Preek zondagmiddag 20 maart

Preek zondagmiddag 20 maart
1 Korinthe 1:18-2:5

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,

De Amerikaanse predikant Eugene H. Peterson vertelt
dat hij op twaalfjarige leeftijd van een klein dorp verhuisde naar de grote stad Seattle.
Op zaterdagmiddagen dwaalde hij door de stad
om de stad te verkennen.
Op die zaterdagmiddagen had hij een doel dat favoriet was:
De Smith Tower, een toren van 149 meter hoog.
Hij ging daar vaak naar toe.
Niet zozeer vanwege het uitzicht,
maar vanwege de wetenschap dat deze toren de hoogste toren was
van de Amerikaanse westkust.
Vanwege dat record ging hij er vaak naar toe.
Door bovenop dat gebouw te staan, was hij onderdeel van dat record.
Onderdeel van iets groots,
iets dat bewondering afdwingt.

Ik herken daar wel iets van.
Als tiener deed ik graag computerspelletjes
en vooral die spellen waarvan ik wist dat het me zou lukken
om bovenaan te staan.
Als mijn broers dat spel dan zouden opstarten,
zouden ze mijn naam bovenaan zien staan.
Computerspellen waarvan ik wist dat mij dat niet zou lukken,
deed ik dan ook lang niet zo vaak
als de spellen waarvan ik wist dat ik een record zou kunnen behalen.
Er zullen anderen zijn,
met meer doorzettingsvermogen
of meer geloof in hun eigen kunnen
die ook een recordpoging doen als ze weten:
Eigenlijk kan ik dat record niet behalen,
maar ik ga net zolang door tot ik in de buurt kom van zo’n record.
Voor mij was zo’n record iets om te laten zien
Dat ik wel iets kon bereiken
en vooral ook iets dat bewondering afdwingt.

Nog steeds ben ik gevoelig dat wat ik doe gezien wordt
en dat meet ik soms af aan de records die ik voor mijzelf behaal.
Ik denk dat ik niet de enige ben,
maar dat we in een tijd leven waarin het erom gaat dat je gezien wordt, opgemerkt:
dat jouw sollicitatiebrief uit het grote aantal inzendingen wordt gehaald,
dat jouw bedrijf een bepaald prestigieuze opdracht binnenhaalt,
dat jouw verhaal de moeite waard is om op tv te komen te vertellen.
Misschien is dat niet alleen iets van deze tijd, maar van alle tijden.
Dat je gezien wordt, dat een leven meetelt dat groots en meeslepend is.

Dat werkt dan ook door in ons geloof en in ons beeld van God.
Er is niets groters dan God.
Dat geloof ik ook, dat God het grootst, het hoogst is.
Niets van wat bestaat, is groter dan God, want God is de schepper van alles.
Het is dan een kleine stap om vandaar uit alles wat groot is
met God te verbinden:
Als de kerk groeit, dan is dat een teken dat God er werkt.
Als er bijzondere gebeurtenissen gebeuren, dan is God er actief.
En dan omgekeerd: als die bijzondere gebeurtenissen er niet zijn,
als de kerk niet groeit,
dan is God er niet.
Dan kun je zeggen dat God verdwijnt uit Nederland
als het aantal mensen dat gelooft in een persoonlijke God daalt.
Dan is dat een behoorlijke aanslag op je geloof
Als je behoefte hebt om onderdeel uit te maken van iets dat telt en gezien wordt,
iets groots, waar mensen op afkomen
en onder de indruk raken van de aantallen.
Is het dan nog wel waar wat er in de Bijbel staat over God
als die boodschap door zoveel mensen niet meer wordt geloofd?
En moeten we als kerk niet van alles uit de kast halen
om mensen die nu niet naar de kerk komen
en nu niet met geloof bezig zijn te interesseren voor het geloof, voor de kerk?

