke gemeente.

Andere kerken
Wie worden er dan bezocht? Allereerst de mensen die bij deze gemeenschap horen en ingeschreven zijn. Daarbij telt iedereen mee, die ingeschreven staat. Degene die niet actief is, staat niet op een ander niveau dan degene die actief betrokken is. Dat er rekkelijk omgegaan wordt met het kerklidmaatschap is overigens niet de praktijk. Wel is er meer ruimte: er is mogelijkheid om gastlid te worden zonder het lidmaatschap van een andere kerk te hoeven opzeggen.

De andere kerken die er zijn, worden serieus genomen. Het is pijnlijk om te zien als kerkleden een overstap maken naar een andere gemeente. Maar het zijn geen concurrenten. Landelijk draagt de Protestantse Kerk in Nederland dat in grondslag en beleid uit. De PKN ziet zich als een van de gestalten van de kerk in Nederland en niet als dé ware kerk. De relatie met de andere kerken wordt gezocht. Wanneer er verkeerd is gehandeld of gesproken, dan wordt dat geprobeerd om recht te zetten. In de afgelopen jaren is er daarom schuld beleden naar de Pinksterbeweging. Op missionair gebied wordt er samengewerkt met en geleerd van de kleinere kerken, op een voet van gelijkwaardigheid.  Het bestaan van andere kerken is niet per sé een zonde. Eerder zijn die andere kerken er om elkaar nederig te houden en elkaar te herinneren aan de zwakke plekken. 

Gehele volk
De volkskerk is er voor het gehele volk. 
Dat is geen vorm van machtsdenken, maar van bewogenheid: principieel is geen enkele locatie uitgesloten en geen enkele individu onbereikbaar. Een gemeente in de ‘moeilijkere’ gebieden als Noord-Holland, Groningen, Limburg is niet minder dan een gemeente op de Biblebelt. Een actief betrokken lid kan op net zoveel aandacht rekenen als iemand die nergens ingeschreven is.
Dat heeft niets te maken met het beeld van kikkers die in een kruiwagen moeten. De mensen zijn niet van de kerk, maar de kerk heeft een verantwoordelijkheid naar God toe voor goede geestelijke zorg voor deze mensen.

Erfenis
Naast het delen in het bestaan op een dorp of in een wijk wordt de volkskerk gekenmerkt door een erfenis. Het is de erfenis dat de kerk op veel locaties aanwezig is, die nu niet meer in beeld zouden komen voor gemeentestichting. Wie dat zwaar aanzet, kan spreken over een planting Gods. Dat neem ik niet over. Maar wat dan wel? Hoe taxeren we dan de aanwezigheid van de kerk op die plekken.

De erfenis bestaat uit leden, uit gebouwen en uit een lokale geschiedenis. Bij een volkskerk horen mensen die daar meestal niet zelf voor hebben gekozen. De gebouwen hebben een locatie, een vorm en een inrichting waar nu niet meer voor gekozen zou worden. Die erfenis is zowel een kans als een ballast. In de laatste decennia wordt steeds meer ervaren dat die erfenis een ballast is.

Verlamming
Natuurlijk kan een verandering creativiteit oproepen, maar die verandering kan ook een rouwproces oproepen, omdat het toch een ingrijpende verlieservaring is. Zo’n verlieservaring kan ook verlammend werken. Ik zie dat steeds meer gebeuren: kerkenraadsleden die zo druk zijn met het voortbestaan van een gebouw of een gemeente, die aan de pastorale taken niet meer toekomen. Voor velen is het een proces dat over hen heen komt, zonder dat ze er iets tegen kunnen doen. Het gaat om verlies van iets dat wezenlijk is: een plaats waar God vaak eeuwen gediend is, waar mensen zijn gedoopt, getroost, bemoedigd en aangesproken.

