Eugene H. Peterson, The Pastor. A Memoir

Eugene H. Peterson, The Pastor. A Memoir

Veel (het meeste?) pastorale werk gebeurt wanneer we het niet door hebben dat we als pastor bezig zijn. Dat is een van de lessen die Eugene H. Peterson heeft moeten leren op zijn levenslange weg om pastor te zijn. Een weg die hij zelf niet heeft uitgestippeld, maar die hem grotendeels is overkomen. Door wat hij van thuis meekreeg in zijn opvoeding. Door ontmoetingen van mensen die op juiste momenten een afslag wezen. Door lange tijd van dezelfde gemeente predikant te zijn. Door zich steeds te verdiepen in Gods Woord en te zoeken hoe dat Woord van God toegepast kan worden in de Amerikaanse cultuur, de context van zijn gemeente en van hemzelf.

Eugene-Peterson

In 2011 publiceerde hij pastorale memoires over de ontdekkingen die hij deed tijdens zijn weg. Het is het verhaal van een intelligente jongen die als student eerder een toekomst ziet weggelegd als een hoogleraar of een studeerkamergeleerde. Een jongen die, zonder dat hij het zelf en zonder dat zijn omgeving het door heeft, hongert naar kennis en verdieping. Een jongen die zelf in de plaatselijke bibliotheek alle grote schrijvers ontdekt en verslindt.
De memoires van Peterson zijn geschreven in een soort verwondering dat veel stappen in zijn leven uiteindelijk hebben bijgedragen aan zijn ontwikkeling tot pastor. Peterson verwoordt dat door een dichtregel van Denise Levertov te citeren: Elke stap een aankomst (every step an arrival). Het is een verhaal van leiding in het leven, hoe God hem elke stap laat zetten om op zijn bestemming als pastor te komen. Deze regel komt uit een gedicht over een hond, die doelbewust lukraak (intently haphazard) zijn weg gaat. Lukraak, maar niet zonder doel. Dat is een samenvatting van de levensweg van Eugene H. Peterson als pastor.

51ndsDLf2uL._SY344_BO1,204,203,200_

Kindertijd
De memoires beginnen in zijn kindertijd. Zijn moeder leidde in Montana als vrouw een kleine pinkstergemeente die alleen maar uit mannen bestond. In de diensten die zij belegde, vertelde zij op een kleurrijke manier uit de Bijbel. Eugene ging altijd mee. Zijn vader deed nooit mee.
Zijn moeder hield ermee op, toen iemand haar de Bijbeltekst liet lezen over de plicht van vrouwen om te zwijgen in de samenkomsten. Daarna maakte hij in de Pinksterbeweging verschillende predikanten mee. Predikanten die het in Montana maar een paar jaar volhielden en dan een hogere roeping kregen.
Van zijn vader leerde hij een gemeenschap op te bouwen. Een eigenschap die hem van pas bleek te komen, toen hem later gevraagd werd om een gemeente te stichten. Zijn vader was slager en onderhield goede contacten met zijn klanten. Eugene hielp zijn vader in de slagerij. Als Peterson over die periode vertelt, wordt ook duidelijk dat hij heel veel verbeeldingskracht heeft. Hij ziet zichzelf als een priester die samen met zijn vader dienstdoet in het heiligdom. Als er later een predikant komt, die alleen maar bezig is met de offerdiensten uit het Oude Testament, is Eugene eerst gefascineerd. Hij haakt af als deze predikant vergeet dat offeren een smerige, bloederige aangelegenheid is.

