Craig S. Keener – Mijn leven als Hosea

Craig S. Keener – Mijn leven als Hosea
(vertaling)

De meeste mensen kennen mij als nieuwtestamenticus. Om het lezen van de Bijbel in balans te houden, wijd ik mij tijdens mijn stille tijd vooral aan het lezen uit gedeelten uit het Oude Testament. Op een bijzonder diepe manier heb ik God ontmoet tijdens het lezen van profetische boeken als Jeremia en Hosea. God heeft zijn volk bestemd om een intieme relatie met Hem te hebben, een verbondsrelatie die in de Bijbel wordt vergeleken met een huwelijk.

In Hosea horen wij Gods gebroken hart, zijn verlangen naar het volk van zijn verbond, dat Hem vaak ontrouw was. Ze keerden zich daadwerkelijk tegen Hem, de enige die hen echt hielp (Hos. 13:9). God uitte zijn klacht via de profeet Jeremia: Want Mijn volk heeft een dubbel kwaad gedaan: Mij, de bron van levend water, hebben zij verlaten, om zich bakken uit te hakken, lekke bakken die geen water houden (Jeremias 2:13).
God blijft echter in zijn toorn nog trouw aan Israël. In zijn jaloerse liefde verklaarde God dat Hij hen zou ontdoen van alles wat waarde had, de geschenken die zij ten onrechte toeschreven aan de afgoden. Op die manier zou Hij ze leren om alleen van Hem afhankelijke te zijn. (Hos. 2:8-13)
Gegrepen door Gods liefde hield ik een van mijn eerste preken – ik was nog student – over Hosea 11:8. Hier, tussen alle oordeelsaankondigingen door, klinkt de stem van Gods liefde: Hoe zou Ik u prijsgeven, Efraïm, u uitleveren, Israël? Hoe zou Ik u prijsgeven als Adama, met u doen als Zeboïm? Adama en Zeboïm waren steden, die net als Sodom en Gomorra, waren omgekeerd vanwege Gods toorn (Deut. 29:23). God wil Israël niet behandelen als deze steden en daarom roept Hij uit: Mijn hart keert zich in Mij om, al Mijn medelijden is opgewekt. God kiest om Zijn oordeel en toorn in eigen persoon tegen te houden en belooft zelfs zijn volk uit de ballingschap uit te leiden. (Hosea 11:8-11)
Gods liefde voor zijn ontrouw volk wordt concreet gedemonstreerd in Hosea’s huwelijk met een ontrouwe vrouw. (Hosea 1:2) Hosea scheidt van haar vanwege haar ontrouw. Daarmee laat hij Gods oordeel over Israël zien (Hosea 2:1-3). Hoewel exegeten betwijfelen of Hosea zijn vrouw, die hem ontrouw was, weer terugnam, geloof ik zelf dat hij dat deed. Hij wilde op die manier laten zien dat Israël zal worden hersteld.  

Nadat ik mijn studie had afgerond, voerde ik een toneelstuk op, gebaseerd op het verhaal van Hosea. Ik deed dat telkens weer als ik lesgaf over dit boek. Wat ik nooit kon bevroeden, was dat een deel van Hosea’s verhaal mijn eigen verhaal werd.

In het laatste semester van mijn seminarie, begon mijn vrouw over een afscheid van God. Haar gedrag veranderde snel. In mijn gebeden ervoer ik dat God mij vertelde dat zij ontrouw was. Ik was in de veronderstelling dat dit inhield dat zij God ontrouw was. Maar toen zij en de echtgenoot van haar beste vriendin samen een weekend weggingen, realiseerde ik de afschuwelijke waarheid. Toen ze terugkwam, deelde ze mee dat ze bij me wegging en zou trouwen met de echtgenoot van haar beste vriendin.
De twee dingen die mij in die tijd het meest bezighielden waren mijn huwelijk en mijn predikantschap. Voor mijn gevoel waren beide nu verbroken, zonder hoop op herstel. In die tijd bood mijn kerkgenootschap weinig hoop voor degenen van wie het huwelijk stuk liep. (Gelukkig zijn de regels inmiddels veranderd.)
Ik was wanhopig. Ik voelde niet meer Gods aanwezigheid. Ik kon niet meer bidden. Alleen nog maar steeds de naam van Jezus herhalen. Jarenlang had ik een geheime angst: dat als mijn geloof en mijn ervaring van Gods aanwezigheid verbroken zouden zijn, ik zou terugvallen in het atheïsme van mijn jeugd. Nu was ik te gebroken en afgestompt om iets te voelen. Ik had het nodig dat er mensen om mij heen waren die mij voedden met hun wil om te leven. Toch kon ik op de een of andere manier niet twijfelen aan God en zijn aanwezigheid.

