Preek zondag 20 december 2015

Preek zondag 20 december 2015
Lukas 21: 5-33

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,

Er is een kant aan Gods handelen waar we niet snel mee klaar zijn.
Een kant van Gods handelen dat ons vragen bezorgt,
waar we niet zomaar een antwoord op hebben
en waar we zelfs een heel leven lang mee kunnen worstelen,
omdat voor ons Gods bedoeling niet direct duidelijk wordt.

Dat is dat God onze zekerheden van ons kan afnemen.
De Heere kan ons hele bestaan op z’n kop zetten,
zo ingrijpend dat we niet meer weten wat we ermee aan moeten.

God chaotiseert, stelde ooit eens de hervormde theoloog A.A. van Ruler.
Daarmee bedoelde hij, dat God niet alleen de chaos toelaat.
Dat wordt wel eens gezegd als er iets gebeurt dat wij niet begrijpen
en dat wij niet kunnen rijmen met Gods handelen, met Gods liefde.
God wil het niet, maar Hij laat het wel toe.
Nee, zegt Van Ruler, God laat het niet toe,
maar de Heere doet het zelf:
het chaos veroorzaken, het overhoop halen is een onderdeel van Gods scheppend handelen.
Hij gaf daarbij aan, dat God er een chaos van maakt
als wij als mensen het leven te strak organiseren.
Als de mensen het leven te strak organiseren, gaat de levende God het chaotiseren.
God laat het niet toe, maar doet het zelf, alles overhoop halen,
er een ruïne van maken.
Daarbij is het van belang dat Van Ruler een onderscheid maakt tussen orde en kosmos.
Orde dat is wat God als eerste schept.
Dat is zijn belangrijkste manier van handelen:
Hij schept orde, zodat wij als mensen kunnen leven
en een goed leven hebben.
Maar wat doen de mensen met de orde van God?
Ze maken er een kosmos van.
Daarmee bedoelt Van Ruler: wij mensen bouwen die orde dicht,
door de weg naar God toe af te sluiten.

Zonder de Heere hebben we het ook goed en zonder Hem kunnen we ook leven.
We belijden wel onze afhankelijkheid, maar in de praktijk?
(Klein: gezondheid, werk, dagelijks ritme. In het groot: onze veiligheid, politiek stelsel?)

Al is het bestaan dat wij hebben aan Hem te danken,
we sluiten Hem buiten – en dat is dan de kosmos:
Een dichtgetimmerde wereld – zonder openheid naar boven.
Als de mensen het leven te strak organiseren, gaat de levende God het chaotiseren.
Dat doet God niet zomaar – dat chaotiseren:
Hij verbreekt onze kosmos en dat is ingrijpend,
want we kunnen het gevoel hebben dat onze hele wereld ineenstort en dat we ondergaan,
maar uiteindelijk is de chaos die God schept heilzaam voor ons:
Doordat Hij onze kosmos, onze zelf-gecreëerde zekerheid, verbreekt, chaotiseert
komt er weer ruimte voor Hem in ons bestaan
in ons bestaan dat voor God was afgesloten.

Er zit een troost in de chaos die de Heere met Zijn handelen veroorzaakt,
al is dat niet het eerste waar we aan denken
want het geeft een diepe crisis
en kunnen we er een leven lang mee worstelen waarom dit moest gebeuren.
Midden in de winternacht – zongen we – gaat de hemel open.
Ook de nacht die we over onszelf hebben afgeroepen,
Wordt opengebroken, zodat Gods licht weer zichtbaar wordt,
Maar een pijnlijk, diepingrijpend gebeuren blijft het.
Een crisis.
Wikipedia:  is een zware noodsituatie waarbij het functioneren van een stelsel (van welke aard dan ook) ernstig verstoord raakt.
Een crisis die nodig is – omdat in ons stelsel God geen plaats meer had.

God maakt een chaos, verstoort,
zelfs het meest heilige dat er is op aarde: de tempel.
Zelfs de tempel wordt door Gods hand een ruïne.
De Heere Jezus doet die uitspraak als Hij samen met Zijn leerlingen en de menigte
bij de tempel is,
Een indrukwekkend gebouw – imponerend.
Als een gebouw indrukwekkend is,doet dat iets met ons,
dat imponeert, doet je beseffen hoe klein je zelf bent.
Zo is dat met de tempel ook.
Een indrukwekkend gebouw,
dat was het al, omdat de tempel het huis van God is,
gebouwd om God te kunnen ontmoeten,
Om naar toe te reizen voor de feesten,
om weer in herinnering te roepen dat God de bevrijder is en Zijn zegen geeft.
De orde die God gegeven heeft om met Hem te kunnen leven
om verzoening te kunnen ontvangen.
en om de gemeenschap met Hem te blijven,
om Hem niet te vergeten,
maar vanuit het besef te leven dat God er is, dat Hij zorgt, ingrijpt,
dat er niets in de hemel of op aarde buiten Hem om gaat
en dat Hij in staat is om een uitredding te brengen die door niemand meer wordt verwacht.
De tempel was een geschenk van God.

