Preek zondagavond 28 juni 2015

Preek zondagavond 28 juni 2015
Efeze 5:10-21

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,

Amazing grace.
Dat lied haalde president Obama aan,
tijdens de herdenkingsdienst van de vermoorde predikant Clementa Pickney
en hij haalde het lied niet alleen aan,
maar zong het lied ook tijdens de indrukwekkende toespraak.
Amazing grace.
Daarmee volgde hij de opdracht van de apostel Paulus op:
spreek onder elkaar met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen.
We helpen elkaar, geven elkaar steun, bemoedigen en sporen elkaar aan
door de liederen aan te halen, door ze voor elkaar en met elkaar te zingen.
In die herdenkingsdienst van predikant Pickney
werd ook duidelijk welke kracht en troost het geeft
als er onder elkaar psalmen, lofzangen en geestelijke liederen gezongen worden.
In het zingen wordt er een gemeenschap gevormd,
waarbij we elkaar meenemen.
We nemen elkaar mee naar de toon waarop God wordt geloofd en geprezen,
ook al zijn de omstandigheden er niet naar om God te loven,
zoals bij een herdenkingsdienst of afscheidsdienst.
Ik zie dat ook gebeuren bij de rouwdiensten of afscheidsdiensten hier in Oldebroek.
Als de familie die vooraan in de aula zit of vooraan in de kerk
vlak bij de kist met de overleden
door het verdriet niet kan zingen, zingt de gemeente achter hen
met hen en voor hen de liederen die zijn uitgekozen.
Ze worden gedragen door de liederen die de gemeente achter hen zingt.
Ze worden meegenomen, zoals wandelaars die vermoeid zijn
door de rest van de groep wordt meegenomen doordat ze aangespoord worden,
bemoedigd om verder te gaan.

In de kerk zingen we liederen vaak hoger dan normaal.
Dat hebt u vast wel eens gemerkt, omdat u bij bepaalde psalmen of liederen er niet bij kon.
Die hoge toon is niet voor niets:
in de hoge toon worden we meegenomen omhoog, daar waar Christus is.
Laten we onze harten opwaarts heffen, klinkt het voorafgaande aan het avondmaal.
Door op hoge toon te zingen, gaan we naar God toe, heffen we ons hart op.

Zingen helpt ons dat te doen, ons hart omhoog te heffen, naar God toe te gaan
op momenten waarop we het vanuit onszelf moeilijk kunnen.
Het valt me vaak op, dat liederen kunnen doen wat gewone taal, gewoon spreken niet kan.
Tijdens een rouwdienst kan er gezongen worden:
Geloofd zij God met diepst ontzag
Hij overlaadt ons dag aan dag met Zijne gunstbewijzen
Zelfs de laatste regels kunnen gezongen worden:
Hij kan en wil en zal in nood – zelfs bij het naderen van de dood – volkomen uitkomst geven.
Zo kan er ook in tijden van haat, geweld en racisme
gesproken en gezongen worden van genade: amazing grace.

Liederen geven ons woorden, helpen ons te verwoorden,
helpen ons te geloven, op momenten dat het eigenlijk voor ons te hoog gegrepen is.
Ik heb geloofd en daarom zing ik.
Vaker is het: Ik zing opdat ik geloof.

Paulus geeft we onder elkaar moeten zingen:
we zingen met elkaar, er ontstaat iets gemeenschappelijks.
Maar we zingen ook voor elkaar.
We zingen elkaar toe: Beveel gerust uw wegen.
Doe dat nu maar, vertrouw je wegen toe aan God.
Gezongen verkondiging, waarbij we elkaar toezingen, zodat ons geloof wordt gesterkt.

