Preek 7 februari 2016

Preek 7 februari 2016
Voorbereiding Heilig Avondmaal
Schriftlezing: Lukas 15:11-32

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,

Een vader heeft twee zonen.
Deze vader heeft geprobeerd om deze zonen een goede opvoeding te geven.
Want deze zonen zullen niet alleen zijn bedrijf voortzetten,
maar zijn er ook om zijn goede naam hoog te houden
en dat zullen ze doen door eerlijk en betrouwbaar te zijn,
door een goede baas te zijn,
elk over dat deel van de boerderij dat ze zullen erven.
Als hij er niet meer is, zullen ze hun vader eren
door hun stijl van leiding geven aan de boerderij.

Bij een van de jongens komt de opvoeding, die deze vader geeft, niet over.
Dat is de jongste van de twee.
De jongste zoon heeft een oppervlakkig karakter.
Deze jongen heeft geen oog voor de ziel van de boerderij.
Wanneer hij aan de boerderij denkt, denkt hij alleen aan het geld dat er in omgaat.
Hij heeft er geen over voor dat de boerderij van zijn vader
al generaties in de familie is,
waarbij de zorg voor de dieren en het grond van vader op zoon wordt doorgegeven.
Hij denkt alleen maar aan de financiële kant van de zaak.
Zo loopt hij ook over de boerderij.
‘Voor hoeveel zouden we deze koe kunnen verkopen, vader?’
‘Die koe? Die verkopen we niet.
Dat is eersteklas stamboekvee, gefokt door onze eigen familie.
Dat is de trots van ons geslacht!’
‘Hé, broer, wat zou onze buurman voor die akker overhebben?’
Al rekenend brengt hij zijn dagen door op de boerderij.
Dat is toch wat, zoveel geld dat er in de boerderij omgaat,
maar met dat geld kun je helemaal niets beginnen,
omdat dat weer geïnvesteerd moet worden of bewaard als buffer.
Met al dat geld zou ik toch een heel mooi leven hebben.
Ik hoef nooit meer te werken.
Ik kan de wijde wereld in om te zien dat er meer is dan dit achtergebleven boerengedoe.
Leven wil ik!
En wat heb ik? Voor de rest van mijn leven gebonden.

Opeens is er die gedachte: als ik dat geld nu eens zou hebben.
Niet pas later als mijn vader er niet meer is.
Dan heb ik niet veel tijd meer om van het leven te genieten
en misschien ben ik dan getrouwd
en kan ik hier niet meer weg. Voorgoed gebonden.
Opeens is er die gedachte: als ik mijn vader eens zover krijg
dat hij mij nu al dat geld geeft.
Niet later, maar nu.
Hij gaat naar zijn vader en zijn verzoek is ontzettend grof:
‘Pa, je gaat toch een keer dood,
geef mij nu al het geld dat ik dan als erfenis krijg.
Ik heb er toch recht op. Geef het me nu maar.’

Hoe zou u reageren als uw zoon op die manier bij u aanklopt?
En voor de kinderen: hoe zou je vader reageren,
Als je hem dit verzoek geeft.
Dat hoef je niet te proberen.

