Preek dankdag 2015 – morgendienst

Preek dankdag morgendienst 2015
Vooruit, blik terug!
Genesis 35: 1-15

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,
beste kinderen van C.N.S. “De Regenboog”,

De Regenboog is voor jullie een vertrouwde plek.
Elke morgen en middag ga je er naar toe, lopend, met de fiets of met de auto.
Je weet wie de meesters en juffrouws op de school zijn.
Als je volgend jaar een andere meester of juffrouw krijgt,
Weet je nu eigenlijk al hoe die meester of juffrouw is.
Voor groep 8 is dat na dit jaar voorbij.
Dan begint er een periode op een nieuwe school.
Misschien ben je nu al bezig om je te oriënteren, open dagen of open huizen te bezoeken.
Na de de middelbare school ga je weer verder met leren,
mbo, hbo of de universiteit.
Of misschien ben jij iemand die school niet zo leuk vindt en liefst gaat werken.
Stel dat je over een aantal jaar aan het werk bent
en je moet als timmerman of elektricien aan de slag in De Regenboog.
Het nieuwe gebouw wel te verstaan.
Je loopt er wat onwennig rond.
Was dit de school waar ik op gezeten heb?
Ik ken er niets meer van terug.
Er zijn ook nieuwe meesters en juffrouws
en sommigen van de meesters en juffrouws werken er niet meer, zoals meester Hospers.
Je vertelt het ‘s avonds tegen het meisje met wie je uitgaat,
dat je op De Regenboog bent geweest voor je werk,
maar wat is er veel veranderd!
Dat meisje zegt: “Nou, dan zou ik er niet willen komen!’
“Waarom niet?”
“Ik wil eraan terugdenken zoals het was in mijn tijd.
Ik vind het niet leuk om terug te komen als er zoveel veranderd is.
Dan ken ik mijn school van vroeger niet meer terug!”
Of misschien wel: ‘Ik durf niet, er is zoveel op die school gebeurd.
Ik wil nooit meer terug naar die nare plek.’

Zou Jakob daarom niet teruggaan naar Bethel,
omdat hij bang is dat hij die bijzondere herinnering zou kwijtraken.
Want als hij nu aan Bethel denkt,
Dan denkt hij aan die bijzondere ervaring, aan wat hij heeft gezien:
De ladder die naar de hemel ging, met alle engelen die op en neer gingen en God bovenaan.
Zou hij die herinnering kwijtraken als hij in Bethel kwam,
omdat Bethel er na die 20 jaar dat hij weggegaan is, er zo heel anders uitziet.
De steen die hij overeind had gezet, was er misschien niet eens meer
en dan zou hij gaan twijfelen of het allemaal wel echt was gebeurd.
Of hij durfde niet terug,
omdat hij daar in Bethel weer al die nare herinneringen had,
de angst die hij toen had, omdat Ezau hem wilde doden
en dat hij daarom hard wegvluchtte om zijn leven te redden.
Het zou best wel eens kunnen zijn dat Jakob nooit iets over Bethel en die bijzondere ervaring heeft verteld. Dat was iets voor hemzelf.
Als Jakob na die ruim 20 jaar dat hij weg is, weer in Kanaän terugkomt,
koopt hij in de buurt van Sichem een stuk grond
En dat is een heel stuk van Bethel vandaan.
Dat stukje grond daar heeft zijn grootvader Abraham ook gewoond.
Dat moet maar zijn thuis in Kanaän worden.
Hier bij Sichem moet hij maar zijn bestaan opbouwen.
Daar waar hij is opgegroeid, helemaal in het zuiden,
dat zal wel zo veranderd zijn in al die 20 jaar dat hij weg is.
En Bethel, dat stopt hij maar weg. Daar wil hij niet aan denken.
Ook niet aan de belofte, die hij aan de Heere heeft gedaan:
Ooit, als ik nog eens terugkom, dan ga ik naar Bethel terug om U, Heere, te danken.
Maar nu hij terug is, wil hij niet of durft hij niet.
Waar hij gaat wonen, in Sichem, kan hij ook een altaar bouwen
om God te danken voor zijn terugkomst in zijn eigen land.
Eindelijk thuis, na al die jaren dat hij voor Ezau op de vlucht was en bij Laban moest werken.
Nu is hij weer thuis en Ezau is niet meer boos op hem.
Hij kan hier in Sichem vredig wonen.
Dankuwel, Heere voor Uw zorg.
Maar het blijft niet lang vredig.
Jakob heeft maar één dochter en met haar gebeurt er iets gruwelijks.
Ze is daar niet veilig waar ze wonen
en haar broers Simeon en Levi wreken haar door alle mannen te doden
en Dina te bevrijden
en de andere broers halen als rovers alles uit de stad weg wat kostbaar is.
Zo fijn is het niet om thuis te komen.
Jakob zal er zich heel wat anders van hebben voorgesteld.
Een mooi plekje om te wonen, in het land waar hij is opgegroeid.
Het land waar hij als kind heeft gespeeld, het uitzicht dat hij als kind had
vanaf de plek waar hun tenten stonden.