Paulus geeft aan dat we Psalmen, lofzangen en geestelijke liederen moeten zingen.
De kerk heeft vanaf het begin met de psalmen geleefd.
De Heere Jezus zong in de nacht waarin Hij verraden werd, op de lijdensweg psalmen.
De eerste gelovigen waren als Joden gewend om de psalmen te zingen en te bidden
en gingen daar mee door toen ze christen werden.
Psalmen zijn altijd een school geweest, waarop christenen leerden om te bidden.
Gelovigen namen de psalmen in zich op,
baden als gebed hardop de psalmen
en de woorden van de psalmen hielpen om de eigen gebeden te verwoorden.
En als het niet lukte om zelf te bidden of de lof van God te verwoorden
dan viel men terug op de psalmen.
In de psalmen herkende men de eigen weg, de eigen vragen en worstelingen,
Keek men de gelovige in de ziel.
Psalmen waren liederen én gebeden die van vader op zoon werden doorgegeven
om een omgang met God te vinden.
Zing en spreek psalmen onder elkaar.
Als je merkt dat de één de moed dreigt te verliezen, kun je een psalm aanhalen of zingen.
Om de ander te herinneren aan God,
dat God er ook nog is, al wordt Hij niet ervaren.
Zing en spreek met elkaar psalmen om God weer terug te vinden, te zien waar Hij is.
Het gaat Paulus niet om een formaliteit,
maar om de praktijk van geloven
en dat in een tijd waarin het geloven niet makkelijk is, onder druk staat.
Het is een slechte tijd, zegt hij.
Juist in een slechte tijd moet je zingen, het is dan een daad van geloof en verzet.
Geloof dat God er nog is,
dat wat God in de Bijbel deed nog steeds kan doen,
door te zingen herinner je er weer aan en ga je er weer in geloven.
Al is het vaak een aangevochten geloof.
Het is een daad van verzet, omdat je je vastklampt aan God
en je je niet gewonnen geeft aan deze wereld, die je weer terug wil hebben
je niet gewonnen geeft aan de aanvallen van de boze.

Hoewel de psalmen van grote waarde zijn, hoeft het niet alleen bij psalmen te blijven.
Zing onder elkaar lofzangen.
Dat zijn liederen die verwoorden wat God doet.
Ook in de psalmen zijn deze lofzangen te vinden, die de daden van God in herinnering roepen.
In de psalmen wordt er gezongen over bijvoorbeeld gezongen over de uittocht uit Egypte.
Door daarover te zingen,
wekken we het geloof op dat God opnieuw een uittocht kan bewerkstelligen.
Zo hebben de zwarte kerken in Amerika tijdens de slavernij ook gezongen over de uittocht
in hun negro-spirituals: Go down Moses,
omdat ze geloofden dat God hen kon bevrijden van de onderdrukker van de slavenhandelaars
en de plantage-eigenaren die hen slecht behandelden en hard lieten werken.
Gezongen verhalen waarin de slaven hun eigen leven terug vonden,
maar dan wel verbonden aan wat God doet.

Het is voor ons mensen niet altijd te zien welke weg God gaat.
Ook daaraan herinnerde president Obama de gemeenschap in Charleston.
Hij citeerde een ander lied, dat in Amerika heel bekend is.
God moves in a mysterious way.
In het Nederlands vertaald als: God gaat Zijn onbekende gang / vol donkre majesteit.
De weg die God gaat is niet altijd na te rekenen.
Wat voor ons een slag is, kan God tot zegen laten zijn.
De aanslag in Charleston, zo Obama, kan een goede uitwerking hebben,
omdat God ons laat zien hoe mensen door haat geleid kunnen handelen
en de pijn die door mensen wordt veroorzaakt eindelijk voor iedereen zichtbaar wordt.
Zo zingt het lied in de Nederlandse vertaling verder:
Uit grondeloze diepten put / Hij licht en vreugde uit pijn.
Zo zingen we elkaar deze lofzang toe
Als we de wegen van God niet begrijpen en Hij ons door de diepten voert:
onbegrijpelijk voor ons is de weg die God gaat,
maar Hij gaat Zijn weg en verliest het daarbij niet uit de hand.
Door het voor elkaar te zingen en tegen elkaar te zingen
herinneren we elkaar aan dat het geloof zich vasthoudt aan wat niet gezien kan worden
en toch een vaste grond heeft, zoals Hebreeën 11:1 dat verwoordt:
Het geloof is een vaste grond van de dingen die men hoopt en een bewijs van de zaken die men niet ziet.
Niet zichtbaar en toch een vaste grond – in Christus.
Door de hymnen te zingen, laten we aan elkaar zien
herinneren we er elkaar aan op welke manier God door deze wereld gaat
en in ons eigen leven.
God is getrouw, Zijn plannen falen niet, zingen we,
maar we zien het vaak anders en dan bekruipt ons het gevoel
dat het helemaal misgaat en God er niets aan doet.
Daarom zingen we vaak tegen ons eigen ongeloof in.
We zingen ons moed en vertrouwen in.
Veel psalmen en liederen zijn daarom een gesprek,
waarbij we onszelf of een ander aanspreken, om zo geloof en moed te schenken.