Maar wat is er  gebeurt?
Herodes heeft de tempel verfraaid,
van een grotere glans en glorie voorzien.
Het was niet genoeg dat God er woonde,
dat het een heilig gebouw was, Gods huis, dat moest er ook van afstralen.
De bezoeker moest onder de indruk komen,
niet alleen van de wetenschap dat God daar is,
maar ook van het gebouw zelf.
Herodes heeft van de orde, die God gegeven heeft, een kosmos gemaakt.
Want hij deed het niet alleen voor God.
Hij had er zelf belang bij, politiek belang, om zijn koningschap zeker te stellen.
Hij was niet door iedereen geaccepteerd, omdat hij geen Jood was.
Een heiden op de troon van Gods volk, de troon die voor het huis van David bestemd was.
Maar wat hij, Herodes deed, werkte:
De mensen spreken vol bewondering over het prachtige gebouw,
over het indrukwekkende gebouw, over alles wat aan God gewijd is
Een gebouw dat grootsheid en eeuwigheid uitstraalt.
Zo dicht bij de tempel, dit indrukwekkende bouwwerk is het niet moeilijk om in God te geloven.
Maar de mensen hebben niet door dat de orde van God in een kosmos is veranderd.
Zelfs van het allerheiligste zijn we als mensen nog in staat
om er een kosmos van te maken,
zelfs bij het allerheiligste dat er is, de eredienst, kunnen we God buitensluiten.
En zelfs het allerheiligste dat er is
kan door God tot een ruïne worden gemaakt, zegt Jezus.
God maakt Zijn eigen vindplaats, dé plek bij uitstek waar Hij is,
Waar mensen Hem kunnen naderen, waar geofferd wordt, waar de verzoening plaats vindt,
waar het hele geloof op rust
– het zal er niet meer zijn en God zelf zal het verwoesten.
En alsof dat nog niet ingrijpend genoeg is, alsof ze daar niet genoeg aan hebben,
zegt de Heere Jezus: Kijk er niet van op, laat je er niet door van slag raken.
Dat is toch wat?
Zou u dat doen, als de Heere Jezus dat over het christendom, over de kerk zou zeggen:
De kerk verdwijnt, maar kijk er niet van op, laat je er niet door van slag raken?
Laat je niet van slag raken als de hele wereld zoals die voor jou bekend is op de schop gaat.
Als de hele wereld een duistere tijd wordt,
Als wat in films als de Hunger Games, Star Wars (wereld die in elkaar stort) niet alleen maar iets uit de film is
maar een werkelijkheid wordt,
zoals nu voor de mensen in Syrië, ook voor de christenen daar
en misschien ook wel op termijn voor ons in het Westen.
Laat je je niet van slag raken.

Wat is dat dan voor een uitspraak? Wat voor een opdracht?
Als er zoiets ingrijpends gebeurt dan raak je toch gemakkelijk van slag?
Als de hele wereld zoals je kent
En dan heb je een nieuwe oriëntatie ook niet zomaar gevonden.
Dat is het aantrekkelijke van een film: je maakt het van nabij mee,
of het je zelf aangaat en na een aantal uur sta je weer buiten
en is alles weer vertrouwd.
Maar in het echte leven heb je een tijd nodig, soms wel jaren.

Laat je je niet van slag raken.
Sterker nog: Hef je hoofd omhoog.
Wanneer we van onze wereld een kosmos hebben gemaakt,
Wanneer we God hebben buiten gesloten, is dat niet mogelijk: opkijken,
want dan hebben we alles dichtgetimmerd.
Gevaar van ons christenen om alleen om ons heen te kijken
of naar beneden, de wereld nemen zoals die is.
De dingen die gebeuren vinden we het moeilijk de hand van God te zien
Omhoog kijken is dan een teken van verzet: we gaan er niet meer in mee
God buiten te sluiten buiten ons leven, onze werkelijkheid.
Uitzien naar zijn komst:

Heft op uw hoofden, poorten wijd!

Wie is het, die hier binnenrijdt?

Begroet Hem, Heer der heerlijkheid

en Heiland vol barmhartigheid!

Hij geeft de wereld ’t leven weer.

Juicht blijde, zingt uw God ter eer,

looft Hem, die sterk van daad

de deuren binnengaat!

Christenen vieren Advent in een donkere tijd,
uit een daad van geloof, verwachting:
Hoe donker het ook is: God komt! Midden in de winternacht, gaat de hemel open.
‘Het is een van de belangrijkste overtuigingen in de Bijbel
daar waar angst, nood, donkerheid, en hopeloosheid het sterkst zijn,
het reddend ingrijpen van God merkbaar dichtbij is.’
Kijk dan op, want de redding is nabij.
Opkijken is niet gemakkelijk – oefenen!
Geloof & hoop.

De nacht is haast ten einde,
De morgen niet meer ver.

Zo is ons God verschenen
in onze lange nacht.

Er zullen veel donkere en bittere nachten komen
en God lijkt wel diep verborgen in onze duisternis.
Toch! We kijken op, omdat we weten dat Hij komt.
Al gaat dat opkijken niet zonder aanvechting, zonder gebed:
O kom, o kom Immanuël,
verlos uw volk, uw Israël.
Amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s