Preekvoorbereiding – checklist 1

PREEKVOORBEREIDING – CHECKLIST 1

Bijbeltekst:

Focus/titel:

Function/effect:

Wat is het Woord van God hierin?

Wat mist de gemeente als dit Woord van God niet gehoord wordt?

Belangrijke gedachten uit de exegese voor de preek:

Spanningen in het Bijbelgedeelte:
* Exegetisch:
* Bijbels-theologisch:
* Systematisch theologisch/Ethisch:
* Praktisch-theologisch

A la Luther:

  • Oratio
  • Meditatio:
  • Tentatio:

Raakpunten dagelijks leven + op welke manier

Voor welke hoorder(s)?

Op welke manier worden de kinderen erbij betrokken?

Soort preek:        homilie – themapreek (+ waarom?)

Wat moet de preek bevatten aan: Uitleg – verkondiging – dialoog – verhaal – getuigenis – …. ?

Onderdelen van de preek:
                Titel/focus                           Effect/function
1)
2)
3)
4)
5)

Introductie:                         Bijbeltekst – aanloop – spanning
*Titel/focus:
*Effect/ function:
Beginzin:
Overgang naar:

Einde:
*Titel/focus
*Effect/ function
Slotzin:

Advertenties

Nieuwe bijbelvertaling voor de Inuit

Nieuwe bijbelvertaling voor de Inuit

Met Pinksteren is er ook aandacht voor het zendingswerk. Een belangrijk onderdeel van het zendingswerk is het vertalen van de Bijbel. Onlangs kwam een Bijbelvertaling gereed, die bestemd is voor de Inuit. Deze Inuit (die bij ons misschien beter bekend zijn als Eskimo’s) zijn trouwe christenen. Zij leven in de poolgebieden van Canada. Dat levert voor de Bijbelvertaling de nodige problemen op.


Veel dieren en planten, die in de woestijn of de warme gebieden van het Midden-Oosten voorkomen, zijn voor deze Inuits onbekend. Zij kennen bijvoorbeeld geen schapen of ezels. Deze Inuits hoeden geen dieren; zij jagen er alleen op. Hoe leg je dan in deze cultuur uit dat Jezus de goede Herder is? Of dat Hij op een ezel de stad Jeruzalem binnenreed? Of de wonderbare spijziging in een cultuur die geen brood kent? De woorden ‘verlossing’ en ‘vrede’ komen in hun taal niet voor. Deze woorden zijn voor hen net zo vreemd als een zandduin. Hoe kan het werk van Christus dan worden uitgelegd?
 
Ruim 34 jaar geleden werd begonnen aan dit vertaalproject voor een Bijbel in het Inuktitut, de officiële taal van de Canadese provincies Nunavut, Nunavik en Nunatsiavut. Het merendeel van de Inuits is christen (ong. 30.000). Het Canadese Bijbelgenootschap, die de vertaling begeleidde, wilde de Inuits er volop bij betrekken. 
De coördinator van dit project was de oud-bisschop Benjamin Arreak en de uitvoerder  en de 65jarige predikant Jonah Allooloo uit het dorp Puvirnituq (dat aan de Hudson Baai ligt). De vertaling liet zo lang op zich wachten, omdat zij dit vertaalwerk moesten doen naast hun werk in de kerk. De Anglicaanse Kerk in Canada sponsorde dit project. Op 3 juni wordt deze vertaling officieel in gebruik genomen. (In deze dienst zal ook de St. Jude Cathedral in Iqaluit worden ingewijd. Deze iglokerk brandde in november 2005 af. Wikipedia: http://en.wikipedia.org/wiki/St._Jude’s_Cathedral_(Iqaluit))
DSC07941.jpgScreen Shot 2011-11-23 at 7.17.05 AM.png
De Inuits kwamen met het evangelie in aanraking door onder andere Duitse zendelingen. Zij hielpen de Inuits met het vinden van woorden voor bepaalde begrippen uit het evangelie, die voor hen tot dan toe onbekend waren. Door deze zendelingen noemen de Inuits God ‘guti’, de duivel ‘satani’. De hel is ‘Kapeianatuvik’ (de plaats waar men gekweld wordt) en het paradijs ‘een oord waar men gelukkig is’. De Anglicaanse zendeling Edmund Peck ontwierp in 1894 voor de Inuits een syllabisch schrift, waarin de karakters verwijzen naar een lettergreep.