In een nacht waarin ik niet kon slapen, ging ik naar buiten om te wandelen. Een politieagent hield mij tegen. Hij was door iemand ingeschakeld die een verdachte man zag rondlopen in de buurt. Ik verontschuldigde mij en vertelde hem dat ik niet kon slapen omdat mijn vrouw bij mij weggegaan was. Ik zag in de ogen van de agent zijn medelijden. Hij zei: ‘Loop maar verder. Ik heb dat vorig jaar doorgemaakt.’
Terwijl ik daar liep en bad, voelde ik dat God door mijn verdoving heen kwam. Hij zei: ‘Mijn kind, je vrouw heeft jou – net als de vrouw van Hosea – niets anders gedaan dan dat mijn volk mij steeds aandoet. Dag en nacht roep ik hen, zodat ze mij gaan liefhebben.  En dag en nacht gaan ze op dingen in waar ze meer van houden dan van mij.’
Mijn eigen pijn hielp mij om duidelijk Gods hart te ervaren. Hij houdt van ons, meer dan we ons kunnen voorstellen. Zijn hart is gebroken vanwege degenen die hem hebben afgewezen, vanwege degenen die kozen voor de kortdurende pleziertjes in plaats van het eeuwige plezier van het kennen van God. Zijn toorn die door de boodschap van de profeten heen klinkt, is niets anders dan het leed van een bedrogen en diep gekwetste echtgenoot. (Hos. 1:6-3:5)
Op een dag bezocht ik een evangelicale gemeente van de presbyteriaanse kerk (PCUSA). De predikant gaf onderwijs vanuit het boek Hosea. Ik deelde hem mijn hoop mee, dat het mijn verhaal zou eindigen als het verhaal van Hosea. Maar deze predikant waarschuwde mij terecht dat God wel eens een ander eind van mijn verhaal had bedacht.
Na 2,5 jaar voerde mijn vrouw de echtscheiding door. Zij trouwde met de echtgenoot van haar vriendin, waarna ik mijn hoop op terugkeer moest opgeven. Ik gaf naar hen beiden aan dat ik van hen hield en hen vergaf. Hoe zou ik niet kunnen vergeten, als ik zelf voortdurend Gods trouwe en onvoorwaardelijke liefde vergeet en toch door door hem vergeven wordt?

Totdat zij de scheiding doorvoerde, deed ik alles om de scheiding te voorkomen. Omdat ik wanhopig bezig om ons huwelijk te helen en bezorgd was voor het geestelijk welzijn van mijn vrouw, was ik bereid om alles te doen om ons huwelijk te herstellen. Zolang ik hoop had dat zij terug zou keren, was ik bereid om de pijn van de afwijzing te verdragen. Ik was niet altijd hoopvol gestemd en soms wilde ik dat mijn leed voorbij was.
Ik realiseerde mij dat God meer geduld kon opbrengen dan ik. Toch suggereert de Bijbel dat er voor God een point of no return is. In zijn oneindige liefde koos God ervoor zijn Zoon te sturen om de pijn van het kruis te lijden. Hij wilde niet de pijn van de eeuwige vervreemding verdragen. Toch blijven mensen volharden in de afwijzing van Gods liefde. Daarom geeft God hen uiteindelijk over aan de scheiding waar zij voor kozen.
Als gelovigen hebben wij het kruis niet afgewezen. Maar soms zijn we net zo ontrouw aan God. Hij verlangt een intiem vertrouwen. Maar vaak gaan we het geluk van deze wereld achterna in plaats van ons met alles wat we hebben en zijn aan God te verbinden. Soms lijken we meer kleuters dan opgevoede kinderen. We roepen God aan als we hem nodig hebben, maar vergeten dat Hij gepassioneerd van ons houd en dat Hij een dynamische relatie met ons wil, die vergelijkbaar is met een huwelijk. Soms kunnen we zelfs in onze religieuze activiteiten uit het oog verliezen wat er echt toe doet. Als gevolg daarvan falen wij in onze wederliefde tot Hem en de naaste, op de manier zoals God doet.

God is geduldig en trouw. Hij voedt om te groeien. Maar soms hebben wij, net als het volk Israël, nodig dat Hij ons leven op orde brengt (disciplineert), zodat we weer op Hem gericht zijn. Als God ons afneemt wat wij waardevol vinden, is dat omdat Hij van ons houdt en ons wil leren om te waarderen wat er echt toe doet.
In de tijd van mijn scheiding was ik bang dat mijn eigen leven voorbij was. Ik voelde mij waardeloos voor het Koninkrijk van God. Een christelijk echtpaar verbrak zelfs het contact met mij. Zij verklaarden dat het weggaan van mijn vrouw een teken was van Gods oordeel over mij.
Toch leefde in mijn hart de overtuiging dat God mij wilde laten zien dat Hij mij liet dienen, ondanks mijn twijfel over mijn nut voor God. Ik bleef mensen tot Christus leiden. Ik leerde mijn studenten om discipel te zijn, in afwachting van de roeping die God volgens mijn overtuiging mij opdragen had. God liet ook merken, dat hij mijn nood zag. Vaak op een ongedachte wijze.
Nu, drie decennia later, ben ik God dankbaar dat Hij mij door deze moeilijke periode heen leidde. Hij was zo genadig om mij toch te gebruiken in zijn dienst. Een korte tijd als predikant, maar vooral in het onderwijzen en schrijven van boeken.
Geregeld verwaarloos ik Gods liefde. Toch herinnert Hij mij steeds aan zijn liefde en trekt Hij mij weer naar zich toe. Het is moeilijk om te begrijpen waarom iemand in staat is om Gods liefde te ervaren en toch niet geheel in de liefde tot Hem opgaat. Zelfs te midden van onze gebrokenheid – juist te midden van onze gebrokenheid – is zijn trouw liefde aanwezig. Dat is ook de boodschap die Hosea bracht. De God met het gebroken hart, wiens liefde eeuwig is, gaat achter ons aan. Tot op Golgotha.

Craig S. Keener
Keener is Hoogleraar Biblical Studies aan het Asbury Theological Seminary en auteur van talloze toonaangevende boeken op nieuwtestamentisch terrein (waaronder een aantal omvangrijke commentaren op boeken uit het NT).
Bron: http://www.christianitytoday.com/ct/2016/january-web-only/my-real-life-hosea-story.html

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s