En dan geestelijke liederen: niet helemaal duidelijk wat daarmee wordt bedoeld.
In ieder geval gaat het om de band met de Geest.
zingen voor elkaar en met elkaar is een zichtbaar teken van de Geest,
een effect van de Geest in een mens
en een gemeenschap van mensen die ons het geloof toezingen om ons heen.
Een wapen van de Geest om ons vol van de Geest te laten zijn
in een wereld die vol is van heel veel andere dingen,
Van dronkenschap en dwaas gedrag,
een wapen van de Geest om in een slechte tijd ons hart vol van de Geest te laten zijn.
Om op koers te blijven, in het spoor van de Heere Jezus.

Ik maak me wel eens zorgen om het zingen: het raakt er helemaal uit.
Er wordt weinig gezongen.
Buiten de kerk zijn er nog maar weinig plaatsen waar we met elkaar zingen.
Veel mensen generen zich ervoor om te zingen
en doen het daarom maar niet meer.
Maar daarmee raken we wel een middel kwijt om elkaar op te bouwen in het geloof.
Want stel dat er in de Afro-Amerikaanse gemeenschap geen zang was geweest.
Juist het zingen van Obama was zo indrukwekkend:
Amazing grace.
Juist het zingen raakt het hart, dat dragen we mee.

Ik heb dat gezien in verzorgingstehuizen,
waarbij ik diensten moest leiden voor oudere mensen die dement waren
en niets meer wisten.
Het enige dat ik kon doen was een cd meenemen met bekende liederen
om die te laten horen, waarbij te merken was dat die mensen het herkenden.
Dat kan alleen als het zingen niet alleen binnen de kerk gebeurt.
Want als er alleen nog maar in de kerk gezongen wordt, is er geen verbinding meer met ons alledaagse leven en wordt het zingen iets exotisch, iets vreemds.
Daarom begin ik tegenwoordig elke belijdeniscatechisatie met het luisteren van liederen
waarbij de catechisanten aan elkaar laten horen
welke liederen ze luisteren en bij zich dragen als bron om uit te putten.
We gaan daar dan verder over in gesprek.

Juist omdat het lied Amazing grace onderdeel was
van het dagelijks leven van zoveel gelovigen
raakte het een snaar en maakte het indruk.
Dat lied Amazing grace is een bijzonder lied.
Het is geschreven door een man die zelf een slavenhandel had.
In een storm, waarbij hij bijna omkomt, wordt hij stilgezet
en gaat lezen:  de navolging van Christus (Thomas à Kempis)
en tot zijn verwondering gebeurt er iets met hem: een bekering.
Op een keer verwoordt hij zijn verwondering over zijn bekering in een lied:
Amazing grace

Genade, zo oneindig groot.
Dat ik, die ’t niet verdien
het leven vond, want ik was dood
en blind, maar nu kan ‘k zien.

Het bijzondere is dat dit lied van deze voormalige slavenhandelaar
door de nakomelingen van slaven werd en wordt gezongen.
In de bekering, in het zingen vallen de verschillen weg
en worden we één met elkaar, omdat we voor God niet anders zijn.
Door te zingen, met elkaar en voor elkaar,
houden we het besef levend
dat we allemaal Gods genade nodig hebben
en dat Zijn genade onverdiend is.
Door te zingen met elkaar en voor elkaar
wordt het geloof niet alleen van ons verstand, maar van ons hart
van ons helemaal, worden we op God gericht,
opwaarts in de hemel daar waar onze Heere is.
Amen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s