Wij zijn niet de eersten die met deze vragen te maken hebben.
Wij zijn ook niet de eersten die ertegen aanlopen
dat er zoveel mensen zijn die niet geloven in Christus.
Dat er zoveel mensen zijn, die niets hebben met Jezus is al vanaf het begin van de kerk.
Vanaf het begin is het altijd een aanvechting geweest,
een vraag die alles steeds over hoop gooit: is het wel waar,
dat we in Christus te maken hebben met God.
Als je in zo’n grote wereldstad als Korinthe maar een handjevol mensen bij elkaar hebt
die afkomen op dat verhaal van Christus
en het merendeel daar vooral lacherig of geprikkeld op reageert
en de mensen die wel geloven
nu juist niet de mensen zijn van aanzien,
mensen waar je je eigenlijk voor geneert,
omdat ze de omgangsvormen niet beheersen,
niet die culturele diepgang hebben die je nodig hebt om indruk te maken,
niet de populariteit hebben,
waardoor de boodschap van Christus ook door anderen wordt opgepikt.
Ook in Korinthe kwam de vraag op: is God dan wel zo groot?
Heeft Christus dan wel zoveel macht?
Of is dat verhaal over het Koninkrijk van God dat Christus kwam brengen
niet een van de vele mythen, van de verhalen over de goden
die ze vroeger geloofden, maar nu ze christen geworden zijn niet meer kunnen geloven?
Ze gaan opeens merken hoe klein hun gemeente gebleven is
en vragen zich af of er niet een andere vorm, een andere manier moet komen,
iets dat meer opvalt, meer van deze tijd is, meer aanzien heeft
dat je als gelovige ook bevestigd wordt
dat je inderdaad deel uit maakt van iets dat groots is,
het grootste dat in deze wereld te bereiken is op geestelijk gebied,
– de hoogste religieuze toren die er is.

Daar gaat Paulus tegenin
omdat dit verlangen ingaat tegen het tweede gebod:
Maak van God geen beeld en zeker geen beeld dat je zelf als mens graag zou willen zien.
Weet je niet, houdt Paulus de gemeente van Korinthe voor,
dat God lang niet altijd voor het hoogste kiest,
voor wat het meeste indruk maakt of het meeste opvalt.
Kijk maar naar het kruis dat op Golgotha stond.
Ja, wij gelovigen van de 21e eeuw met een eeuwenlange geschiedenis
hebben van het kruis iets dierbaars gemaakt.
Een symbool dat ons zoveel betekent, dat we het om onze nek hangen,
waar liederen over gemaakt zijn die het dierbare verwoorden:
Op die heuvel daarginds, stond een ruwhouten kruis,
het symbool van vervloeking en schuld.

Maar dat kruis is voor ons, toch het kostbaarst kleinood.
Een symbool dat als het in kerken hangt, diepe emotie en diepe devotie oproept.
In de voorjaarsvakantie merkte ik dat weer toen ik in Münster in Duitsland was
en daar enkele grote rooms-katholieke kerken bezocht, die volhingen met kruisen.
Maar we moeten bedenken, dat een kruis in die tijd de lading had van een tbs-kliniek,
een straf waarvan je weet dat degenen die de straf over zich uitgesproken krijgen niet deugen.
Daar wil je niets mee te maken hebben.
Op zo’n plek wil je niet zijn.
Of de lading van een uitzetcentrum, waar uitgeprocedeerde asielzoekers gehuisvest zijn
die hier niet meer mogen blijven, die hier illegaal zijn
maar die ook niet terug kunnen omdat er geen land is die hen wil opnemen,
ook hun vaderland niet.
Hier ongewenst en daar ongewenst, je hoort nergens bij en bent nergens welkom.

Geen wonder dat Paulus schrijft dat de Joden zich er aan ergeren
en dat de Grieken struikelen over zo’n beeld van God,
Een God die zich aan het kruis laat hangen,
als een veroordeelde tbs’er, een uitgeprocedeerde asielzoeker.
Kun je wel geloven in zo’n God die zich op zo’n plek laat brengen,
waar de sloebers worden gestraft, de mensen die geen geld hebben voor een goede verdediging, de meest vernederende straf die er is.
Kun je dat voorstellen: God die zich laat ontkleden
en naakt voor de hele wereld te schande hangt,
God van wie gezegd wordt en geloofd wordt dat Hij de Allerhoogste is,
die alles geschapen heeft?
Toen Adam en Eva in het paradijs ontdekten dat ze naakt waren,
maakten ze voor zichzelf kleren.
Aan het kruis hing Christus van alle kleren ontdaan,
over de kleren die de schaamte en naaktheid moesten verbergen werd gedobbeld
en Hij kon zich niet verbergen, voor God niet, voor de mensen niet.
Hij was veracht, de onwaardigste onder de mensen.
Iemand voor wie je je gezicht verbergt, omdat je dat niet wilt zien.
Aan het kruis – uitgestoten door de aarde, vervloekt door de hemel.

Daar aan dat kruis, zegt Paulus, zie je wie God echt is
en daar aan het kruis kun je Gods karakter zien.
Dat is God!
Het is schande! Het is onzin! Zo’n God.
Navid Kermani, een Duitse moslim, die veel over de islam schrijft
heeft eens over het kruis geschreven
dat het geen onschuldig symbool is,
maar dat het kruis godslasterlijk is en afgodenverering.
Elk weldenkend mens, elke gelovige ook moet van dat kruis afstand nemen.
Schande, zo’n beeld van God!
Onzin om zo’n God te dienen!
Daar moet je afstand van nemen.