Je kunt soms heel erg heimwee hebben.
Als je volgend jaar naar het Oostenlicht gaat of naar het LFC heb je in de eerste tijd
misschien ook wel heimwee.
Op De Regenboog was het nog gezellig en kende je alle kinderen
En de leerkrachten en docenten kennen jou amper
want er zijn zoveel leerlingen op die grote school.
Of je bent verhuisd en je denkt nog steeds aan het vorige huis,
Waar je zo fijn kon spelen, met vriendjes en vriendinnetjes in de buurt
die je kwamen ophalen om mee te spelen.
Later als ik zelf groot ben, ga ik er nog naar terug.

En dan komt de Heere God.
Als er zoveel verschrikkelijke dingen gebeuren
En Jakob bang wordt, dat er andere mensen zullen komen
die hem en zijn familie zullen doden.
Dan is daar de Heere God.
Dat zou best wel eens vreemd kunnen zijn, dat de Heere God iets tegen Jakob zegt.
Want heb jij wel eens de stem van de Heere God gehoord
die iets tegen jou zei?
In de Bijbel wordt erover verteld dat de Heere God tot iemand spreekt,
maar dan vergeten we dat het heel bijzonder is
en dat niet zomaar gebeurt.
Ook Jakob zal vast heel verrast zijn.
En wat zegt de Heere God: ‘Jakob, ga terug naar Bethel en blijf daar wonen.’
Bethel – die plek waar hij nooit naar terugdurfde,
omdat hij bang was dat het niet meer hetzelfde is.
Bethel – de plek waar hij weer aan alle narigheid moest denken.
Soms heb je aan een naam genoeg om weer allerlei nare herinneringen te hebben.
Jakob, je bouwt hier in Sichem wel een altaar,
maar je moet dat niet alleen hier doen, maar daar in Bethel.
Vooruit, blik terug!
Denk terug aan dat moment waarop Ik, de Heere, naar je toekwam.
Daar moet je weer naar terug,