De Bijbelvertalers losten de problemen op door soms de dieren te omschrijven of door andere dieren te kiezen. Voor het beeld van de herder kozen de vertalers voor een ‘babysitter van jonge honden’. Een ezel werd een-dier-met-lange-oren en schapen werden omschreven als dieren-met-gekruld-haar. De wonderbare spijziging vond plaats met walvisvet. Vrede wordt in deze vertaling omschreven als een toestand zonder oorlog of als een persoon die rustig is. Genade krijgt de omschrijving als iets wat ten deel valt zonder het verdiend te hebben. Een wonder is in deze vertaling iets wat men niet elke dag te zien krijgt.
In Handelingen 2 wordt gezegd, dat door de Heilige Geest de mensen op het tempelplein de woorden van God in hun eigen taal hoorden. Ook voor de Inuits is dat nu het geval.

Bron: http://www.sueddeutsche.de/leben/bibeluebersetzung-mit-problemen-jesus-auf-einem-tier-mit-langen-ohren-1.1362076

Zie ook het bericht in de Washington Post van 2 mei 2012: http://www.washingtonpost.com/national/on-faith/arctic-christians-get-first-complete-inuit-bible/2012/05/02/gIQA38nHxT_story.html

En het bericht in de Anglican Journal van 11 april 2012: http://www.anglicanjournal.com/nc/other/news-items/article/bible-translation-links-inuit-to-word-of-god-10664.html

God in de populaire cultuur

God in de populaire cultuur
Populaire cultuur en christelijk geloof (2)

Hoe wordt er in de populaire cultuur over God gedacht? Wie met deze vraag naar de populaire cultuur kijkt, zal zien dat er volop over God wordt nagedacht.

God kan als personage opduiken. Iedereen kan zich wel een cartoon herinneren, waarin God als een personage is afgebeeld. De reacties op zo’n afbeelding van God zullen verschillend zijn. De een zal de humor kunnen waarderen. Een ander zal zich door zo’n cartoon geraakt voelen, omdat het om iets heiligs gaat: God zelf.
Soms als persiflage op Gods almacht. In zijn boek neemt Reuter een cartoon op van een man op een wolk (de gebruikelijke voorstelling van God als personage in een cartoon!) met een joystick in de hand. Onderaan het plaatje is te zien hoe een auto uit de bocht is gevlogen tegen een telegraafpaal. De bestuurder had door de voorruit op de motorkap. De titel van deze cartoon is: De mens wikt – God beschikt. God heeft zich teveel  in zijn spel laten gaan. De cartoon laat open of dit een kritiek is op de manier waarop God de wereld regeert. Wel laat het alle clichés over God zien, die er in de populaire cultuur zijn: God als een man op een wolk vanwaar hij de wereld (in dit geval: letterlijk) bestuurt. Als God gepersifleerd wordt, wil dat zeggen: mocht God er zijn, dan hoef je hem niet serieus te nemen. Reuter concludeert: binnen de populaire cultuur kan men niets meer beginnen een God die almachtig is. Reuter wil daarom God niet meer zien als een Persoon die almachtig is. Voor hem is God veel meer de grond van het zijn.
Zelf vind ik dat Reuter hier teveel de christelijke traditie over God naar deze tijd verandert en wezenlijke eigenschappen van God opgeeft. In de christelijke traditie is er sprake van het beeldverbod. Dit verbod raakt niet alleen de afbeeldingen van God, maar gaat veel dieper en raakt ook de menselijke gedachten of fantasieën over God. In de traditie wordt dit verschil ook wel eens onder woorden gebracht als het verschil tussen de god van de filosofen en de God van de Bijbel. Neem bijvoorbeeld de bovengenoemde cartoon over de God met een joystick in zijn hand: gaat dit over de god van de filosofen of over de God van de Bijbel? Is dit een cartoon over God of over menselijke gedachten over God?
In de populaire cultuur wordt God niet alleen gepersifleerd of afgedaan als een fabeltje. Reuter laat zien dat er geworsteld wordt met de leiding van God over deze wereld. In veel songs gaan expliciet over God en het lijden. De ene keer is het antwoord in een song dat God het ook niet weet. De andere keer wordt Hij aangeklaagd, omdat Hij niets heeft gedaan. Wat we ook vinden van de populaire cultuur en de manier waarop God aan orde komt, het gaat wel om belangrijke vragen: Wie draagt de verantwoordelijkheid voor hoe het er in de wereld aan toe gaat? Heeft God invloed op gebeurtenissen op deze aarde? En zo ja, wat merken wij daarvan? Via de klaagpsalmen zou wel eens een belangrijke brug geslagen kunnen worden tussen de worsteling met God in de populaire cultuur en het bijbelse spreken over God.
Zelfs de persiflage van de almachtige God moeten we serieus nemen. Want het kan een aanleiding zijn om met jongeren erover door te praten op welke manieren de christelijke traditie heeft nagedacht over God. Waar jongeren afhaken op het christelijk geloof, omdat ze niet meer geloven in een god die op een wolk met een joystick de wereld bestuurt, is de christelijke traditie een bondgenoot, die er belang bij heeft dat dit beeld aan gruzelementen gaat. Want het is niet het beeld dat de Bijbel schetst.