Edom
Als middelbare scholier heeft hij een bijbaantje: ‘s nachts moet hij de planten in het stadje van water voorzien. Hij ziet ‘s morgens de zon opkomen. Op een gegeven moment heeft hij een associatie met Psalm 108: Ik wil het morgenrood wekken. Vanaf dat moment gaat de psalm bij  de nachtelijke werkzaamheden een rol spelen.  Een psalm die ook gaat over de vijanden: de Edomieten. Later in zijn periode als gemeentepredikant komt deze psalm terug. Dan leert hij om voor zijn vijanden te bidden, zoals Jezus opdraagt. Wie zal mij naar Edom leiden? bidt de psalm. Later ziet hij in, dat God hem naar Edom heeft geleid, als hij zich in de Badlands van zijn gemeente is.
Peterson gaat Semitische talen studeren en besluit door te gaan naar een seminarie in New York. Doel: hoogleraar theologie worden. Dat seminarie in New York blijkt verbonden te zijn aan een presbyteriaanse gemeente, waar Peterson ook naar toe gaat en gaat meedraaien. Het blijkt de gemeente te zijn – wat hij later ontdekt – een toonaangevende predikant: George Buttrick. Deze predikant nodigt steeds op zondagavond enkele studenten van het seminarie uit voor een gesprek. Peterson raakt betrokken bij de gemeente door het sportteam van de gemeente te coachen. Deze stap blijkt zijn aankomst als presbyteriaans predikant te zijn.
Peterson krijgt een duo-baan: docent Hebreeuws en Grieks en een aantal uur werkzaam als predikant in een gemeente. Deze stap blijkt beslissend te zijn. In plaats van het wetenschappelijke pad op te gaan, trekt de gemeente en ontdekt hij zijn roeping om predikant te worden. Een bijna voltooid proefschrift wordt vernietigd.

De ‘kerk met de gevouwen handen’
Door de presbyteriaanse kerk wordt hij gevraagd om een gemeente te stichting in een nieuwbouwwijk van Bel Air. Een suburbane omgeving waarin de mensen op en top Amerikaans zijn en volgens de American way leven en denken, zoals hijzelf ook doet. Vanaf die tijd ontdekt Peterson welke geweldige spanning en concurrentie er is tussen een American way of life en leven uit Christus. Vanaf die tijd is hij bezig om te ontdekken wat zijn taak als pastor is en waar God in de suburbania van Amerika werkt.
In Bel Air (Maryland) sticht hij samen met zijn vrouw een presbyteriaanse gemeente. De gemeente komt samen in de schuilkelder van hun huis. Deze schuilkelder was gebouwd vanwege de dreiging van de Koude Oorlog. Een van de jongeren noemt deze kerk de catacomben-kerk, een verwijzing naar de eerste christenen. (Het was in theologisch opzicht de tijd van de dood van God.)

De kerk 'met de gevouwen handen' De ‘kerk met de gevouwen handen’

In de omgeving waarin hij verkeert, zijn de psychische problemen groter dan elders in Maryland. Een psychiater nodigt de pastores, predikanten en een rabbijn uit deze omgeving uit om college te geven over psychologie en psychiatrie. Als na 2 jaar deze colleges stoppen, gaat de groep door. Ze gaan, zonder dat ze het weten, op zoek naar hun identiteit als pastor. Het is de rabbijn die hen op het juiste spoor brengt. De rabbijn brengt hen op het spoor van de 5 Megilloth.Aan elk van de grote feesten is een feestrol gekoppeld dat over het alledaagse leven gaat.  Deze 5 feestrollen helpen volgens de Joodse traditie om de grote daden van God te verbinden met het dagelijks leven. Peterson werkt deze lessen uit in Five Smooth Stones for Pastoral Work (1980). Als na jarenlang samenkomen de balans wordt opgemaakt, verwoord een van de collega-predikanten de lessen van de bijeenkomsten: ‘Ik heb geleerd om mijn gemeente te zien als een heilige gemeenschap. Dat veroorzaakte een revolutie in mijn manier van werken. Ik ging mijn gemeente met respect en waardigheid behandelen. Ik denk dat ‘heilig’ het juiste woord is.’

download

Na 3 jaar gaat de gemeente van Peterson een eigen kerkgebouw bouwen. Het wordt een bijzonder concept, anders dan de toenmalige koloniale stijl waarin de kerken in Maryland werden gebouwd, maar geënt op de na-oorlogse kerken in Europa. Dezelfde jongere gaf ook deze kerk een nieuwe bijnaam: ‘de kerk van de gevouwen handen’. Zij vond de kerk lijken op de gevouwen handen van Dürer.