Nee, zegt Paulus, dit is de weg die God kiest,
de weg die voor mensen als godslasterlijk overkomt, niet passend bij God.
En dat is de weg die God altijd gekozen heeft en ook nu bij jullie, Korinthiërs, kiest.
Toen God Israël koos om Zijn volk te zijn,
Was dat niet omdat dit volk nou zo’n voorbeeldig volk was,
een volk dat het waard was om verkozen te worden.
Nee, een volk dat het moeilijkst was, dat er voor koos om steeds de eigen God,
die de enige echte, de enige levende God is, te verwerpen,
ook al werden ze steeds door hun God gered.
God kiest ervoor om verworpen te worden, door Israël, door de mensen nu.
De Zoon van God aan het kruis, als de vernederde, de verschoppeling,
is daarop geen uitzondering, maar dat is Gods weg.
Door verworpen te worden, draagt God het oordeel over ons.

Dat het kruis godslasterlijk is en afgodenverering is niet het enige
dat de moslim Kermani over het kruis waaraan Christus hing schreef.
‘Toen zat ik voor het altaarbeeld van Guido Reni in de San Lorenzo in Lucina – schreef hij – .
Ik vond de aanblik zo indrukwekkend, zo vol zegen, dat ik het liefst nooit meer was opgestaan. Voor het eerst dacht ik: Ik – niet alleen: men – ik zou in een kruis kunnen geloven.’

Hij ziet in dat schilderij al het lijden van de wereld samenkomen.
Van alle mensen: de mensen in de vluchtelingenkampen, de sloppenwijken.
Paulus zal zeggen: je bent op de goede weg,
maar niet alleen het lijden van de verschoppelingen en vertrapten,
ook van degenen die het goed hebben,
de topmanagers, de bankiers, maar ook de ‘gewonere’ werknemers in het westen:
de leraren, de ambtenaren, de gepensioneerden,
degenen die nog moeten beginnen met carriere.
Want al die mensen, hoe goed ze het ook hebben of beroerd,
al leven ze in de mooiste villawijk of slechts in een krot in een sloppenwijk,
ze hebben één ding gemeenschappelijk:
Ze leven allemaal een verloren bestaan, u, jij en ik ook.
Als je God niet kent en als je niet gelooft dat Christus voor je gestorven is.
Voor degenen die verloren gaan is het kruis een dwaasheid, zegt Paulus.
Die verlorenheid is nu al bezig
en daar kun je je als mens zelf niet van redden
en je kunt ook niet door zelf over God na te denken bij Hem uitkomen.
Al kun je de beste betogen opzetten,
Al kun je de speech van de eeuw houden
– Wir schaffen das! Yes, we can!
Al doe je de beste uitvinding of schrijf je het intelligentste proefschrift.
Ik zal de wijsheid van de wijzen verloren doen gaan en het verstand van de verstandigen zal Ik tenietdoen.
Het is God zelf die dat zegt – al in het Oude Testament
en ook het kruis spreekt daarvan,
van onze verlorenheid, van onze onmacht onszelf te redden
maar ook van wat God doet
dat Hij daar hangt in onze verlorenheid, in onze plaats,
gaat God verloren om ons behoud, redding te geven.
Dit kruis, waar GOd aan hing – o grote nood, God zelf is dood
dit kruis spreekt – van ónze schande en verlorenheid,
net zoals de doop trouwens spreekt – dat we van binnen niet rein zijn
en aan het oordeel onderworpen zijn.
Maar dat kruis spreekt ook van Gods liefde:
Dit is God, hier zie je dat Hij bereid was om zo diep af te dalen,
als verworpene, nedergedaald in de hel, het dodenrijk.
Dat is voor ons Gods kracht, die ons kan redden.
Het is geen onmacht dat God deze weg kiest,
maar een weg om onze wijsheid en onze kennis te bespotten
– als het kennis is buiten Hem om.
Zo is het ook geen onmacht van God, als de kerk kleiner wordt,
maar kan het een manier zijn om ons bezigzijn voor Hem
of de gedachten die er over Hem in onze samenleving onder kritiek te plaatsen
om oog te krijgen voor hoe God echt is, en oog voor de weg die Hij ging.
Om te voorkomen dat we ons vertrouwen bouwen
op wat we hier op aarde voor elkaar kunnen krijgen,
in plaats van op Hem.
Om te voorkomen dat we een weg kiezen, buiten Hem om.
Daarom spreekt het kruis, dat roept.
Dat roept u bij uw naam,
om in Hem te geloven en Hem te dienen
de God die uw plaats inneemt, uw schuld draagt, uw zonden wegdraagt
en u Zijn heiligheid en verbondenheid met God geeft.
Amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s