N.a.v. Ingo Reuter, Der christliche Glaube im Spiegel der Popkultur (Leipzig: Evangelische Verlagsanstalt, 2012).

 NB: Een voorbeeld van een film met God als personage is Bruce Almighty (2003). Deze film heb ik niet gezien, dus kan er weinig over zeggen.
Een film die over God en het lijden en het kwaad in de wereld gaat, is de Deense film Adam’s Apple (2005). Ik ben er niet over uit of het een goede film is. Om er iets zinnigs over te zeggen, moet ik de film nog een keer zien. Deze film gaat over het boek Job.

Populaire cultuur en christelijk geloof (1)

Populaire cultuur en christelijk geloof (1)

Films en (pop)muziek vormen een belangrijk deel van onze leefwereld. Veel films en songs bevatten expliciete religieuze thematiek of raken aan belangrijke religieuze thema’s. Vanaf de jaren-’90 is er vanuit de theologie veel aandacht gekomen voor deze religieuze thematiek in films en songs. In 1995 werd er bijvoorbeeld in Duitsland een Werkgroep Populaire Cultuur en Godsdienst (www.akpop.de) opgericht om serieus theologisch onderzoek te verrichten naar films, games, songs, reclame en bestsellers. Door deze fenomenen te bestuderen kan men ontdekken welke thema’s de hedendaagse mensen bezighoudt en welke existentiële en religieuze thema’s hen bezighouden.

Deze thema’s kunnen expliciet ontleend zijn aan de Bijbel of de christelijke traditie. In films of songs wordt geregeld een toespeling gemaakt op de christelijke traditie, bijvoorbeeld door gebruik van christelijke symboliek. Deze verwijzingen gebeurt geregeld ook vanwege kritiek op (het beleid van) de kerk of op de christelijke traditie en krijgt deze symboliek een nieuwe lading. Waar er geen verwijzing is naar de christelijke traditie, raakt de religieuze lading meestal aan een thematiek die ook binnen de christelijke traditie is doordacht en waar de christelijke traditie een heel ander antwoord heeft gegeven. Het kan ook gebeuren, dat er in de populaire cultuur existentiële en religieuze thema’s aan de orde komen, die binnen de kerk en de theologie nauwelijks aandacht krijgen.
In de komende tijd wil ik aandacht besteden aan de religieuze thema’s die in de populaire cultuur aan de orde komen. Ik doe dat aan de hand van een pas verschenen boek van Ingo Reuter, waarin hij de Apostolische geloofsbelijdenis vergelijkt met populaire films en songs.

