Preek biddag 2016 – avonddienst

Preek biddag 2016 – avonddienst
Lukas 12:13-21
Lukas 22: 39-46

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,

In het gebed dat de Heere Jezus gegeven heeft om te bidden,
geeft Hij ook gebeden die over onszelf gaan.
Geef ons heden ons ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren
en leid ons niet verzoeking, maar verlos ons van de boze.
Een gebed om elke dag ons brood te mogen ontvangen
laat zien dat de Heere oog heeft voor ons alledaagse leven.
In ons gebed worden we opgedragen
om ook aandacht bij de Heere te vragen voor dat alledaagse leven van ons.
Biddag voor gewas en arbeid is dan ook een herinnering voor onszelf
dat we mogen bidden om eten te ontvangen en werk te hebben
en dat we onze alledaagse zorgen bij de Heere mogen brengen.
Biddag is voor ons ook een dag waarop we dat doen:
speciaal bidden voor het brood dat de Heere ons elke dag wil geven
Heere, ook wat betreft ons eten zijn we elke dag afhankelijk van U.
Wilt u ons dat vandaag ook weer geven?
En niet alleen aan ons, maar ook aan ieder op deze wereld die niet heeft?
Vandaag bidden we voor ons werk in het bijzonder:
Heere, zegen het werk dat we doen:
het werk waarvoor we betaald krijgen
én het werk dat we doen uit zorg voor de mensen om ons heen.
Geef dat we voldoening hebben in ons werk
en dat we door ons werk voor anderen tot zegen mogen zijn.
Als we bidden om dagelijks eten te ontvangen
en als we bidden om een zegen op ons werk
dan laten we zien dat we ook voor ons eten en voor ons werk van de Heere afhankelijk zijn,
van Zijn zorg voor ons.
Alles wat we hebben, hebben we aan de Heere te danken.

Naast het bidden om ons dagelijks brood
leert Christus ons ook te bidden om vergeving van onze schuld
en om te bidden om bewaring voor verleiding.
Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze.
Door dit gebed leert de Heere Jezus ons
dat we in de verleiding komen om te vergeten bij de Heere aan te kloppen
en dat we er niet aan denken
om bij de keuze voor een vervolgopleiding of een nieuwe baan
of om de zegen over onze huidige baan bij de Heere aan te kloppen.
Bij wie kloppen we dan aan om wijsheid, om zegen?
Of denken we dat wij dat zelf wel aankunnen.
Vandaag bidden wij. Heere, bewaar ons voor de verleiding dat we U vergeten,
Bewaar ons voor de verzoeking om de zegen ergens anders te halen
waarbij we U uit het oog verliezen.
Behoed ons ervoor om ergens anders aan te kloppen
voor ons dagelijks brood en een zegen op ons werk.
voor beslissingen die wij te nemen hebben.

We kunnen in de verleiding komen om pas achteraf, als wij ons plan al klaar hebben
en weten hoe het er aan toe moet gaan,
dat we dan nog even naar de Heere gaan,
want Hij moet natuurlijk onze plannen wel zegenen.
Bewaar ons voor de verleiding om zelf eerst onze plannen klaar te hebben
en ons leven al uitgestippeld te hebben
en dat we dan pas bij de Heere aankomen.

Wanneer we het gebed na gaan laten,
als we ons alledaagse leven niet meer aan de Heere voorleggen
en Hem niet meer betrekken in de keuzes die we maken,
dan kunnen we in de verleiding komen
om te denken dat ons leven van onszelf is
en dat wij zelf hebben te zorgen voor ons eten, voor een goede baan,
voor een zinvol en gezegend leven.

