Het begin van de verhalen over Abraham

Het begin van de verhalen over Abraham

De verhalen over Abraham heb ik vaak gehoord. Op school en zondagschool werden deze verhalen verteld. Ze werden voorgelezen uit de kinderbijbel. Maar waar beginnen deze verhalen? Die verhalen over Abraham kan men op verschillende plaatsen laten beginnen:

(1) De roeping van Abram (Genesis 12:1)
De verhalen zoals ik ze herinner beginnen met Genesis 12:1: de roeping van Abram. Abram hoort de stem van de HERE, die zegt dat hij zijn vaderland en familie moet verlaten en moet wegtrekken naar het land dat de HERE zal laten zien.
Als dit het begin is, ligt de nadruk op de radicale breuk van Abram met zijn herkomst. In latere tradities wordt zelfs gezegd dat Abram, voor hij de stem hoorde, de afgoden diende. Abram wordt weggeroepen uit die wereld. De reis van Abram is niet alleen een geografische verandering een bekering, een verandering van godsdienst.
Er zijn twee redenen om deze verhalen-cyclus niet hier te laten beginnen:
a) De reden van de breuk met het verleden is niet duidelijk. Waarom wordt Abram weggeroepen? Wat is het doel van zijn nieuwe toekomst?
b) Het bijbelboek Genesis rept al eerder over Abram.

(2) Het nageslacht van Terach (Genesis 11:27)
Vanaf Genesis 11:27 wordt een geslachtsregister onderbroken en wordt de aandacht gevestigd op Terach en zijn nakomelingen. Recente en oudere commentaren op Genesis laten de cyclus over Abraham en/of de aartsvaders hier beginnen (Claus Westermann, Horst Seebass, Lothar Ruppert). Literair begrijpelijk, want de aandacht die op de familie van Terach gevestigd wordt onderbreekt een geslachtsregister.
Wanneer de verhalen hier beginnen, betekent dat er een verband gezien wordt (al dan niet redactioneel gecreëerd) tussen Genesis 1-11 (de oergeschiedenis) en Genesis 12-36 (de geschiedenissen over de voorvaderen van Israël). Westermann spreekt van een overgang. Na de oergeschiedenis begint er een nieuw begin, met een focus die uiteindelijk uitloopt op Israël. De God van Israël is de Schepper van hemel en aarde.
(Al zijn de meeste geleerden vandaag de dag van mening dat het verband tussen de voorvaders en de uittocht uit Egypte pas laat in de geschiedenis van Israël wordt gelegd. De verhalen over de aartsvaders en over de uittocht zouden eerst los van elkaar hebben gefunctioneerd.)

(3) Het geslachtsregister van Sem (Genesis 11:10)
De ontdekking die ik deed, was dat de verhalen van Abram beginnen in Genesis 11:10. Vanaf dat moment wordt het geslachtsregister van Sem verteld dat via Arpachsad loopt. Ik meen tegen te komen zijn dat ook Joodse exegese hier een begin ziet.
Dit geslachtsregister volgt op de torenbouw van Babel (Genesis 11:1-9). Vanuit het begin in Genesis 11:10 valt dit op. Het geslachtsregister via Sem-Arpachsad is het tweede geslachtsregister na de zondvloed. Het eerste geslachtsregister loopt uit op de torenbouw van Babel. Dan valt mij op: in Genesis is er sprake van (wat Augustinus noemde) twee rijken: Babel en wat God steeds doet. Genesis is a tale of two cities (vgl James A. Loader). Na de zondvloed heeft de mensheid niet geleerd. Na die redding loopt die lijn uit op Babel: een plaats om een naam voor zichzelf te bouwen (Genesis 11:4). Een veel latere koning zegt in de typisch Babelse trant: zie het Babel dat ik gebouwd heb.

Abram weggeroepen
Abram wordt weggeroepen uit dát Babel, dat zondige Babel (dwz het rijk dat zich verzet tegen God), naar de ‘stad van God’. Genesis 12:1 is dus niet zomaar een opdracht, maar de roepstem tot leven. Evangelie: roept God een mens tot leven.
Vanuit de christologie kan men zeggen: God wil niet dat Zijn Zoon geboren wordt in Babel. De incarnatie die vanuit Abraham loopt is dus weer een verzet van de Here tegen dat Babel.
Dan valt in Genesis 11:27-32 op dat Terach wegtrekt uit Babelse streken. Wellicht door het overlijden van zijn zoon. Hij gaat op weg naar Kanaän. Alleen – halverwege blijft hij steken. In Charan vestigt hij zich. Terach blijft in de invloedssfeer van Babel. Na zijn dood wordt Abram weggeroepen naar Babel. Niet meer de schijn van Babel, maar het land dat JHWH laat zien. Abram moet alles van Babel opgeven: het land, het huis van zijn vader, zijn familie. Hij krijgt er alleen een land voor terug. Abrams naam en grootheid wordt door JHWH gevestigd.
Huis (byt) kan ook de betekenis hebben van ‘alles wat in het huis aanwezig is’. Abram volgt dat bevel niet op: hij neemt schapen en runderen mee. Zoals later vaker zou blijven, dwaalt Abram steeds weg van Gods opdracht en belofte. Als hij in het land aankomt, gaat hij gelijk weer buiten dat land wonen (Genesis 12:9). Het blijkt moeilijk om op Gods belofte te vertrouwen.

Een nieuw begin door JHWH
Nadat de mensheid de geschiedenis op Babel laat uitlopen, grijpt JHWH in. Niet de ogenschijnlijke grootheid van Babel, maar de gebruikelijke kwetsbaarheid van Gods handelen (waar prof. dr. A.vd Beek mooie dingen over zegt). Tegenover het machtige Babel laat JHWH de heilsgeschiedenis lopen via één familie. Eén familie die nog bedreigd wordt ook: de ene zoon sterft. De vrouw van de andere zoon blijft kinderloos. Zal dat – zoveelste nieuwe begin door JHWH – dan toch een mislukking worden? Blijft er nog iets van de heilsgeschiedenis, het heilshandelen van de Here over?

ds. M.J. Schuurman

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s