Is dat een oordeel? Leven we in ballingschap? Ik weet dat niet. Ik denk dat we heel voorzichtig moeten zijn met het plakken van Bijbelse tijden op onze tijd. Zelf ben ik niet zo goed in het duiden. God gaat zijn eigen gang. Totdat Christus terugkomt, zal er een kerk zijn. Of dat ook in ons land is? Daar ga ik niet over.

Kans
Die ballast is ook een kans. In de praktijk van een volkskerk kunnen mensen makkelijker een aansluiting vinden bij de kerk. Het valt mij op dat veel gemeenteleden toch een breuk hebben in hun geloofsbiografie. In ‘mijn’ kerk zijn er velen geweest, die tijdelijk zijn afgehaakt. Doordat de kerk dicht bij de mensen staat, is de stap naar de kerk soms gemakkelijker, maar het is niet zo dat degenen die bij de kerk betrokken zijn automatisch zijn gaan geloven. Daar gaat – menselijkerwijs gesproken – veel werk aan vooraf.

Het mooie van een volkskerk vind ik dat er mensen betrokken zijn, die bij andere kerken niet betrokken zijn. De volkskerk van nu is een kerk met oog voor de marge, voor de mensen die niet zo goed zijn in het verwoorden of doorgeven van het geloof. Met hart voor mensen, die ‘alleen maar’ (alsof dat bestaat) naar de kerk komen. Voor mensen die hooguit 10,- per jaar aan de kerk geven, omdat je dat ook aan de voetbalclub geeft.

Gevaren
De volkskerk heeft ook grote gevaren. Een van de gevaren is dat de bestaande netwerken ook doorwerken in de kerk en dat bijvoorbeeld de elite van het dorp ook de gang van zaken in de kerk bepaalt. Dat is gaat vaak onbewust: dat zijn de mensen van je eigen kring, de mensen die je kent. Een gevaar blijft het wel. Daarom is het goed dat er meerdere modellen zijn.


Samenvatting
Samengevat: bij de volkskerk draait het om de locatie en niet om de binding met de kerk; om verantwoordelijkheid vanuit de kerk voor het welzijn van de mensen die daar wonen en hun anderszijn; niet om macht of invloed. Volkskerk betekent dat de kerk naar de mensen toegaat – ook in de onaantrekkelijke regio’s! – , hun manier van leven deelt en eigen maakt en vanuit daar iets laat zien van Christus. Misschien zet de term volkskerk op het verkeerde been en brengt dat teveel in verzoeking van een romantische ideologie. Maar als missionaire gedachte en praktijk is de volkskerk nog steeds zeer waardevol.


***

Wie meer over de volkskerk zou willen lezen, zou de boeken van Christian Möller, Michael Herbst of Eberhard Winkler moeten lezen.

2 thoughts on “Is de volkskerk voorbij?

  1. Mooi stuk, sprak me zo aan dat ik ’t op Twitter gedeeld heb. Maar niet eens. Ik herken hierin niet de kerken die Paulus enz. stichtten. In het Nieuwe Testament is de kerk te veel vreemdeling en de wereld te vijandig. Maar goed, je kent deze benadering van huis uit en hebt je ervan afgekeerd; je persoonlijke manier van vertellen doet me goed.

    • Je hoeft er ook niet mee eens te zijn. Het ging mij vooral om aan te geven dat de volkskerk-gedachte diverser is dan vaak wordt gedacht. De kracht van de volkskerk is een benaderbare kerk, een kerk dicht bij de mensen, om de hoek.
      Komt dat ergens voor in de Bijbel? Weet ik niet. Bij Paulus inderdaad niet. Maar de meeste huidige gemeenten zijn ook niet met Paulus te vergelijken, omdat ze niet gesticht zijn maar ontstaan uit bestaande gemeenten (bijvoorbeeld als afsplitsing). Ik ben er altijd voorzichtig mee om één bepaald beeld op de huidige kerk of tijd te plakken. Dan pak je al gauw wat bij je eigen ecclesiologie uitkomt. Ik ben meer voor een diversiteit van ecclesiologieën en Bijbelse beelden – maar dan wel met elkaar in dialoog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s