We zien dat in de gelijkenis die de Heere Jezus vertelt
over iemand die door de overvloed die hij heeft
denkt dat zijn leven zijn eigen eigendom is, van hemzelf is, zijn bezit.
Dat we gaan denken dat ons leven van onszelf is,
is een grote verleiding.
Zo voor het oog lijkt het er ook op,
dat ons leven van onszelf is en dat wij daar de baas over zijn.
Maar dat is een van de verleidingen, waar de Heere Jezus ons voor wil waarschuwen
Dat we zo gaan denken
en dat we gaan handelen alsof ons leven alleen maar van onszelf is.
Dan vertelt hij over iemand die inderdaad zo denkt en zo leeft:
Alles wat ik heb, is van mij en heb ik zelf opgebouwd.
En wanneer ik een onverwachte meevaller heb,
dan is dat voor mij een uitdaging om daar een goede investering mee te doen,
zodat ik weer verder kan om mijn bedrijf uit te bouwen.
Hij heeft reeds een groot bedrijf
en is enorm vermogend.
Bijna iedereen in het dorp is van hem afhankelijk wat inkomen betreft.
Als de oogst dan veel groter is dan verwacht,
houdt hij het voor zichzelf.
Het is immers zijn eigen bedrijf, zijn eigendom.
En alles wat zijn grond opbrengt, is van hem.
Hij is er maar druk mee om te bedenken wat hij ermee kan:
Wat moet ik doen?
Hoe kan ik met deze onverwacht grote oogst, deze gigantische meevaller
mijn bedrijf nog meer uitbouwen, nog rendabeler maken?
Hij wil niet inzien
dat deze oogst hem gegeven is om anderen te gedenken, bij te staan,
de mensen in het dorp die weinig hebben en nauwelijks rondkomen.
Maar daar heeft hij geen oog voor, verblind door zijn bezit.

Leid ons niet in verzoeking
betekent dat wij de Heere er voortdurend om vragen
of Hij ons ervoor wil behoeden
dat wat wij hebben als puur en alleen ons eigendom zien,
Waar alleen maar wij recht ophebben.
Het is de verzoeking die ons ervoor de ogen sluit
dat wij onze rijkdom in God hebben te zoeken.
We zijn rijk als we God hebben
en we zijn gezegend als we met God leven
en van Hem onze zegen verwachten.

Het is niet zozeer de bedoeling dat de man alles weggeeft,
wel dat hij er blijk van geeft dat de Heere deze grote oogst hem niet zomaar geeft,

dat hij door een deel van die enorme oogst,
boven op de rijkdom die hij toch al had,
had kunnen gebruiken om anderen, die minder hadden, te dienen.
Niemand leeft voor zichzelf alleen, schrijft Paulus.
Maar de man leeft wel voor zichzelf alleen
en kan alleen maar denken aan zichzelf
en aan een goed leven voor zichzelf, voor hem alleen.
Als ik het maar goed heb.
Hoe die anderen dat redden, dat is hun zorg.
Dat is niet mijn verantwoordelijkheid.
Hadden ze maar net zo hard moeten werken als ik.
Of net zoveel geluk moeten hebben als ik.

De verleiding om alles voor zichzelf te houden
hangt samen met een andere verleiding:
te denken dat je zelf verantwoordelijk bent voor je geluk.
Ik kan mijn geld niet weggeven aan anderen,
want stel dat ik dan tekort kom, een stap terug moet doen,
niet meer kan genieten van mijn rust.
Daar heb ik toch recht op?
De verleiding om het geld voor jezelf te houden
houdt ook verband met de verleiding
te denken dat het leven hier op deze aarde alles is.
Je leeft maar eens – YOLO
en je bent een ongelooflijke loser als je niet genoten hebt tijdens dat leven.
Dan moet je wel alles naar te toe halen
en voor jezelf houden,
krampachtig voor jezelf houden, uit angst om alles kwijt te raken.
Want als je je geld kwijtraak,
raak je ook je leventje kwijt, raak je je positie kwijt
en wat houd je dan nog over?
Dat is niet alleen een verleiding voor vandaag,
hoewel die verleiding vandaag ook sterk aanwezig is.
Een verleiding van alle tijden – laat de Heere Jezus zien met deze gelijkenis,
namelijk de gedachte dat wij zelf moeten streven naar ons geluk
en dan vooral een geluk hier op deze aarde.

Het is de mythe van een perfect leven,
een leven dat voor slechts heel weinigen is weggelegd
Deze man van de gelijkenis kan in die mythe van een perfect leven in het hier en nu geloven
omdat hij die luxe heeft
en daardoor ziet hij niet hoe leeg en hoe plat dat is.

Het is de mythe van een perfect leven,
een leven dat voor slechts heel weinigen is weggelegd
en wie misgrijpt en dat leven niet kan bereiken
zal dan de last moeten dragen van een leven dat niet geslaagd is
een last die ook als een schuld naar jezelf toe kan voelen.
Niet iedereen die meegenomen wordt in de verleiding van een perfect leven is oppervlakkig.
Heel vaak zijn het hele serieuze mensen, die de verantwoordelijkheid voelen
om van hun leven wat te maken,
ook in hun verantwoordelijkheid naar de Heere toe.

