Een lichtkring om het kruis. Over het nieuwe boek van dr. A. van de Beek

Een lichtkring om het kruis. Over het nieuwe boek van dr. A. van de Beek

In de afgelopen weken las ik de nieuwste Van de Beek: Een lichtkring om het kruis. Scheppingsleer in christologisch perspectief. In aanloop van en tijdens de kerstdagen en de jaarwisseling ging ik mee in zijn verwoording van de scheppingsleer.
Het bleek een goede combinatie te zijn: de voorbereiding op de preken rondom Kerst en  Oud & Nieuw en het lezen van dit boek. Christus die naar de aarde kwam is het Lam dat in de hemel staat als geslacht. Al voor Hij naar de aarde kwam, was Hij reeds de gekruisigde. De schepping is het met het oog op Hem geschapen: een lichtkring om het kruis.

Het boek een lichtkring om het kruis is een lang geformuleerd antwoord op de vraag: God, waarom lyk die wêreld só? (titel van een boek van de Zuid-Afrikaanse theoloog Adriano König, waarmee Van de Beek voortdurend in de weer is).
Het antwoord van Van de Beek – kort geformuleerd: Omdat God de wereld geschapen heeft met het oog op de Gekruisigde en omdat de Gekruisigde de wereld geschapen heeft. Er is nooit een ideale wereld geweest. Pas in de voltooiing als er rust is voor God en voor de verlosten, is de wereld volmaakt.
Van de Beek is ook niet geïnteresseerd in een ideaal oerbegin, een perfecte schepping. Dat leidt alleen maar tot een ideologie, een romantisch terugverlangen naar een wereld die er nooit is geweest. Het boek is een echte Van de Beek: het gaat om deze concrete wereld waarin wij leven. Deze wereld, zoals de wereld is, is door God geschapen. Geschapen met het oog op het kruis. Schepping is niet los van verlossing.
Deze wereld is ook zo, met lijden en zonde, omdat de Schepper geen andere is dan de Gekruisigde: het Lam, staande als geslacht, reeds voor de grondlegging der wereld. Zonde is niet bijkomend voor Van de Beek. Zodra de mens een besef had en kon kiezen, koos hij voor de zonde.

Had God geen andere wereld kunnen scheppen? Deze vraag grenst voor Van de Beek aan blasfemie of is voor hem misschien wel blasfemie, omdat het de vraag is naar een andere God. Christus heeft deze wereld geschapen en dit is onze wereld. Wanneer wij commentaar hebben op deze wereld, hebben wij commentaar op Gods handelen. Maar wie zijn wij, die God ter verantwoording kunnen roepen? Het is juist een kenmerk van de zonde dat wij een andere God willen dat de gekruisigde, die deze wereld schiep.
Maar is God dan de veroorzaker van de zonde? De zonde is wel opgenomen in Gods plan. Van de Beek grijpt terug op het verschil tussen eerste en tweede oorzaak, een onderscheid van de middeleeuwse en reformatorische theologie. God handelt vanuit zichzelf, zonder een andere oorzaak. Al het andere heeft een andere oorzaak.

Dat de zonde en het lijden, dat deze wereld de wereld is die door God geschapen is, is volgens Van de Beek een grote troost. Een grotere troost dan iets afdoen aan de almacht van God door te kiezen voor een God die het ook allemaal niet voorzien heeft. Het is beter te vallen in de handen van God dan in de handen van mensen.
Dat wil niet zeggen dat zijn theologie een theorie is die al het lijden verdringt. Integendeel. Uitvoerig is hij in de weer met de stem van de gekruisigde die opklinkt naar omhoog:  Waarom. Voor Hem is net zo wezenlijk dat Christus gekomen om het lijden te ondergaan. Om deze mensheid aan te nemen: de lijdende en de zondige mensheid.
Christenen lijden, omdat hun Heer geleden heeft. Voorzienigheid is bij Van de Beek een lijden met Christus, met schrijnende waaroms. Het is een leven op weg naar de heerlijkheid, die in dit leven door de dood heen gaat. Want om Uwentwil worden wij de ganse dag gedood.
Deze wereld vol zonde en lijden is de wereld die God geschapen heeft. Het is ook de wereld die God heeft aangenomen in Christus. God laat deze wereld niet los, maar kwam juist. Ook al werd hij door het zijne verworpen. Er is in de huidige theologie vermoedelijk geen scherpere criticus van Marcion dan Van de Beek. Hij nam de mensheid aan in zonde en lijden. Door het oordeel en de dood heen.

‘Die Skepper van die maan en die sterre het in die sandale van die Timmerman van Nasaret deur ons stofstrate gestap. Ja wat is die mens tog dat God aan hom dink, en die mensekind dat Hy ons letterlik kom besoek het?’ (Flip Theron – geciteerd in Een lichtkring om het kruis)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s