Er is een subtiel verschil tussen de vader en de jongen hoe ze naar het bezit kijken.
De jongen kan alleen maar kijken met euro-tekens in zijn ogen.
De koeien zijn zoveel waard, de akkers zijn zoveel waard,
de stal brengt dat op.
In de gelijkenis gebruikt de zoon ook een ander woord dan zijn vader.
De jongen zegt: Geef mij de rijkdom mee, waar ik recht op heb.
Het geldbedrag dat het oplevert.
De vader kijkt anders naar zijn bezit, naar zijn boerderij,
die hij zelf ook weer gekregen heeft van zijn vader.
Er klinkt bezorgdheid in de stem van de vader door:
‘Jongen, ik geef je genoeg mee om van te leven.’
De vader gebruikt een ander woord: bios,
dat ook gebruikt wordt bijvoorbeeld in biologie, biobrandstof, biodiversiteit.
Bios – staat voor iets dat leeft, levendig is, volop leeft.
Jongen, ik geef je een leven mee. Je hoeft niets tekort te komen.
Levensonderhoud.
De jongen kijkt naar het geld waar hij recht op heeft
om van het leven te proeven – met volle teugen en overdadig.
De vader kijkt naar de jongen en beseft:
Wat hij meekrijgt moet hem helpen om in het bestaan te voorzien.
De jongen moet op eigen benen staan.
Misschien had de vader helemaal niet verwacht dat de jongen alles zou verkopen.
Had hij misschien gedacht, dat hij gewoon in de buurt zou blijven
en dat de vader, wellicht zonder dat die jongen dat besefte, zou bijspringen
en hem voor gezichtsverlies zou behoeden
als hij er met de pet naar gooide.
Maar zodra die jongen alles heeft, verkoopt hij alles.
Dan blijkt dat hij zijn plan al klaar had.
Hij had al kopers gevonden, voor zijn vader hem iets gegeven had.
De vader heeft zijn bezit nauwelijks verdeeld
en de jongen levensonderhoud gegeven, de mogelijkheid op eigen benen te staan.
Maar de jongen maakt er geld van.
Hij verzamelt alles, om het ver weg het er doorheen te jagen.

Deze gelijkenis vertelt de Heere Jezus vooral met het oog op de terugkomst van deze zoon.
Maar ook het begin van deze gelijkenis houdt ons een spiegel voor
nu we een week in gaan
waarin we onszelf onderzoeken hoe onze relatie met God ervoor staat.
In dat onderzoek kunnen we niet voorbij gaan aan onze zonden.
Over zonde las ik deze week de volgende definitie:
Toe-eigenen wat je anders van God zou krijgen.
De jongen zou ooit eens de erfenis krijgen,
maar hij eigende het zich toe, alsof hij er nu al recht op heeft.
Zonde is dan naar jezelf toehalen, toe-eigenen van wat je later gegeven wordt
en het dan ook nog eens op een manier gebruiken die niet past
bij de reden waarom het je gegeven wordt.
Ik denk dat er niet heel veel zijn die in die jongen die diep aan de grond zit,
zichzelf herkennen.
De meesten van u gelukkig niet.
Maar ik denk dat de houding van die jongen aan het begin van de gelijkenis
dichter bij ons komt.
We zijn, denk ik, allemaal wel op zoek naar een gelukkig bestaan, naar leven.
We kunnen er veel voor over hebben om ons eigen geluk na te streven.
Zelfs zoals die jongen, dat je het naar jezelf toehaalt,
toe-eigent en voor nu gebruikt, terwijl je dat later gegeven zal worden.
Een jongen die een relatie uitstapt, omdat hij het in die relatie niet meer vindt.
Je moet toch voor je eigen geluk kiezen?

En dat kan ook naar God toe:
God heeft toch bij de doop beloofd dat Hij het kwade van mij zal weren?
Dan heb ik toch recht op mijn gezondheid
en als ik dan toch ziek wordt of met beperkingen te maken krijg,
dan houdt God bij mij weg, wat Hij mij hoort te geven.
Ik heb er recht op, want gezondheid dat maakt mij pas echt gelukkig.
En voor we het weten hebben we het geschenk van God
veranderd in iets waar we recht op hebben
en dat ons gelukkig maakt
gemaakt tot iets waar we ons leven op bouwen.
Zoals die jongen denkt dat hij gelukkig kan worden met het geld
dat hij kan krijgen als hij zijn vaders erfenis verpatst.

Dat geeft hem een goed leven. Dan merk je pas dat je leeft, bestaat.
En hij heeft niet door dat hij niet alleen het geld van zijn vader er doorheen jaagt
maar ook de verantwoordelijkheid, het familiebezit.
Ik leef voor mijzelf
en de ander, zelfs God, is er om mij te dienen.