Afgelopen week hoorde ik hiervan nog een voorbeeld op de radio.
Een moeder die een verslag deed van het overlijden van haar dochter,
die zelf ervoor koos om niet meer verder te leven.
Deze dochter was weliswaar somber geweest,
maar had het verder goed: fijne contacten, bepaalde dromen die ze wilde verwerkelijken,
behoorlijke ambities,
maar ze legde, zonder dat haar omgeving dat door had,
voor zichzelf de lat wel erg hoog.
Zo hoog, dat ze het niet meer aankon.
Ik denk dat deze druk in onze tijd steeds sterker wordt
omdat we als mensen steeds meer verantwoordelijk worden
om onszelf gelukkig te maken.
Een sterke verleiding in een cultuur waarin veel mensen het goed hebben
en doelen kunnen nastreven en ambities kunnen formuleren.
Als je leeft in een maatschappij waar veel mogelijk is,
dan moet je dat ook allemaal waarmaken,
Want stel je voor dat je een kans mist.


De Heere Jezus plaatst er een andere rijkdom tegenover:
niet de rijkdom van veel geld of van veel bezit,
rijkdom heeft te maken met het kennen van God.
Wie God kent, weet dat hij rijk is
en wie zich eigendom weet niet van zichzelf, maar van God
weet dat God voor geluk zal zorgen.
Die rust die de man zelf dacht te bereiken, zegt de Heere Jezus, geef Ik,
want Ik zorg voor jou.
Laat je niet in de verleiding brengen dat jij daar verantwoordelijk voor bent.

Toch zijn we als christenen ook vatbaar voor verleidingen,
Verleidingen die sterk zijn in onze maatschappij.
We zijn als christenen geen morele giganten, die alle verleidingen zomaar de baas zijn.
We voeren vaak een strijd waarin we ten onder dreigen te gaan.
Leid ons niet in verzoeking
is daarom ook een gebed aan God
of Hij ons niet wil loslaten
en ons de ogen wil openen voor de verleiding
en als we de verleiding niet doorhebben en verstrikt raakt,
dat Hij ons dan verlost van de boze.

In de tuin van Gethsemané waarschuwt Christus nogmaals voor de verleiding,
dubbelop zelfs.
Maar de discipelen, ze horen de beide waarschuwingen niet.
Ze zijn teveel bezig met hun eigen weg en eigen gedachten,
hun eigen verdriet waardoor ze in slaap vallen.
‘Als we slapen, verzinken we in een eigen wereld,
onbewust van Gods handelen.’ (Eugene H. Peterson)
Als we op deze manier slapen en vol zijn van onszelf
staan we, als we wakker worden weer op,
vatbaar voor de verleiding om het zelf weer te moeten doen.

In de tuin van Gethsemané gaat Jezus de strijd aan
met de verleiding die er voor Hem is:
om terug te deinzen voor de weg die de Vader voor Hem uitstippelde.
Vader, neem deze beker weg van mij,
De beker van uw oordeel
over alle verleidingen waarvoor de mensen zijn gevallen
en waardoor ze in slaap zijn gesukkeld, vermoeid door hun eigen onmacht, verstrikt.
Terwijl zijn leerlingen slapen en Hem hadden moeten steunen,
worstelt Jezus
om niet voor de verleiding te bezwijken: niet mijn wil, maar Uw wil geschiedde.
Hoe zwaar de druk ook is
– de angst overvalt Hem, ondanks de steun die de engel biedt
en zijn bloed komt over als bloed,
dat kan geduid worden als het zichtbaar worden van zijn innerlijke worsteling
maar ook een teken van bereidheid om de slagen te ondergaan
op weg naar het kruis.
God zij dank zag Christus zijn leven niet als een bezit
Dat alleen maar voor Hem zelf was,
maar zag Hij zichzelf als een offer
en was Hij bereid om zichzelf als dat offer te geven
waarmee Hij betaalde voor al die momenten
Waarop wij voor de verleiding bezweken waren.
Hier zegt Jezus tegen Zijn Vader: Ja, Ik ga
om hen vrij te kopen
en tegen ons: Ja, Ik ga om jullie vrij te kopen.

Wat is uw enige houvast in leven en sterven.
Dat ik het eigendom ben – niet van mijzelf en ook niet van de satan,
maar van mijn getrouwe zaligmaker Jezus Christus
die mij vrijkocht van alles waarin ik verstrikt was
mij vrijkocht door zelf zijn leven te geven
en daarom bestand was tegen die verleiding,
omdat Hij niet aan zichzelf dacht, maar aan iedereen die Hij zou kunnen vrijkopen en redden.
Amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s