Ik vind het jammer dat er in Oldebroek geen monument is van de oorlog.
In Oosterwolde is aangegeven waar een vliegtuig is neergestort in de oorlog.
Er is een wandelpad langs en dan kun je naar de plek lopen
waar dat vliegtuig is neergestort.
Op de begraafplaats heb je wel de graven van de Engelse piloten
die in de oorlog zijn neergestort.
Elke keer als ik op die begraafplaats ben, bij die graven
word ik weer aan de oorlog herinnerd
En ook hoe bijzonder het is dat wij vrij zijn.
Dat jullie naar school kunnen, dat je kunt leren en daarna doorleren
op de middelbare school.
Met een monument kun je terugdenken aan wat er vroeger is gebeurd.
Daarom moet Jakob weer terug naar Bethel
om eraan te denken wat er vroeger is gebeurd.
niet alleen dat hij moest vluchten voor Ezau,
maar dat hij moest terug denken aan de zorg en bescherming van de Heere God.
Bethel is een bijzondere plek.
Als hij die naam weer hoort, moet hij denken aan die ladder
en beseft hij dat de Heere al die tijd voor hem heeft gezorgd.
Jakob roept zijn kinderen bij elkaar, alle knechten die hij heeft.
Jongens, we moeten hier weg.
Naar Bethel
Naar Bethel? Wat is er dan in Bethel? U hebt nooit over Bethel gesproken?
Ik zal het je vertellen.
Moet je goed luisteren. Heb ik je wel eens verteld hoe ik in Paddan-Aram kwam
bij oom Laban?
Omdat u moest vluchten voor Ezau.
Dat klopt. En weet je wat er in Bethel was?
Ik ging daar slapen.
Het was koud, want ik had eigenlijk geen denken. Alleen maar mijn mantel
en kon nergens een kussen vinden.
Ik ben toen maar met mijn hoofd op een steen gaan liggen
en ik viel in slaap.
Terwijl ik sliep, gebeurde er iets bijzonders. Ik zag God.
Ik zag hoe Hij boven aan een ladder stond en ik zag engelen die op en neer gingen op die trap.
Toen wist ik het: God is bij mij.
En nu zegt God: Ga terug naar Bethel.
Bethel is voor mij een bijzondere plaats.
Ik heb er nooit over verteld, omdat ik bij Bethel steeds moest denken hoe moeilijk ik het had.
Ik dacht: Ik red het nooit. Ik zal niet verder kunnen leven.
Maar de Heere God liet mij weten: Jakob, Ik ben met je, je hoeft niet bang te zijn.
Weet je wat de Heere God tegen mij zei?
Vooruit, blik terug.

Jullie moeten iets weten over Bethel.
Ik had het daar moeilijk.
En de Heere God heeft dat gezien en is naar mij toegekomen.

Voor jullie kinderen, voor jullie allemaal is het misschien vreemd,
want ik heb nooit over Bethel gesproken,
maar Bethel is voor mij wel heel belangrijk,
omdat de Heere God naar mij toekwam.
Daardoor wist ik, dat Hij heel de weg met mij mee zou gaan.

Jullie moeten iets voor mij doen.
Ik heb gezien dat jullie nog beeldjes van goden bij je hebt.
Die gaan we wegstoppen in de grond, begraven.
Jullie moeten je wassen en schone kleren aandoen.
Want de opdracht die de Heere aan mij geeft om naar Bethel te gaan
is een bijzondere opdracht. Weet je wat dat betekent?
Dat ik een nieuwe kans krijg van de Heere.
Alle fouten die ik heb gemaakt en die jullie hebben gemaakt, ze worden vergeven.
Vooruit, blik terug – ook naar wat je verkeerd hebt gedaan, want de Heere geeft je een nieuwe kans. Een nieuwe start. Opnieuw beginnen.

Als Jakob in Bethel komt, komt de Heere opnieuw naar hem toe
en zegent hem en zegt: ‘JAkob je wordt een groot volk en Ik ben jouw God.’
Daarop zet Jakob een steen overeind.
Elke keer als hij langs die steen loopt, weet hij het weer: God heeft iets aan mij beloofd.
Ik weet het weer, ik geloof het weer.
Die steen laat mijn dankbaarheid zien,
maar die steen is voor mijzelf ook een herinnering.

Het is ook voor jullie goed als je iets hebt, Dat je herinnert aan de zorg van God,
zodat je er elke keer weer aan denkt: o ja, God zorgt voor mij.
Maar natuurlijk, ik was het even vergeten, maar de Heere ziet mij echt wel
en helpt mij.
Elke keer als je terugdenkt aan een keer dat de Heere je hielp,
bijvoorbeeld toen je het met een toets moeilijk had, of verdrietig was, of je alleen voelde,
of je had iets verkeerds gedaan en durfde dat niet goed te maken
en je merkte dat de Heere God naar je toe kwam,
elke keer als je daaraan terugdenkt, weet je het weer: O ja, maar natuurlijk. Hij is er!

Iets om te herinneren: Monument.
Zelf heb ik een knielbank + kruisVooruit, blik terug.

Gewone dingen: vanmorgen bij het aankleden/ zonsopgang. Mussen.
Herinneren: vooruit, blik terug. Kun je ook weer verder.
Wat de toekomst brengen moge,
mij geleidt des Heeren hand
Moedig sla ik dus de ogen naar het onbekende land.
Vooruit, blik terug en dan kun je ook weer vooruit – met de Heere. Amen



Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s