In de eerste plaats zullen we onze zonden overdenken en de vervloeking door God.
Dat is niet, omdat God ons eens fijntjes onder de neus wil wrijven
dat we verkeerd bezig zijn,
maar omdat Hij ons wil redden van een verkeerd leven,
Waarin we denken gelukkig te worden, maar waarin we uiteindelijk vastlopen.
We kunnen de schijn ophouden, terwijl we van binnen een leeg leven hebben.
Juist in onze tijd van veel welvaart en rijkdom wordt die leegte ervaren.
Juist bij degenen die een goede baan hebben en een groot huis
kan de leegte zo knagen: is dit alles wat ik heb?
Misschien had die jongen die leegte al ervaren toen hij nog thuis was
en was zijn weggaan een vlucht om de leegte van binnen te ontlopen.
Misschien was die jongen verblind
door de verleiding hij met een rijkgevulde portemonnee leven kon vinden,
vrienden kon krijgen en liefde, aandacht, waardering kon kopen.

Waaruit kent gij uw ellende, vraagt de Heidelberger Catechismus.
Die ellende heeft 2 betekenissen: het is allereerst misère – je bent er slecht aan toe.
En die misère kun je opvullen door te streven naar welvaart en rijkdom,
naar succes, naar beroemd te worden, gezien te zijn.
Maar daarmee kun je die misère alleen verbloemen, verdoezelen, overschreeuwen.
Die misère draag je in je hart,
want wat is die misère is dat je buiten God leeft.
Zoals die jongen niet meer bij zijn vader is en de band doorsnijdt
en in dat vreemde land alles weggooit wat hij van thuis heeft meegekregen:
zijn geloof, zijn opvoeding, zijn beschaving, zijn geld – tot hij niets meer overhoudt.
Weet u het antwoord nog, van de catechismus,
Hoe we onze misère kennen
en hoe we die misère kunnen duiden als een los-van-God gaan?
Uit de wet van God.
Is dat omdat die wet ons steeds aanklaagt en voorhoudt dat we het niet goed doen?
Zeker.
Maar ook omdat in die wet Gods goedheid zichtbaar wordt
en duidelijk wordt hoe God ons leven heeft bedoeld.
Hoe we gelukkig kunnen worden: met Hem.
God wil ons een gelukkig leven geven
en over het hoe doet Hij niet geheimzinnig,
maar het kan niet buiten Hem om.

Voordat ik ontdekte dat er in de gelijkenis een woordspel is rondom dat bezit,
het gebruik van andere woorden en een andere kijk,
dacht ik na over de vraag waarom die jongen de goederen direct verkoopt en weggaat.
Ik dacht bij mijzelf: misschien is die jongen wel verrast door alles wat hij krijgt.
Overweldigd. Hij wist niet dat hij recht had op zoveel
en door de hoeveelheid weet hij van gekkigheid niet wat hij er mee moet.
Zo kunnen we ons ook overweldigd weten
door wat God ons geeft,
maar in plaats van dat het ons dichter bij Hem brengt, raken we van ons af.
Ik hoor dat nogal eens zeggen:
Als ik het goed heb, ga ik toch minder bidden.
Pas als ik in moeilijkheden ben, mijn misère echt realiseer, zogezegd,
dan zoek ik Hem weer op.
Gek is dat eigenlijk. Dan zijn we net als die jongste zoon:
Je krijgt zo ontzettend veel om een goed leven hier te hebben:
de zegen van God en voor je er erg in hebt,
ga je een weg in waarbij je God even niet meer nodig hebt.
De week van voorbereiding is dan weer een bezinning om terug te keren tot God.
Ook die zonde overdenken van het achteloos omgaan
met Gods zegeningen, waarbij je niet bij Hem uitkomt maar bij Hem weggaat.

Tragisch hoe het leven van die jongen verloopt.

Zo had hij zijn weg niet uitgestippeld.
Een beroemde Amerikaanse predikant begon zijn preek over de verloren zoon
met een verhaal dat hij las in de krant:
Een man ging met de bus naar Detroit,
maar zonder dat hij er erg in had stapte hij in de bus naar Kansas
en hij had het onderweg niet door dat hij in de verkeerde bus zat.
Toen hij uitstapte moest hij bij een bepaalde straat zijn.
Niemand kon hem de weg vertellen
en hij werd steeds geïrriteerder want hij wist dat die straat er in Detroit wel was.
Hij had niet door dat hij op 11 uur rijden van zijn bestemming was.
De jongste zoon had niet door dat hij de bus naar de afgrond gekozen had
en dat hij zou vastlopen en alles zou kwijtraken.
In het verlangen naar een goed leven, kunnen we onbewust de verkeerde bus nemen.
Niemand neemt voordat hij gaat trouwen voor om ooit eens te scheiden.
Niemand die kinderen krijgt neemt zich voor om van de opvoeding een zooitje te maken.
Maar het gebeurt. Soms door gebeurtenissen waar je zelf geen grip hebt,
maar ook door de verkeerde keuzes.
En voor een leven waarbij we God kwijtraken – kiezen we daar van tevoren voor?