Hoewel Reuter een (post)moderne herinterpretatie en correctie van deze geloofsbelijdenis voorstaat, kan zijn boek wel helpen bij de doordenking van de christelijke traditie vanuit de populaire cultuur en de populaire cultuur vanuit de christelijke traditie. In de komende bijdragen wil ik aan de hand van voorbeelden uit films laten zien hoe er bijvoorbeeld nagedacht wordt er bijvoorbeeld gedacht wordt over God, de kruisdood van Jezus, zonde en kwaad e.d.
Nu is het heel gemakkelijk om de populaire cultuur als oppervlakkig af te doen. Soms gaat het inderdaad om niet meer dan vermaak. Toch kunnen er onder het oppervlakkige diepere thema’s schuil gaan. Vermaak is niet alleen bedoeld om het (soms saaie) alledaagse te ontvluchten of om te ontspannen. Daaronder kan de wens schuil gaan om het eigen bestaan te ervaren: het verlangen naar een zinvol en gelukkig leven. Het kijken van een film kan ontspanning zijn, maar tijdens deze ontspanning kan iemand ervaringen opdoen, die niet onderdoen voor religieuze ervaringen. In het tijdsbestek van een film kan iemand uitgedaagd worden om na te denken over belangrijke godsdienstige of ethische thema’s. Het bekijken van een goede film kan een even sterke of misschien wel sterker effect hebben dan het beluisteren van een preek.[1]

Een film die op mij grote impact had, was de film All Quiet on the Western Front (1979). Deze film liet mij niet alleen de ogen openen voor de zinloosheid van oorlogsvoering; ook de stemming van deze film heeft mij lange tijd geraakt. Eenzelfde lading van roepingsbesef en zelfopoffering had voor mij For Lions and Lambs (2007).
Daarentegen is voor mij een slechte film een grotere afknapper dan een slecht geschreven boek. Ik heb dat vooral bij films waar de boodschap is waar je moet worden wie je bent – bevrijd van knellende (religieuze) banden.

Voorbeelden hiervan zijn Chocolat (2000) en As at is in Heaven (2004), die deze verlossing op een voor mij kitscherige manier uitwerken.

Het lied, dat Gabriëlla in de film As it is in Heaven zingt, is overigens een mooie illustratie van postmoderne religiositeit: Vanaf nu is mijn leven van mij. (Met Nederlandse ondertiteling: http://www.youtube.com/watch?v=JNG5RYGHtX4) Dit lied is te beschouwen als een postmoderne ‘geloofsbelijdenis’. Postmoderne religiositeit is een bekering tot het (echte) leven. En dat is in films veelvuldig te zien. De films As it is in Heaven en Chocolat laten ook zien, dat deze bekering tot het echte leven gepaard gaat met kritiek op de kerk, die dit leven in de weg staat.
Voor Reuter is de bekering tot het echte leven onderdeel van het bevrijdende van het evangelie.
Uit het boek van Reuter leer ik om bij alle kritiek die ik heb het onderliggende verlangen naar echt leven wel serieus te nemen. Niet alleen vanuit een missionaire drive om buitenstaanders te winnen. Ook betrokken gemeenteleden zien in films hun verlangens verbeeld. Ook voor hen kan de wisselwerking tussen christelijke traditie en populaire cultuur van belang zijn.

ds. M.J. Schuurman

N.a.v. Ingo Reuter, Der christliche Glaube im Spiegel der Popkultur (Leipzig: Evangelische Verlagsanstalt, 2012).
http://www.eva-leipzig.de/product_info.php?info=p3245_Der-christliche-Glaube-im-Spiegel-der-Popkultur.html

Zie voor de website van Ingo Reuter: http://www.ingo-reuter.de/page/index.php?page=home


[1] Martin Nicol en Alexander Deeg hebben een model van dramaturgisch model van preken maken ontwikkeld, waarbij in de leer gegaan wordt bij o.a. films.