Badlands
Nadat de kerk is gebouwd, komt Peterson onverwachts in een crisis. Omdat hij de American way of life begint te ontdekken. Verschillende gemeenteleden haken af, omdat er nu geen doel meer is. Een Amerikaan moet een doel hebben, en anders trekt hij het niet. En Peterson raakt zelf in vertwijfeling. Moet hij de gemeente verlaten en gaan richten op een nieuw (gemeente- of kerk)bouwplan? Hij besluit te blijven. Het is geen gemakkelijke periode: een periode van 6 jaar, die hij de Badlands noemt.

volcanic-decor

Verwijzend naar het stukje Amerika waar hij steeds doorheen gaat met zijn gezin, op weg naar het Montana van zijn ouders. Op een gegeven moment ontdekt hij dat de natuurlijke Badlands hun schoonheid hebben en ontdekt hij ook dat de geestelijke Badlands hun schoonheid hebben. Ze zijn vormend voor zijn bezigzijn als pastor.
In deze fase leert hij namelijk stil-zitten, zoals een labradorpup de opdracht krijgt om te zitten en alleen maar mag weglopen als de baas dat aangeeft. Hij leert om te zien dat kerkzijn niet afhangt van menselijke activiteit, maar dat hij moet zien waar God werkt. Een omschakeling  van een competatieve predikant (Amerikaanse cultuur!) naar een contemplatieve predikant. Een omschakeling waarbij de juiste mensen er zijn, die hem op het spoor van het gebed brengen, van Karl Barth, die hem volharding leren en de betekenis van stilte, van de sabbat, die hem leren het dagelijks werk als pastor te waarderen.

Eucharistische gastvrijheid
Ook zijn vrouw helpt hem verder. Zij heeft een tuin en ‘doet’ maar wat: niet meer dan tuinieren, haar gezin onderhouden, vriendschappen sluiten met vrouwen die worstelen met hun rol met de opkomst van het feminisme. Haar gastvrijheid wordt een eucharistische gastvrijheid. Ze laat zien dat elke maaltijd een verwijzing is naar het avondmaal. Ze leert de andere huisvrouwen in Amerika dat hun taak niet is om allerlei grootse rollen te hebben, maar een huishouwen waar een gezamenlijke maaltijd gehouden wordt en tijdens de maaltijden gesprekken waarin men zich oprecht in elkaar interesseert.

Presbycostal
Peterson is presbyteriaans predikant met een pinksterachtergrond. Hij wil geen keuze maken. Van de Pinksterbeweging heeft hij geleerd om de Schrift te leven. Van de presbyterianen leert hij dat geloven niet vandaag begint, maar dat er een gemeenschap is door alle tijden heen en over alle continenten. Van de presbyterianen leerde hij dat pastor zijn een bepaalde waardigheid en roeping inhoudt, discipline kent, aandacht voor detail, aandacht voor de nood en de pijn van anderen. Pastor-zijn is een erenaam met een roeping, een all-inclusive way of life (en niet het hebben van een godsdienstige baan.)

peterson-square

Besluit
De memoires zijn vol van bijzondere gebeurtenissen. Al lezende krijg ik de indruk dat het Peterson helemaal niet om die bijzondere gebeurtenissen gaat als zodanig. Hij is aan het ontdekken op welke wegen God zijn leven heeft geleid. Welke stappen hij zette, om op zijn bestemming als pastor te komen. Peterson heeft een grote sensitiviteit en creativiteit. Het gaat het er ook niet om dat te etaleren. Het gaat hem erom dat elke pastor leert om te kijken welke stappen God je laat zetten. Ik denk dat veel predikanten kunnen spreken over verrassende afslagen, bijzondere ontmoetingen, opmerkingen van gemeenteleden die het juiste zetje in een richting zijn. Ook zijn er talloze momenten, die God geeft en die niet worden gezien. Dan spreek ik uit eigen ervaring. Pastor-zijn is allereerst waarnemen van de kansen die God je op je pad brengt. Een all-inclusive way of life en dan niet als belasting, maar met een openheid naar God, vanuit gebed en leven in de Schrift. Een zeer waardevol en voor mij belangrijk boek.

(Sinds enige tijd heb ik gemerkt dat de boeken van Eugene H. Peterson iets voor mij zijn. Dat ging ook via een Every stap an arrival – manier. Ik las in een voetnoot bij Cornelius Plantinga, dat Eugene H. Peterson geregeld in zijn agenda FD zette. Dan had hij een gesprek met Fyodor Dostojewski. Niemand hoefde te weten dat FM geen gemeentelid was. Zijn gesprekken met FD waren niet alleen goed voor hemzelf, maar uiteindelijk ook voor de gemeente. Deze opmerking was voor mij een reden om hem eens te lezen. Every day an arrival.)

N.a.v. Eugene H. Peterson, The Pastor. A Memoir (New York: HarperOne, 2011)


Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s