Het is moeilijk om terug te gaan.
Ik las van de week: Ik ben lang genoeg predikant geweest
om te weten wanneer mensen in misère leven
Dat nog niet betekent dat ze hun leven veranderen.
Ze kunnen van werk veranderen, verhuizen, een andere relatie aangaan,
maar wat ze doen is niets anders dan het herschikken van de meubels.
Wat ze werkelijk nodig hebben is een nieuw leven.
Wat ze werkelijk nodig hebben, is dat ze hun plan opgeven
om weer hun leven vorm te geven
en dat ze leren het leven te ontvangen dat God geeft.
– Dus toegepast op de preek: niet naar je toehalen en toe-eigenen van wat je gegeven wordt
Dat ontvangen, gaf die predikant aan, bestaat in het opgeven van de controle over je leven.
Maar dat, zei hij, is te beangstigend.
Liever de misère dan de zorg en leiding van de Heere.
Maar ook dat is zonde: blijven zitten in de misère omdat je niet kunt ontvangen
en alleen maar kunt toe-eigenen.
Dat is zoiets als de verkeerde bus nemen
maar weigeren om de juiste bus te nemen naar de juiste bestemming.
Uit wrevel, uit angst voor gezichtsverlies – zeg het maar.
Toegepast op het toetsen van onze relatie met God in de komende week.
Je kunt beseffen dat je verkeerde bus genomen hebt
en met de zegeningen van God de verkeerde kant bent uitgegaan
en niet op de bestemming die God voor je bestemde.
Maar daar moet je niet blijven.
Je moet niet blijven steken in dat je het verkeerd hebt gedaan.
We zien dat bij die jongen in dat verre land.
Hij klopt niet aan bij volksgenoten,
terwijl de Joden in het buitenland een goed systeem hadden van aalmoes geven,
financiële ondersteuning aan andere Joden die in armoede vervielen.
Hij klopt niet bij hen aan, maar gaat slavenwerk doen:
Varkens hoeden; de varkens zijn nog meer waard dan hij,
want al verlangt hij het voedsel te eten van die onreine beesten,
het is onbereikbaar.
Hij kan niet meer de sociale ladder beklimmen,
zelfs niet meer in zijn eigen levensonderhoud voorzien, ondanks de zorg van zijn vader.
Alleen dan, wanneer hij niets meer heeft, gaat hij denken aan thuis.
Zo werkt God.
Als wij de bus verkeerd nemen en afdwalen,
kan Hij ons laten uitkomen op de verkeerde bestemming
Waar we niets meer overhouden.
Om ons dan te laten zien dat we dan nog een kant op kunnen: naar Hem.
Je moet terug: naar Jezus.
En dat is niet altijd de makkelijkste stap, want net als de verloren zoon kunnen we dan nog pogen om ons leven overeind te houden.
maar wel de enige juiste: naar Jezus toe.

 

Ten tweede: laat ieder zijn hart onderzoeken of hij de betrouwbare belofte van God gelooft, dat hem al zijn zonden alleen om het lijden en sterven van Jezus Christus vergeven zijn en dat de volkomen gerechtigheid van Christus hem als zijn eigendom toegerekend en geschonken is. Ja, zo volkomen alsof hijzelf, in eigen persoon, voor al zijn zonden betaald en alle gerechtigheid volbracht had.

Ik hoop en bid dat u, dat jij – als je je zonden overdenkt, daar niet blijft steken,
dan heb je de bus gemist
maar uitkomt bij Jezus
en dat als u daar niet komt, dat onze Heere u, jou zelf daar bij Hem brengt.

Amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s